Dagelijks archief: zaterdag 24 januari 2009

‘het onheilige rusland’

gelezen in Trouw: Geschiedenis zonder herinnering
Dina Chapajeva over de hype van de gothic cult roman in Rusland

In de Orthodoxe Kerk wordt soms gesproken over het heilige Rusland en in zekere zin bestaat dat ook. Kijk maar eens naar het leven van de (laatste) staretsen van Optina, de hl. Serafim van Sarov, de hl. Johannes van Kronstadt, de hl. Silouan de Athoniet of vader Arsenij, om er maar een paar te noemen, en we weten dat het zo is. Tegelijkertijd bestaat er ook zoiets als het onheilige Rusland waar het Russische volk in de duistere eeuw die achter ons ligt, zo onbeschrijfelijk onder geleden heeft. Sinds 1991 neemt de Orthodoxe Kerk in de Russische samenleving weer een rol van betekenis in, heerst er een enorme kerkelijke bouwactiviteit en is de stem van het heilige Rusland sterker gaan klinken en daarmee bedoelen we de stem van talloze martelaren, heiligen en ‘strastoterpetsy’ die Rusland rijk is. Tegelijkertijd klinken ook de stemmen van het onheilige Rusland. In Letter & Geest (Trouw) van dit weekend schrijft Dina Chapajeva een alarmerend artikel over het morele verval in Rusland, met name onder jongeren. Miljoenen jonge Russen zijn in de ban van gothic cult romans waarin moraal wordt afgewezen en geweld wordt verheerlijkt. Dina Chapajeva denkt dat dit komt omdat het huidige Rusland nog niet heeft afgerekend met het eigen sovjetverleden.

Ночной
De cult roman Ночной дозор (Nachtwacht) van Sergei Lukjanenko is in Rusland een hype. Naast de boeken worden er ook veel games, DVD’s en CD;’s verkocht.
Het belangrijkste kenmerk van een gothic moraal is niet het afwijzen van een oud ethisch systeem(bijvoorbeeld de hypocriete sovjetmoraal). En ook niet het omarmen van een nieuwe ethiek (de ’strenge maar rechtvaardige„ regels van de maffia). De gothic moraal is het ontkennen van een abstract waardensysteem dat voor alle leden van een gemeenschap zou moeten gelden. Die totale ontkenning leidt tot een cultus van geweld. De gothic moraal beschouwt moord als een alledaagse routine – wie telt (dode) mensen mee? „Leven tegenover dood, liefde tegenover haat, en geweld tegenover geweld, want geweld staat boven de moraal“, concludeert de held uit „Nachtwacht„.
 
De helden van deze fantasyromans richten zich alleen op hun eigenbelang. Ze zijn de hoogste rechters geworden. Er is geen gezamenlijk begrip van goed of kwaad, zelfs niet tussen leden van dezelfde clan. Abstracte normen en waarden worden maken plaats voor concrete beslissingen die niet gegeneraliseerd kunnen worden. Iedere vorm van altruïsme en elk collectief project zijn in hoge mate bezoedeld. De enige concrete realiteit is de strijd voor het persoonlijk welzijn.
 
Bron: Letter & Geest van 24 januari 2009 [ trouw.nl ]
Koreaanse uitgave van Nachtwacht
Gewelddadige pulp is geen typisch Westers decadent fenomeen zoals wel eens te gemakkelijk verondersteld wordt. Hierboven een Koreaanse uitgave van Ночной дозор

Ночной дозор
Der erste Band der Reihe, Wächter der Nacht (russ. Originaltitel: Notschnoj dosor), erschien erstmals 1998 und wurde in Russland schnell zu einem Bestseller, vor allem im Zuge der erfolgreichen Verfilmung. Sergei Lukjanenko ließ dem Roman daraufhin zwei Fortsetzungen folgen: Wächter des Tages (russ. Originaltitel: Дневной дозор; Transkription: Dnewnoi dosor oder Dnewnoj dosor) im Jahr 2000 sowie Wächter des Zwielichts (russ. Originaltitel: Sumeretschny dosor) im Jahr 2005. Im April 2007 erschien der vierte Band unter dem Titel Wächter der Ewigkeit (russ. Originaltitel: Последний дозор Transkription: Poslednij dosor, wörtlich “Die Letzte Wache“). Eine Fortsetzung, die Kurzgeschichte Die kurzen Wächter (Transkription: Melkij Dosor), wurde von Sergej Lukianenko im Sommer 2007 in einem russischen Sammelband mit Namen Mify megapolisa (Мифы Meгaпoлиca) veröffentlicht. Die Romane wurden international vermarktet und in viele Sprachen übersetzt. In Deutschland wurden sie ab dem Jahr 2005 vom Heyne-Verlag in einer Übersetzung von Christiane Pöhlmann veröffentlicht.

