De vrouwelijke hoofdrol is perfect ingevuld door Godards echtgenote en muze Anna Karina. Als dochter van Von Braun, Natascha, heeft zij geleerd geen emoties meer te voelen, maar Lemmy weet toch tot haar door te dringen. Karina laat zien niet alleen over een klassieke schoonheid te bezitten, maar ook over acteertalent: haar transformatie wordt volkomen geloofwaardig en ontroerend gespeeld. Een andere belangrijke rol is voor Alpha 60, er zullen weinig mensen zijn bij wie de doordringende stem van deze supercomputer geen indruk heeft gemaakt, of je je er nu aan ergert of niet, deze stem vergeet je je leven lang niet meer. Hetzelfde kan eigenlijk van de film gezegd worden. Geen film om rustig achterover te leunen, voor een optimale beleving van „Alphaville„ moet je je eigen interne computer aan het werk zetten. Vreemd? Dat zeker, maar ook heel inventief en eigenzinnig.Bron: movie2movie.nl
fragment uit Alphaville
l’amoureuse
Elle est debout sur mes paupières
Et ses cheveux sont dans les miens,
Elle a la forme de mes mains,
Elle a la couleur de mes yeux,
Elle s’engloutit dans mon ombre
Comme une pierre sur le ciel.Elle a toujours les yeux ouverts
Et ne me laisse pas dormir.
Ses rêves en pleine lumière
Font s’évaporer les soleils
Me font rire, pleurer et rire,
Parler sans avoir rien à dire.Paul Eluard (uit: Capitale de la douleur, 1926 )

in Alphaville
Deze Amerikaanse film noir naar een roman van
Bernlef: Er zijn twee concepten waarmee we ons door het leven slaan. Het ene is onze positie in de ruimte en het andere is onze positie in de tijd. Tijd en ruimte. Als die concepten worden aangetast, dan leef je in een eeuwig bedreigend heden. Elke handeling die je moet doen, is nieuw, onbekend. Dat is… ik bedoel… dit boek (Hersenschimmen) is maar een vage afspiegeling van hoe érg het is, hoe érg het moet zijn.
De onvermijdelijke vraag aan de schrijver, die inmiddels in de zeventig is, luidt of hij zélf niet bang begint te worden voor het vertroebelen van zijn eigen geest. Bernlef: “Mijn geheugen voor dingen in de tijd is slechter geworden: wanneer iets precies is gebeurd, weet ik soms niet meer. Het gekke met herinneringen is dat je je totaal onbelangrijke dingen vaak het helderst herinnert. Zo zie ik zo voor me hoe mijn moeder in een bepaalde lichtval een brood staat te snijden. Maar vraag me niet naar mijn eerste verliefdheid. Mensen zeggen weleens: „Wacht maar tot je ouder wordt, dan komen al je jeugdherinneringen weer haarscherp terug. Maar ik ben nu 73, en ik zit nog te wachten.” (












