Maandelijks archief: januari 2009

de redenaar en zijn tekstschrijver

vanavond om 20.55 op Nederland 2 bij Tegenlicht
documentaire over Jon Favreau de speechwriter van Barack Obama

Deze documentaire over Jon Favreau die de toespraken schrijft voor Barack Obama wil ik vanavond niet missen. Dinsdag 10 maart om 15.05 wordt deze uitzending herhaald op dezelfde zender.

Wat maakt een politieke toespraak historisch? Hoe kan een president zich via woorden onsterfelijk maken? En welke invloed had zijn retoriek op de massale jongerenbeweging die Barack Obama hielp om president te worden? Achter de historische speeches van Barack Obama schuilt een piepjonge speechschrijver. Tijdens de verkiezingen schreef Jon Favreau de toespraken waarmee Obama als totale nieuwkomer de harten van miljoenen Amerikaanse kiezers wist te veroveren. Jon is net zevenentwintig en nu al benoemd tot hoofd speechschrijver van Obama in het Witte Huis. Hij wordt daarmee het jongste lid van president Obama’s inner circle in de West Wing. Wie is Jon Favreau? Waar komt hij vandaan? Wat bracht hem zó snel, zó dicht bij het hart van de Amerikaanse politieke macht?
 
Bron: vpro.nl
Obama

QuintillianusQuintillianus
De kunst van het spreken werd al 25 eeuwen geleden gezien als een hoeksteen van de staat. In het oude Griekenland verwoordde Aristoteles de eisen voor een goede toespraak. In de eerste eeuw na Christus werkte Quintillianus dit uit in een lijvig boek, dat in het Nederlands de titel De opleiding tot redenaar kreeg.
Bron: refdag.nl

Tegenlicht [ vpro.nl ]

Jan Wie?

ik herontdekte het prachtige schilderijtje van Jan Ekels II

Dankzij het rijkswidget van het Rijksmuseum (onderaan deze pagina) kwam ik het onderstaande schilderij van Jan Ekels II uit 1784 weer eens tegen. Jan Ekels II is een blinde vlek in mijn kunsthistorische kennis. Maar in de Nederlandse schilderkunst is de hele achttiende eeuw een ondergeschoven kindje. De periode tussen de schilders van de Gouden Eeuw en die uit de Romantiek wordt meestal met zevenmijlslaarzen genomen, omdat er niet zo veel (meer) te melden lijkt. Toch zijn er in de achttiende eeuw in ons land enkele zeer goede schilders en schilderijen die nauwelijks onder de aandacht komen. Het onderstaande schilderijtje is daar een goed voorbeeld van.

Jan Ekels II 1784
Een schrijver die zijn pen versnijdt
27,5 x 23,5 cm

Het tafereeltje met bescheiden afmetingen (27,5 x 23,5 cm) roept bij mij associaties op met de intieme interieurs die Adolph Menzel in de veertiger jaren van de negentiende eeuw schilderde. Maar dit interieur werd al in 1784 geschilderd, lang voor de Biedermeiertijd. Het grijpt terug naar de 17e eeuwse Hollandse meesters Vermeer, de Hooch en Metsu. Jan Ekels II gebruikt ook licht- en spiegeleffecten om de ruimte op een spannende manier open te breken.

Een jonge man zit aan een schrijftafeltje. Zijn gezicht en handen zijn in de spiegel te zien. De schrijver is bezig zijn pen, een ganzeveer, bij te snijden. De man zit ontspannen te werken, zijn jas heeft hij nonchalant over een stoel gegooid. Aan de muur, naast de spiegel, hangt een spel: een speelbord met een zakje stukken. Jan Ekels maakte dit schilderijtje in 1784. Hij bracht een sober ingerichte kamer en een doodgewone bezigheid op een bijzondere manier in beeld. De schijnbaar toevallige enscenering en het spiegelbeeld zijn prachtige vondsten.
 
Het gordijn is dichtgeschoven, maar door een spleet valt wat daglicht. De manier waarop dat licht langs de wand strijkt en hier en daar de dingen aanstipt doet denken aan het werk van de 17de-eeuwer Vermeer. Diens interieurschilderijen ademen eenzelfde verstilde sfeer. Vermeers ‘Brieflezende vrouw’ is een voorbeeld. Ook hier gaat het om een eenvoudig vertrek met een enkele figuur, verdiept in een simpele, stille handeling, bij een raam.
 
Net als Vermeer specialiseerde Jan Ekels II zich in sobere interieurs met één of enkele figuren. Naast Vermeer was het Franse neo-classicisme van invloed op Ekels’ werk. De helderheid en uitgewogen composities van Ekels’ schilderijen zijn kenmerkend voor het classicisme. Ekels leerde het classicisme kennen in Parijs, waar hij een paar jaar gewoond heeft. De ‘schrijver die zijn pen versnijdt’ is een topstuk in de Nederlandse schilderkunst van de 18de eeuw en een hoogtepunt in Ekels’ oeuvre. Het Rijksmuseum bezit nóg een ‘schrijver’ van Ekels, maar dat schilderij is minder opvallend, het mist het verrassende spiegel-effect.
 