Bron: de.wikipedia.org

wie is Sergei Lukjanenko [ en.wikipedia.org ]

over de schoonheid en de pijn

Jaap de Vries ontvangt de Wim Izaksprijs

Schilderkunst kun je op verschillende wijzen indelen, bijvoorbeeld naar tijdvak, stijl, genre, techniek of doelgroep. Omdat de belangrijkste indeling, namelijk goede en slechte schilderkunst, altijd een persoonlijke keuze is, zijn alle andere indelingen uiteindelijk niet zo belangrijk. Categorieën als klassieke muziek en popmuziek, traditionele en moderne kunst zijn tenslotte lege hulzen waar je weinig aan hebt. Het gaat erom waar je door geraakt wordt. Persoonlijk kijk ik liever naar schilderkunst van voor 1900 omdat deze mij meer bevredigt wanneer het gaat om aandacht, gelaagdheid en techniek. De officiële schilderkunst van de twintigste eeuw is vaak een reflecterende schilderkunst, een schilderkunst die zichzelf bekijkt. Zoals de meeste moderne kunst heeft ze de sterke neiging om grensoverschrijdend en conceptueel te zijn. Op dit punt haak ik meestal af, omdat het kader dat de traditie stelt mij te lief is. Omdat de aandachtige waarneming en het ambacht mij te lief zijn.

Jaap de Vries
Jaap de Vries Black Box (2008)
acrylverf op aluminium, 140 cm x 190 cm

Tien dagen geleden liet ik hier een schilderij zien van Tjebbe Beekman. Een rauwe en verontrustende voorstelling die vanuit een beklemmend wereldbeeld geschilderd is. De ‘landschappelijke’ schilderijen van Jaap de Vries lijken vanuit een soortgelijke visie tot stand te zijn gekomen: grote doeken met donkere tinten en een rauwe, verweerde uitstraling die bij mij associaties oproepen met troosteloze plekken waar liquidaties plaatsvinden of met grootstedelijk verval en criminaliteit. Niet iets om vrolijk over te worden. Maar Jaap de Vries vindt dan ook dat kunst pijn moet doen. Voor deze visie is er een selecte doelgroep, die uiteraard veel kleiner dan het publiek dat zich de ogen laat strelen en de ziel laat troosten met kleurige Alpenlandschappen op kalenderplaten die een beeld geven van een mooie(re) wereld. Ieder zijn meug.

Behalve voor Immanuel Kant en degenen die zijn Kritik der Urteilskraft hebben gelezen, brengen de meesten van ons schoonheid in verband met (goede) smaak. We redeneren doorgaans dat wat voor de een mooi is, voor de ander lelijk kan zijn, en dat schoonheid daarom dus een relatief begrip is. Zoals we relativisten zijn geworden in de ethiek en menen dat ‘de’ waarheid niet bestaat, zo zijn we ook relativisten in de esthetica en menen we dat ‘de’ schoonheid eveneens niet bestaat. Net als over mening en smaak valt er over waarheid en schoonheid ook (niet) te twisten. Waarheid en schoonheid zijn door deze radicale subjectivering dus relatieve begrippen geworden. Daardoor is ook de samenhang tussen het Schone, het Ware en het Goede op losse schroeven komen te staan. Ik schrijf deze Drieslag opzettelijk met hoofdletters, omdat ik ervan overtuigd dat deze Drie ontsnappen aan smaak en mening.

In de officiële hedendaagse schilderkunst, en daarmee bedoel ik schilderkunst die door musea voor hedendaagse schilderkunst wordt aangekocht, lijkt de methodische twijfel tot doel verheven. Er mag vooral geen eenduidige boodschap worden verkondigd. De subjectieve interpretatie van de beschouwer is heilig en wordt door de kunstenaar meestal geprikkeld maar nooit onderwezen. Zodra er toch een eenduidige boodschap lijkt door te komen, moet deze met complexiteit (meerdere lagen) en ironie weer worden afgebogen. Traditionele schilderkunst is niet alleen wat vorm (geschoolde techniek als basis) maar juist ook wat inhoud betreft (enkelvoudig ideaal zonder ironie) tamelijk tegengesteld aan de officiële hedendaagse schilderkunst.

Natuurlijk blijven traditionele en officiële hedendaagse schilderkunst categorieën, lege hulzen en blijft er tenslotte alleen maar goede en slechte schilderkunst. En dat is wat mij betreft niet zozeer een kwestie van smaak als wel een kwestie van eenheid (of het ontbreken daarvan) tussen het Schone, het Ware en het Goede.

jaapdevries.eu | kunst moet pijn doen [ trouw.nl ]