maandag 31 oktober 2011
hoog hoger hoogst [ 16 ]
de oudste wolkenkrabbers van New York (1889-1894)

Negentiende eeuwse hoogbouw spreekt tot mijn verbeelding. De architecten van de vroege wolkenkrabbers stonden met het ene been al in de twintigste eeuw, maar met het andere nog helemaal in de negentiende eeuw. Dat is goed te zien in Lower Manhattan waar zich nog altijd de grootste concentratie wolkenkrabbers bevindt, die aan het begin van de twintigste eeuw gebouwd zijn in uiteenlopende neostijlen. Tegenwoordig bepalen de zakenpaleizen in Art Deco en de glazen dozen in de internationale stijl de skyline van Lower Manhattan, maar sommige vroege wolkenkrabbers zoals het neo-gotische Woolworth Building, zijn nog altijd duidelijk aanwezig. De Duitse blogger Schaedel maakte een aantal websites over de oudste wolkenkrabbers van New York, die inmiddels allang zijn afgebroken. Meestal zijn deze gebouwd in een pompeuze neo-barok stijl die Beaux-Arts wordt genoemd.

Tower Building
Tower Building (1889-1914) in de negentiende (links) en twintigste (rechts) eeuw

Tower Building (48 m)
Het Tower Building (1889-1914) aan Broadway 50 van Bradford Lee Gilbert was de eerste echte wolkenkrabber van New York met een stalen skelet. Het werd ongeveer tegelijkertijd met de Eiffeltoren gebouwd en was met zijn elf verdiepingen 48 meter hoog. Nadat het 25 jaar dienst had gedaan, werd het in 1914 alweer afgebroken. Bijna aandoenlijk is een foto van honderd jaar geleden waarbij je de eerste wolkenkrabber als een dwerg ziet ingeklemd tussen zijn veel hogere nakomelingen.

World Building
stereofoto uit 1897 van het World Building (1890-1955) dat van 1890 tot 1994 het hoogste kantoorgebouw ter wereld was.

World Building (94 m)
Een jaar later verrees vlakbij, aan de Park Row het World Building van architect George Browne Post. Het was bijna twee keer zo hoog dan het Tower Building en tot 1894 het hoogste kantoorgebouw ter wereld. Maar nog altijd waren kantoorgebouwen lager dan de hoogste kerktorens, al stelde het World Building de nabijgelegen Trinity Church al in zijn schaduw. Het World Building zou in 1955 worden afgebroken. Er kwam geen hogere wolkenkrabber voor in de plaats, maar een brede autosnelweg naar Brooklyn Bridge.

Manhattan Life InsuranceBuilding
Het Manhattan Life Insurance Building (1894-1963) aan Broadway 64-66 was tussen 1894 en 1899 het hoogste kantoorgebouw ter wereld. In 1904 kreeg het een andere koepel (foto rechts)

Manhattan Life Insurance Building (106 m)
De opvolger van het World Building als hoogste gebouw van New York, was het 106 meter hoge Manhattan Life Insurance Building van de architecten Kimball & Thompson. Het was het eerste kantoorgebouw ter wereld dat de honderd meter grens overschreed. Maar nog altijd was de domtoren in Utrecht hoger… Daarin zou snel verandering komen. Vijf jaar was het 119 meter hoge Park Row Building verrezen dat bijna tien jaar lang het hoogste kantoorgebouw ter wereld zou blijven. Het Manhattan Life Insurance Building werd in 1963 afgebroken.

Manhattan 1902
de skyline van Manhattan in 1902
links het World Building (94m) en in het midden Park Row Building (119 m)

meer uit deze reeks | ephemeralnewyork.wordpress.com

zondag 30 oktober 2011
Licht van de wereld
Rembrandt en de aanbidding van de drie koningen (1632)

In 1632 schilderde de 26-jarige Rembrandt de aanbidding van de drie koningen. Meestal werd dit bekende Bijbelse thema door de schilder in opdracht voor de katholieke kerk uitgevoerd. Maar in de protestantse Republiek der Verenigde Nederlanden waren het juist de particulieren die opdracht gaven voor een Bijbelse voorstelling. Meestal ging het dan om schilderijen met bescheiden afmetingen. De stad Leiden stond in de eerste helft van de zeventiende eeuw bekend om haar fijnschilders en voordat hij naar Amsterdam verhuisde, was Rembrandt daar gewoon één van. Zijn schilderijtje van de drie koningen van is slechts 45 cm hoog en 37 cm breed.

