Maandelijks archief: augustus 2016

historisme in Metz [ 2 ]

op 4 juli bezochten we het station van Metz
het eindpunt van de Kanonenbahn en paradepaardje van het Duitse Keizerrijk

Het belangrijkste bouwwerk dat het Duitse Keizerrijk in Metz heeft achtergelaten, is het station. Het werd ontworpen door Jürgen Kröger (1856-1928) en gebouwd tussen 1904 en 1908 in een eclectische stijl. Het eerste wat opvalt, is de compacte monolithische vertrekhal met klokkentoren. De zijarmen rekken het gebouw uit tot niet minder dan 300 meter.

Metz station
het station van Metz (1904-1908)

Kröger combineerde Romaanse en Byzantijnse vormelementen met de ringerike-stijl. Deze stijl treffen we ook aan in de boekverluchtigingen uit de tijd van de Liudolfinger (919-1024). Deze stijlen moeten Lotharingen een Duitse grondslag in de geschiedenis geven.

Metz station
Het station is weelderig versierd met sculpturen die variëren van archetypische figuren tot eigentijdse taferelen.
Metz station
kapiteel met figuren
Metz station
kapiteel met figuren
Metz station
kapiteel met locomotief

Het station van Metz had voor het Duitse Keizerrijk vooral een militaire betekenis. Het was het eindpunt van de Kanonenbahn Berlijn – Metz, een strategische spoorlijn dus. In het geval van een oorlog met Frankrijk zou Duitsland in staat moeten zijn om in korte tijd zijn troepen vanuit Berlijn naar het gebied rond de Moselstellung te transporteren. De norm voor de Kanonenbahn was het transporteren van twintigduizend manschappen binnen 24 uur. De perrons zijn lang en breed en bevinden zich zelfs op twee niveaus.

Metz station
gevelsteen bij de wachtkamer eerste klas
Metz station
de entree van de keizerlijke loge. Binnen bevindt zich een glas-in-lood-raam van Karel de Grote met de gelaatstrekken van Wilhelm II.
Metz station
Het station van Metz laat soms duidelijk zien dat het Duitse Keizerrijk zichzelf zag als een erfgenaam van het Byzantijnse Rijk.
Metz station
De opening van het station op 17 augustus 1908

Volgende keer: de Avenue Foch (de voormalige Kaiser Wilhelm Ring).

historisme in Metz [ 1 ]

op 4 en 5 juli bezochten we het Quartier impérial de Metz

Metz 1900-1938Ons bezoek aan de Franse stad Metz confronteerde mij vooral met het Duitse keizerrijk en het historisme aan het begin van de twintigste eeuw. Ik wist dat Metz tussen 1871 en 1918 een Duitse stad was (en tussen 1940 en 1944 opnieuw), maar ik was er nog nooit geweest. Toen we aan de hand van de gids Metz 1900-1939 een lange wandeling maakten door het stadsdeel dat aan het begin van de twintigste eeuw gebouwd werd, drong het tot mij door hoe het imperialisme wel tot de Eerste Wereldoorlog moest leiden. In dit deel van Metz proef je nog altijd het machtsvertoon van het keizerrijk. Omdat de stad voor de geallieerden in Frankrijk lag, werd ze nooit getroffen door bombardementen en daardoor is een stukje Duits Keizerrijk ongeschonden aan ons overgeleverd.

Het hart van “de nieuwe stad” zoals deze tussen 1900 en 1914 tot stand kwam, wordt gevormd door het kolossale station en de Avenue Foch. (tot 1918 Kaiserring). Het werd gebouwd als de façade van het Duitse Keizerrijk en moest de wereld laten zien hoe machtig Duitsland rond 1900 was. Eigenlijk kopieerde Wilhelm II de stijl van Napoleon III. Zijn grootvader was de Franse keizer in 1871 opgevolgd als de machtigste man van Europa. Frankrijk was door Duitsland vernederd. Dat liet Duitsland zijn aartsrivaal goed voelen. Overal in Duitsland verschenen monumenten die herinnerden aan de Franse nederlaag en de Duitse overwinning bij Sedan in september 1870. Omdat Duitsland Elzas-Lotharingen, dat sinds 1681 door Frankrijk bezet was, heroverd had etaleerden de Duitsers hun macht vooral hier. En Metz was misschien wel dé stad waar het Duitse Keizerrijk de Fransen recht in hun smoel duidelijk maakten dat zij nu onderop lagen.

Metz
Michaela in de Rue Gambetta, het hart van het keizerlijke kwartier. Rechts het enorme postkantoor in rundbogenstil en daarachter het station.
Metz was misschien wel dé stad waar het Duitse Keizerrijk de Fransen recht in hun smoel duidelijk maakte dat zij nu onderop lagen.

In de architectuur van het nieuwe Duitse stadsdeel werd alles uit de kast getrokken om de Fransen te laten zien dat Elzas en Lotharingen vanuit de geschiedenis gezien Duits gebied zijn. Zo werd de zogenaamde rundbogenstil, een stijl die zich rond 1830 met het Duitse nationalisme verbonden heeft, veelvuldig toegepast.