Bron: Rijksmuseum.nl

Jan Ekels II (1759 – 1793) was een Nederlands kunstschilder en zoon van Jan Ekels de Oude. Jan Ekels de Jonge kreeg les van zijn vader en bezocht de Amsterdamse Tekenacademie. Ook studeerde hij twee jaar in Parijs, waar hij kennis maakte met het classicisme. In zijn genrestukken werd hij beïnvloed door 17de-eeuwse kunstenaars als Johannes Vermeer, Gabriel Metsu en Pieter de Hooch. Ook schilderde hij het enig bekende portret van Egbert van Drielst. Ongeveer 50 schilderijen zijn van hem bekend. De kunstenaar stierf op 33-jarige leeftijd en werd begraven vanuit een logement in de Nieuwe Doelenstraat.

‘het onheilige rusland’

gelezen in Trouw: Geschiedenis zonder herinnering
Dina Chapajeva over de hype van de gothic cult roman in Rusland

In de Orthodoxe Kerk wordt soms gesproken over het heilige Rusland en in zekere zin bestaat dat ook. Kijk maar eens naar het leven van de (laatste) staretsen van Optina, de hl. Serafim van Sarov, de hl. Johannes van Kronstadt, de hl. Silouan de Athoniet of vader Arsenij, om er maar een paar te noemen, en we weten dat het zo is. Tegelijkertijd bestaat er ook zoiets als het onheilige Rusland waar het Russische volk in de duistere eeuw die achter ons ligt, zo onbeschrijfelijk onder geleden heeft. Sinds 1991 neemt de Orthodoxe Kerk in de Russische samenleving weer een rol van betekenis in, heerst er een enorme kerkelijke bouwactiviteit en is de stem van het heilige Rusland sterker gaan klinken en daarmee bedoelen we de stem van talloze martelaren, heiligen en ‘strastoterpetsy’ die Rusland rijk is. Tegelijkertijd klinken ook de stemmen van het onheilige Rusland. In Letter & Geest (Trouw) van dit weekend schrijft Dina Chapajeva een alarmerend artikel over het morele verval in Rusland, met name onder jongeren. Miljoenen jonge Russen zijn in de ban van gothic cult romans waarin moraal wordt afgewezen en geweld wordt verheerlijkt. Dina Chapajeva denkt dat dit komt omdat het huidige Rusland nog niet heeft afgerekend met het eigen sovjetverleden.

Ночной
De cult roman Ночной дозор (Nachtwacht) van Sergei Lukjanenko is in Rusland een hype. Naast de boeken worden er ook veel games, DVD’s en CD;’s verkocht.
Het belangrijkste kenmerk van een gothic moraal is niet het afwijzen van een oud ethisch systeem(bijvoorbeeld de hypocriete sovjetmoraal). En ook niet het omarmen van een nieuwe ethiek (de ’strenge maar rechtvaardige„ regels van de maffia). De gothic moraal is het ontkennen van een abstract waardensysteem dat voor alle leden van een gemeenschap zou moeten gelden. Die totale ontkenning leidt tot een cultus van geweld. De gothic moraal beschouwt moord als een alledaagse routine – wie telt (dode) mensen mee? „Leven tegenover dood, liefde tegenover haat, en geweld tegenover geweld, want geweld staat boven de moraal“, concludeert de held uit „Nachtwacht„.
 
De helden van deze fantasyromans richten zich alleen op hun eigenbelang. Ze zijn de hoogste rechters geworden. Er is geen gezamenlijk begrip van goed of kwaad, zelfs niet tussen leden van dezelfde clan. Abstracte normen en waarden worden maken plaats voor concrete beslissingen die niet gegeneraliseerd kunnen worden. Iedere vorm van altruïsme en elk collectief project zijn in hoge mate bezoedeld. De enige concrete realiteit is de strijd voor het persoonlijk welzijn.
 
Bron: Letter & Geest van 24 januari 2009 [ trouw.nl ]
Koreaanse uitgave van Nachtwacht
Gewelddadige pulp is geen typisch Westers decadent fenomeen zoals wel eens te gemakkelijk verondersteld wordt. Hierboven een Koreaanse uitgave van Ночной дозор

Ночной дозор
Der erste Band der Reihe, Wächter der Nacht (russ. Originaltitel: Notschnoj dosor), erschien erstmals 1998 und wurde in Russland schnell zu einem Bestseller, vor allem im Zuge der erfolgreichen Verfilmung. Sergei Lukjanenko ließ dem Roman daraufhin zwei Fortsetzungen folgen: Wächter des Tages (russ. Originaltitel: Дневной дозор; Transkription: Dnewnoi dosor oder Dnewnoj dosor) im Jahr 2000 sowie Wächter des Zwielichts (russ. Originaltitel: Sumeretschny dosor) im Jahr 2005. Im April 2007 erschien der vierte Band unter dem Titel Wächter der Ewigkeit (russ. Originaltitel: Последний дозор Transkription: Poslednij dosor, wörtlich “Die Letzte Wache“). Eine Fortsetzung, die Kurzgeschichte Die kurzen Wächter (Transkription: Melkij Dosor), wurde von Sergej Lukianenko im Sommer 2007 in einem russischen Sammelband mit Namen Mify megapolisa (Мифы Meгaпoлиca) veröffentlicht. Die Romane wurden international vermarktet und in viele Sprachen übersetzt. In Deutschland wurden sie ab dem Jahr 2005 vom Heyne-Verlag in einer Übersetzung von Christiane Pöhlmann veröffentlicht.

Bron: de.wikipedia.org

wie is Sergei Lukjanenko [ en.wikipedia.org ]