Rubens
Pieter Paul Rubens 1624
aanbidding van de drie koningen (447 x 336 cm)

De aanbidding van de koningen is een thema dat Rembrandt zeker gekend moet hebben van prenten die hij verzameld had. De bekendste voorstelling uit Rembrandt’s tijd was waarschijnlijk die van Pieter Paul Rubens. Deze schilderde het tafereel als een Italiaan met veel bravoure en sprezzatura op een enorm formaat. In de geest van de barok stapelt hij zijn figuren op elkaar en deze nemen bijna de hele ruimte in beslag. Behalve een stukje blauwe lucht bovenin is er nauwelijks diepte. Rembrandt pakte het voor zijn bescheiden schilderijtje anders aan. Evenals de katholieke schilder Abraham Bloemaert uit Utrecht en velen met hem, koos hij voor het moment waarop koning Balthasar voor het Christuskind neerknielt en Hem mirre aanbiedt.

Bloemaert
Abraham Bloemaert 1624
aanbidding van de drie koningen (voorstudie)

Rembrandt laat het licht als een spotlight op de knielende koning Balthasar, Maria en Jezus vallen. In het halfdonker staan de lijfwachten en het gevolg van de drie koningen. De meest opvallende figuur is de centraal geplaatste koning die ons als onze getuige recht in de ogen kijkt, terwijl hij met zijn hand Jezus lijkt te willen bevestigen als het Licht van de wereld. De parasol lijkt Rembrandt van zijn leermeester Pieter Lastman geleend te hebben. Rechts op de achtergrond staan de paarden en kamelen waarmee de drie koningen naar Bethlehem zijn gereisd. Achter Maria staat Jozef die zijn hoed heeft afgenomen en nederig het hoofd buigt voor het hoge en nachtelijke bezoek.

Rembrandt
Rembrandt Harmenszn. van Rijn 1632
aanbidding van de drie koningen (45 x 39 cm)

Rembrandt laat ons zien hoe het licht in de wereld komt, in fysische en metafysische zin. Hij is niet alleen een tovenaar met verf, maar ook een verkondiger van het Woord. Rembrandt moet zich verwant hebben gevoeld met Johannes de Doper zoals deze door de evangelist Johannes beschreven wordt: “Hij kwam als getuige, om van het licht te getuigen, opdat iedereen door hem zou geloven. Hij was niet zelf het licht, maar hij was er om te getuigen van het licht: het ware licht, dat ieder mens verlicht en naar de wereld kwam.”

Rembrandt
aanbidding van de drie koningen (detail)
Rembrandt laat ons zien hoe het licht in de wereld komt,
in fysische en metafysische zin.
Hij is niet alleen een tovenaar
met verf, maar ook
een verkondiger van het Woord.
Rembrandt
De aanbidding van de herders 1646
Veertien jaar later schilderde Rembrandt deze voorstelling waarin hij van het Christuskind de lichtbron heeft gemaakt.
zaterdag 29 oktober 2011
Be a mensch!
opnieuw gezien: The Apartment (1960) van Billy Wilder

The ApartmentOp de harde schijf van onze DVD-recorder blijken nog vier films van Billy Wilder te staan, die ik begin dit jaar heb opgenomen van de Belgische televisie. Some Like It Hot (Canvas, 25 december 2010), Sunset Boulevard (Eén, 16 januari 2011), Sabrina (Eén, 13 februari 2011) en The Apartment (Eén, 27 februari 2011).