Metz
Het kolossale postkantoor van Metz (1911) werd gebouwd in neo-romaans, de zgn. rundbogenstil

Daarnaast werd er ook gebouwd in de stijl die Beaux-Arts genoemd wordt. Het is eigenlijk neo-barok en zowel Napoleon III als Wilhelm II hielden ervan omdat deze stijl rijkdom en macht uitstraalt. Ze paste daarom uitstekend in het politieke programma van het Duitse Keizerrijk: de wereld tonen hoe rijk en machtig het was.

Metz
een blok in mondaine Beaux Arts stijl aan de Place Raymond-Mondon. Tot 1918 stond hier een standbeeld van Frederik de Grote

De rundbogenstil had niet de allure van de Beaux Arts stijl maar volgde een andere lijn: de wereld laten zien dat Metz van oudsher hoort bij de Rijnlandse (Duitse!) cultuur. Daarom werden er veel elementen uit de Rijnlandse cultuur toegepast. Zo dienden de salische Dom van Speyer en de staufische abdijkerk Maria Laach als voorbeelden. De stijlementen die aan deze bouwwerken ontleend zijn, kun je in de container historisme of eclecticisme gooien, maar ze waren juist bedoeld om te herinneren aan de Duitse identiteit van Elzas-Lotharingen.

Volgende keer: het keizerlijke Hauptbahnhof Metz (1904-1908)

Quartier impérial de Metz [ fr.wikipedia.org ]

Augustinus van snoepgoed [ 2 ]

op 21 juli bezochten we de voormalige kloosterkerk van Rottenbuch
met Augustinuscyclus (ca. 1750) van Matthäus Günther (1705-1788)

De kloosterkerk van Rottenbuch (Beieren) werd rond het midden van de 18e eeuw gedecoreerd. Matthäus Günther schilderde een omvangrijke een cyclus met episoden uit het leven van de heilige Augustinus. Door zijn Belijdenissen (397/8) , wel eens de eerste spirituele autobiografie uit de geschiedenis genoemd, weten we in vergelijking met andere heiligen veel over zijn levensloop.

Rottenbuch
de cyclus met episoden uit het leven van de heilige Augustinus bevinden zich aan weerszijden van de beide muren van het middenschip. Ze zijn gevat in cartouches met opvallend symmetrisch rocaille. Deze versterken de associatie met het plaatje uit een poesiealbum.

De religieuze schilderkunst uit de achttiende eeuw is duidelijk te onderscheiden van die van de eeuw ervoor en erna. In de barok van de zeventiende eeuw zijn de voorstellingen meestal veel donkerder en zwaarder, terwijl in de negentiende eeuw de religieuze schilderkunst historisch verantwoord is. Na 1800 zien we steeds meer de vruchten van wetenschappelijk historisch onderzoek. Bijbelse en historische figuren dragen daarom geen eigentijdse kleding meer en ook de eigentijdse (neoclassicistische) architectuur maakt plaats voor architectuur zoals deze ooit geweest moest zijn.

Maar in de fresco’s van Matthäus Günther (1747) is van de zwaarte van de zeventiende eeuw en van de objectiviteitsdrang van de negentiende eeuw niets te zien. In de snoeperige voorstellingen verschijnen de figuren in rijke Venetiaanse kledij zoals bij Veronese en Tiepolo.

Augustinus
Augustinus bij de Manicheeërs
En zo kwam ik terecht bij mensen vol hoogmoedige waanzin, vleselijk gezind en praatziek, in wier mond strikken van de duivel waren en vogellijm, bereid met bijvoeging van de uiterlijke klank van Uw naam en van de Heer Jezus Christus en van onze Trooster, de Heilige Geest. Deze namen weken niet van hun mond, maar ze waren niet meer dan een klank en een geluid van de tong; hun hart echter was zonder enige waarheid. En zij zeiden: “waarheid en waarheid” en zij hadden het tegen mij druk over haar, maar zij was nergens in hen te vinden, maar zij spraken onwaarheid niet slechts over U, die in waarheid de Waarheid bent, maar ook over de elementen van deze wereld, Uw schepping.
 
Bron: Belijdenissen
Augustinus
de doop van Augustinus in Milaan in 387
Wij voegden hem bij ons als iemand van gelijken leeftijd als wij in Uw genade, ter opvoeding in Uw tucht: en wij werden gedoopt en de bekommerdheid over ons vroegere leven ging weg van ons. En ik kon mij in die dagen niet verzadigen aan de wonderlijke liefelijkheid, gelegen in de overdenking van de diepte van Uw raadsbesluit tot redding van de mensheid. Hoe weende ik bij Uw lofliederen en gezangen, heftig geroerd door de liefelijk klinkende stemmen Uwer kerk! Die stemmen stroomden mijn oren binnen en de waarheid droppelde helder in mijn hart en vrome aandoeningen welden daarin op, en mijn tranen stroomden en het was mij goed met hen.
 
Bron: Belijdenissen
Augustinus
de priesterwijding van Augustinus in 390
Augustinus
Het graf van Augustinus
In de cartouche boven de tombe van Augustinus staat “erit sepulchrum ejus gloriosum” (zijn graf zal heerlijk zijn) een profetie van Jesaja.