Some Like It Hot (1959) wordt de beste filmkomedie aller tijden genoemd. Benedict Taschen gaf in 2001 een monumentaal boek uit over deze film. Billy Wilder (1906-2002) kon het vlak voor zijn dood nog inkijken. Toch vind ik The Apartment (1960) nóg leuker. Terwijl Some Like It Hot een zonnige komedie is (al vallen er ook doden), is The Apartment wranger. Jack Lemmon speelt een sukkel van het kantoor. Door de hilariteit die hij opwekt, zou je bijna vergeten dat hij een bestaand type vertegenwoordigt: de sneue vrijgezel die op elke manier zijn superieuren wil behagen. Hij gaat zover mee in het delen van hun schaamteloze corruptie, dat zijn buurman hem erop aanspreekt. “Be a Mensch!” Maar ook al doet hij alles voor promotie, in zijn hart blijft hij toch een brave man. En in het meisje van de lift vindt hij zijn gelijke. Ook zij zit verstrengeld in de corruptie op het kantoor en hunkert naar echte liefde. The Apartment heeft daardoor iets van een sprookje en in de nieuwjaarsnacht komt het toch allemaal goed.

No, sir, it’s very unfair…
Especially to your wife.

C.C.Baxter (Jack Lemmon)

J.D. Sheldrake: Ya know, you see a girl a couple of times a week, just for laughs, and right away they think you’re gonna divorce your wife. Now I ask you, is that fair?
C.C. Baxter: No, sir, it’s very unfair… Especially to your wife.

The Apartment [ woest & vredig ] | The Apartment [ imdb.com ]

vrijdag 28 oktober 2011
hoog hoger hoogst [ 15 ]
nostalgisch New York op skyscrapercity.com

Op skyscrapercity.com vond ik bergen historische foto’s van New York.

Brooklyn Bridge en Woolworth Building
Neo-gotiek in Manhattan: Brooklyn Bridge (1883) en Woolworth Building (1913)
Park Row Building en Gillender Building
twee negentiende eeuwse wolkenkrabbers: de constructie van Park Row Building (1896-1899) en de deconstructie van Gillender Building (1896-1897) in 1910.
Manhattan 1902
de skyline van Manhattan in 1902
met in het midden Park Row Building (119 m) dat van 1899 tot 1908 het hoogste kantoorgebouw ter wereld was.

Old pics New York City [skyscrapercity.com]
neo-gotiek in New York [ nyc-architecture.com ] | meer uit deze reeks

donderdag 27 oktober 2011
nors gezicht
Art Deco als overgangsstijl tussen Jugendstil en Nieuwe Zakelijkheid

Art Deco zou je kunnen zien als overgangsstijl die de ornamentele Jugendstil met de kale Nieuwe Zakelijkheid verbindt. De frivole Jugendstil krijgt in de Art Deco een nors gezicht. De Wiener Sezession loopt als variant van de Jugendstil rond 1900 al op de Art Deco vooruit. Het speelse en zwierige bevriest en versteent. Art Deco architectuur roept bij mij associaties op met ziggurats, mastaba’s en tempels uit de oude culturen. Streng en confronterend rijzen ze op als bergen van baksteen. Sobere en grauwe Art Deco is net als streng Classicisme bijzonder geschikt voor grafmonumenten. Vlak na de Eerste Wereldoorlog en de triomf van de dood, beleefde Art Deco zijn hoogtepunt.

Radio Kootwijk
Radio Kootwijk (1918-1923) is een goed voorbeeld van grauwe sobere Art Deco die zich uitstekend zou lenen voor een grafmonument. Het voormalige radiostation is nu in feite zijn eigen grafmonument geworden.
Verizon Building
het Verizon Building (voorheen Barclay Vesey Building) uit 1923 is een van de vele zakenpaleizen in Art Deco stijl die in de jaren twintig in Manhattan gebouwd zijn.
decoarchitecture
decoarchitecture.tumblr.com
A Tumblr of Art Deco architecture, vintage and modern, from all over the world. Includes photos of exteriors, interiors, sculptures, monuments, civil engineering and more, plus historical background, quotes, research, archival video, etc.
woensdag 26 oktober 2011
Germaanse held
Siegfried als de ideale Germaan in het Derde Rijk

Die Nibelungen (1924) was een van de favouriete films van Adolf Hitler en Joseph Goebbels. In Siegfried (gespeeld door Hitlers landgenoot Paul Richter) zagen ze een afspiegeling van de ideale Germaan: blond, heldhaftig en zich van zijn taak bewust. Tegenwoordig is het moeilijk om naar Die Nibelungen te kijken zonder daarbij deze nare bijsmaak te krijgen. Toch blijft de esthetiek van deze film indrukwekkend. Ik hou het meest van de originele versie waarbij de beelden warmgeel zijn ingekleurd. In deze grondtoon en de dramatische belichting lijken onbekende schilderijen van Rembrandt tot leven gekomen, vooral in het eerste en meest sprookjesachtige deel van de film. Later in de film gaat de Art Deco meer het beeld bepalen.

Siegfried
Hans Richter als Siegfried met het zwaard Balmung in Die Nibelungen (1924)
Siegfried postzegel 1933
Nothilfe Briefmark met Siegfried 1933

Siegfried [ imdb.com ]

dinsdag 25 oktober 2011
Daniel Johnston
gezien: The devil and Daniel Johnston (2004)
The devil and Daniel JohnstonThe Devil and Daniel Johnston is a 2006 documentary film about the noted American artist Daniel Johnston. It chronicles Johnston’s life from childhood up to the present, with an emphasis on his experiences with bipolar disorder, and how it manifested itself in demonic self-obsession. The film was directed by Jeff Feuerzeig and produced by Henry S. Rosenthal. Rotten Tomatoes gave the film a rating of 89 percent, based on 102 reviews, and stated the critical consensus as: “Whether you think this mentally ill cult musician is worthy of being called a ‘genius’, this document of his life is crafted with sincere respect and is fascinating to watch.
 
Bron: en.wikipedia.org
Daniel Johnston filmt zijn jeugdliefde en obsessie Laurie Allen
This film takes advantage of the fact that Johnston has practically documented his entire life on video or audio tapes, and features many interviews with famous friends and colleagues. It shows his unbelievable cameo on an early episode of MTV’s Cutting Edge, footage of an early love interest named Laurie Allen, as well as chronicling his rise to world-wide acclaim when singer Kurt Cobain simply wore the infamous “Hi, How Are You?” t-shirt featuring Johnston’s alien frog design.
 
Bron: hmmagazine.com

hihowareyou.com | Daniel Johnston

maandag 24 oktober 2011
postzegelontwerpen.nl

Een van de mooiste Nederlandse websites die ik de laatste tijd tegenkwam, is postzegelontwerpen.nl. Deze website is eerder een online applicatie die het best tot zijn recht komt in full screen. De mogelijkheden van Flash zijn funktioneel toegepast. Postzegels en ontwerpen kunnen op een ondergrond van ruitjespapier versleept en vergroot worden. Met een tijdbalk kan de hele Nederlandse postzegelgeschiedenis vanaf 1852 doorlopen worden.

postzegelontwerpen.nl
de ontwerpen die de architect Karel Petrus Cornelis de Bazel in 1913 maakte ter gelegenheid van het 100-jarig jubileum van het Koninkrijk der Nederlanden

Ook is een lexicon van Nederlandse postzegelontwerpers opgenomen, waarin je eindeloos kunt bladeren. Onder de honderden ontwerpers bevinden zich bekende Nederlandse typografen (Jan van Krimpen), graveurs (Sem Hartz), grafisch ontwerpers (Piet Zwart), fotografen (Cas Oorthuys) en schilders (Jan Toorop, Pyke Koch en Willem Adriaan van Konijnenburg).

postzegelontwerpen.nl
de ontwerpen die de schilder Willem Adriaan van Konijnenburg in 1923 maakte ter gelegenheid van het 25-jarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina

postzegelontwerpen.nl

zondag 23 oktober 2011
architectuur in claire-obscur
architectuurtekeningen van Hugh Ferriss (1889-1962)

Op flickr.com vond ik een set met 341 tekeningen van Hugh Ferris.

Hugh Ferris on Flickr
Hugh Ferriss op flickr.com
Hugh Ferriss (1889-1962) was an American delineator (one who creates perspective drawings of buildings) and architect. According to Daniel Okrent, Ferriss never designed a single noteworthy building, but after his death a colleague said he ‘influenced my generation of architects’ more than any other man. Ferriss also influenced popular culture, for example Gotham City (the setting for Batman) and Kerry Conran’s Sky Captain and the World of Tomorrow.
 
Bron: en.wikipedia.org
zaterdag 22 oktober 2011
Dem Deutschen Volke zu eigen
gezien: Die Nibelungen 2. Teil Kriemhilds Rache (1924)
gelezen: Die Deutschen und ihre Mythen (2010) van Herfried Münkler

Kriemhilds Rache Die Nibelungen werd opgenomen in de UFA studio in Neubabelsberg tijdens de hyperinflatie van 1922-1923. Toen de film in 1924 in de bioscoop verscheen, was de Weimar Republiek wat stabieler geworden. Kriemhilds Rache, het tweede deel van Die Nibelungen begint na de dood van Siegfried de drakendoder. Zijn vrouw Kriemhilde is vastberaden zich te wreken op Siegfrieds moordenaar Hagen Tronje. Deze is een vazal van haar broer, koning Günther van Bourgondië en wordt door hem beschermd. Om haar wraak te kunnen uitvoeren, trouwt ze met Etzel de koning der Hunnen.

Kriemhilds Rache begint met de tekst “Dem Deutschen Volke zu eigen”. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat het Duitse volk hier vereenzelvigd wordt met Kriemhilde. Hoewel regisseur Fritz Lang nooit enige sympathie voor het nationaal socialisme heeft gehad en in 1933 zelfs het land verliet, was er in de jaren na de Eerste Wereldoorlog onder de Duitse bevolking een collectieve haat tegenover het Verdrag van Versailles. Velen meenden dat Duitsland in 1918 op het punt zou hebben gestaan de oorlog te winnen, maar door links was verraden. Ze spraken over de dolkstoot in de rug. Hier is een parallel met het Nibelungenlied waarin Siegfried door zijn eedgenoot Hagen met een speer in de rug wordt gedood. Kriemhilde is vastberaden om zich op Hagen te wreken.

Als wir versammelt waren, traf Ludendorff in unsere Mitte, sein Gesicht von tiefsten Kummer erfüllt, bleich, aber mit hocherhobenem Haupt. Eine wahrhaft schöne germanische Heldengestallt. Ich mußte an Siegfried denken mit der tödlichen Wunde im Rücken von Hagens Speer.

Oberst von Thaer, 1918

Margarete Schön als Kriemhilde
linksboven Hans Adalbert Schlettow als Hagen en Margarete Schön als Kriemhilde

Margarete Schön (1895-1985) speelt als Kriemhilde een ijzersterke rol doordat ze nauwelijks haar gezicht vertrekt. Met zwart omrande grote ogen lijkt ze versteend van haat. Het is een mythisch en krachtig beeld dat in Duitsland na de Eerste Wereldoorlog onmiddellijk herkend werd. Herfried Münkler schrijft in Die Deutschen und ihre Mythen het volgende :

Die Dolchstoßlegende, wie man die Behauptung genannt hat, das vom Feind unbezwungene Heer sei durch die Revolution in der Heimat gemeuchelt worden, ist eine neue Wendung auf den Deutschen Nibelungenfluchs. Bereits am 1. Oktober 1918, also noch vor Beginn der Revolution in Deutschland, notierte Oberst von Thaer: “Als wir versammelt waren, traf L(udendorff) in unsere Mitte, sein Gesicht von tiefsten Kummer erfüllt, bleich, aber mit hocherhobenem Haupt. Eine wahrhaft schöne germanische Heldengestallt. Ich mußte an Siegfried denken mit der tödlichen Wunde im Rücken von Hagens Speer.”
 
Bron: Die Deutschen und ihre Mythen, blz. 97 (Rowolt Verlag, Hamburg 2010).
Kriemhilds Rache (1924)
Fritz LangOnterecht word Fritz Lang er dikwijls van beschuldigd nationalistische en zelfs fascistische ideologieën te verkopen in zijn vroege films. Zelf maakte hij er gedurende zijn hele leven een erezaak van dit ten sterkste te ontkennen, met als sterkste argument de Joodse afkomst van zijn moeder. Met zijn films uit de jaren ‘20 wou hij naar eigen zeggen een drievoudig portret schetsen van de Duitser: ‘Met Der Müde Tod wou ik de romantische Duitser tonen, met Mabuse Der Spieler, de eigentijdse Duitser na de gruwel van de eerste wereldoorlog, en met Die Nibelungen de heroïsche Duitser. Maar nooit heb ik hiermee de Duitser tot een soort supermens willen uitroepen.’
 
Bron: kutsite.com

Die Nibelungen (I en II) integraal

vrijdag 21 oktober 2011
beeld van de Middeleeuwen
de vormgeving van Die Nibelungen (1924)

In The Haunted Screen stelt Lotte H. Eisner dat de Duitse expressionistische film een erfgenaam is van de Duitse Romantiek. Das Kabinett des Doktor Caligari (Wiene 1919) en Nosferatu, eine Symphonie des Grauens (Murnau 1922) zijn erfgenamen omdat het griezelverhaal een voortbrengsel is van de Duitse Romantiek. Der Rattenfänger von Hameln (Wegener 1918) is een erfgenaam omdat er sinds de Romantiek sprookjes bestaan. En Die Nibelungen (Lang 1924) is een erfgenaam omdat de Middeleeuwen sinds de Romantiek het decor zijn voor een romantische vlucht uit het alledaagse.

Siegfried's dood
Julius Schnorr van Carolsfeld
Siegfrieds Tod, 1847
Siegfried's dood
Siegfrieds Tod in Die Nibelungen 1924

Filmpioniers als Paul Wegener en Fritz Lang maakten voor hun mis-en-scene dankbaar gebruik van schilderijen uit de 19e eeuw. Lang’s art director Otto Hunte en zijn assistenten Erich Kettelhut en Karl Vollbrecht interpreteerden de Butzenscheibenromantik op een eigen manier. Na de Eerste Wereldoorlog was er een nieuwe wereldorde ontstaan waarvan het modernisme het gezicht was. Alle overbodige franje werd afgesneden. Zoals de oorlog tot op het bot gegaan was, zo ging het modernisme ook tot op het bot. Vormen werden tot hun essentie teruggebracht. De vormgeving in de film ligt dichter bij de art deco dan bij de Middeleeuwen. Eigenlijk is de vormgeving een mengeling van Middeleeuwen en Sezession. Het modernisme keek met nieuwe ogen naar de Middeleeuwen én naar het beeld van de Middeleeuwen uit de Romantiek.

Kriemhild enHagen
Kriemhild wijst Hagen aan als de moordenaar van Siegfried (schilderij van Emil Lauffer, 1881)
Kriemhild en Hagen
dezelfde scene in Die Nibelungen 1924

Regisseur Fritz Lang bewonderde de Oostenrijkse schilder Gustav Klimt, een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Wiener Sezession een stijl die vlak vóór 1900 als een nuchtere vorm van Jugendstil was ontstaan. De kostuums in de film met dwarrelende blokjes, driehoeken en concentrische cirkels zijn rechtstreeks door de Sezession geïnspireerd. Op zijn beurt heeft de Sezession zich in zijn sobere strengheid en frontaliteit laten inspireren door de Byzantijnse kunst. Door zijn sobere en strenge vormgeving ademen de decors in Die Nibelungen de geest van een niet geromantiseerde, kale Middeleeuwen.

Kriemhilde
De verschijning van Kriemhilde is geïnspireerd door Pallas Athene (1898) van Gustav Klimt
donderdag 20 oktober 2011
wonderlijke schaduw in Plato’s grot
gekocht: The Haunted Screen (1952) van Lotte H. Eisner

In 1985 zag ik voor het eerst een Duitse expressionistische film. Nosferatu, eine Symphonie des Grauens uit 1922 draaide in het Filmmuseum in Amsterdam met live begeleiding op de piano. In de flakkerende beelden uit een stomme schimmenwereld brak voor mij toen een andere werkelijkheid door. Dit is wat de Frans-Duitse filmcritica Lotte H. Eisner moet hebben bedoeld met de titel van haar boek l’ Ecran Démoniaque, in het Engels vertaald als The Haunted Screen. Film als een wonderlijke schaduw in Plato’s grot. En vanuit de orkestbak wordt aan de stille spookbeelden extra stemming toegevoegd.

Siegfried 1924
still uit Die Nibelungen 1. Teil (1924)
Otto Hunte en zijn assistenten Erich Kettelhut en Karl Vollbrecht ontwierpen niet alleen de architectuur maar ook de landschappen voor deze film. De woestijnachtige rotsen in dit artificiële landschap doen aan versteende lichamen denken. In de expressionistische film is de wereld op een of andere manier behekst.
The Haunted Screen demonstrates the connection between German Romanticism and the cinema through Expressionist writings.
The Haunted ScreenThe Golden Age of German cinema began at the end of the First World War and ended shortly after the coming of sound. From The Cabinet of Dr. Caligari onwards the principal films of this period were characterized by two influences: literary Expressionism, and the innovations of the theatre directors of this period, in particular Max Reinhardt. The Haunted Screen demonstrates the connection between German Romanticism and the cinema through Expressionist writings. It discusses the influence of the theatre: the handling of crowds; the use of different levels, and of selective lighting on a predominately dark stage; the reliance on formalized gesture; the innovation of the intimate theatre. Against this background the principal films of the period are examined in detail. The author explains the key critical concepts of the time, and surveys not only the work of the great directors, such as Fritz Lang and F. W. Murnau, but also the contribution of their writers, cameramen, and designers.
 
Bron: amazon.com
Otto Hunte
ontwerp voor een landschap in Die Nibelungen van Otto Hunte

Lotte H. EisnerBekannt ist Lotte H. Eisner vor allem durch ihr berühmtes Buch „Die Dämonische Leinwand“, über den expressionistischen deutschen Stummfilm, insbes. Max Reinhardt. Das Buch erschien 1952 – in einer verstümmelten Fassung – zuerst auf Französisch, 1955 dann auf Deutsch. Ihre 1964 auf Französisch veröffentlichte Monographie über Friedrich Wilhelm Murnau brauchte immerhin 15 Jahre bis zu einer vollständigen deutschen Ausgabe (die Ausgabe von 1967 im Velber Verlag ist stark gekürzt). Ihr profundes Buch über Fritz Lang erschien zuerst 1976 in einer dürftigen und gekürzten englischen Übersetzung, 1984 in einer vorzüglichen französischen Ausgabe und hat es bisher immer noch nicht zu einer deutschen Ausgabe gebracht und das, obwohl die ursprüngliche Fassung - auch aus Rücksicht auf Fritz Lang - auf Deutsch verfasst wurde. (Bron: de.wikipedia.org)

The Haunted Screen [ books.google.com ]

woensdag 19 oktober 2011
filmarchitect
Otto Hunte (1881-1960) filmarchitect van Fritz Lang

Vorige week vergaapte ik mij weer eens aan de fantastische decors in The Lord of the Rings van Peter Jackson. Een week eerder had ik gekeken naar Die Nibelungen (1924) van Fritz Lang en het viel mij op dat de decors uit deze bijna 90 jaar oude film nog altijd indrukwekkend zijn. Fritz Lang werkte met de filmarchitect Otto Hunte en assistenten Erich Kettelhut en Karl Vollbrecht.

Otto Hunte
Otto Hunte
ontwerp voor Die Nibelungen 1924

Voor Die Nibelungen ontwierpen Hunte en Kettelhut de decors en Vollbrecht voerde de ontwerpen uit op de reusachtige filmset. De samenwerking tussen de regisseur, de filmarchitect/art director en zijn assistenten was vruchtbaar. Otto Hunte en Erich Kettelhut ontwierpen ook de architectonische visioenen bij de peperdure productie Metropolis uit 1926.

Otto Hunte
Otto Hunte
ontwerp voor Metropolis 1926
Otto Hunte (1881-1960) studierte in Hamburg Architektur und Malerei und war bis 1918 als Maler tätig. Ab 1919 war er bei der Produktionsgesellschaft von Joe May als Kostüm- und Bühnenbildner beschäftigt. Er entwarf die Kostüme für die Zweiteiler Die Spinnen und Das indische Grabmal und gestaltete gemeinsam mit Karl Vollbrecht, Martin Jacoby-Boy und Erich Kettelhut die Filmsets der Abenteuerfilmreihe Die Herrin der Welt.In den 1920er Jahren arbeitete er gemeinsam mit den Kollegen Erich Kettelhut, Karl Vollbrecht, Emil Hasler und Victor Trivas. Hunte zeichnet für die Bauten der meisten Filme Fritz Langs in Deutschland mitverantwortlich. Ausgehend vom expressionistischen Stil, insbesondere der Licht-Schatten-Gestaltung, fand er mehr und mehr zu dem filmischen Stoff adäquaten Raumgestaltungen. Seine wichtigste Arbeit waren die Bauten zu Metropolis. Er war der Leiter des Teams. Mit Erich Kettelhut und Karl Vollbrecht schuf er Bilder die heute noch die Architekturdiskussion beeinflussen.
 
Bron: de.wikipedia.org
dinsdag 18 oktober 2011
linke soep
gisteren gezien op ARD: Sekunden vor einem neuen Krieg
Russische en Amerikaanse tanks tegenover elkaar bij Checkpoint Charley

AchtungGeert Mak keerde tijdens zijn reis door Europa telkens terug naar Berlijn. In de vorige eeuw stond de Duitse hoofdstad telkens weer in het brandpunt van de wereldgeschiedenis. In 1918, 1933, 1945, 1961 en 1989. Mak noemt Berlijn “de hoofdstad van de twintigste eeuw". Al snel na de bezetting door de geallieerden wordt Berlijn de frontstad in de koude oorlog waar het communisme en het kapitalisme elkaar recht in de ogen kijken. De Amerikaanse, Engelse en Franse bezettingszones worden samen als West-Berlijn een eilandje achter het ijzeren gordijn en raken afgesloten van de Westerse wereld. In 1948 en 1949 moet West-Berlijn via een luchtbrug bevoorraad worden, want de Sovjet Unie geeft de westerse grootmachten geen doorgang. Voor Moskou is West-Berlijn een angel in het vlees die verwijderd moet worden. In 1958 eist Chroesjtsjov dat de westerse bezettingsmachten West-Berlijn verlaten, zodat Berlijn een ‘vrije stad’ kan worden, maar zijn ultimatum wordt door het Westen genegeerd. Intussen blijft de DDR leeglopen. West-Berlijn is een open wond in het communistische systeem en maakt de Sovjet Unie pijnlijk duidelijk dat het kapitalisme voor de eigen bevolking aantrekkelijker en dus superieur is. In 1961 wordt uit wanhoop dan maar een muur opgetrokken. De koude oorlog is op zijn heetst geworden.

Al snel na de bezetting door de geallieerden wordt Berlijn de frontstad in de koude oorlog
waar het communisme
en het kapitalisme elkaar
recht in de ogen kijken.

De episode die in de documentaire van de ARD belicht wordt, vindt tien weken na de oprichting van de versperringen en de muur plaats bij Checkpoint Charley. Op 27 oktober 1961 komen hier de Amerikaanse en Russische tanks tegenover elkaar te staan. Zestien uur lang blijven de Amerikanen en de Russen elkaar in het vizier houden en staan ze gevechtsklaar. Het zullen de spannendste en heetste uren van de koude oorlog worden. Wanneer een van de soldaten zijn zenuwen niet meer onder bedwang zou kunnen houden, zou hij wellicht de Derde Wereldoorlog kunnen ontketenen. Beide partijen zijn doordrongen van het risico van een nucleaire oorlog en daarom wordt er geen schot gelost. De soldaten in de tanks kijken de dood in de ogen. En het kapitalisme en het communisme kijken elkaar in de bek.

checkpoint charley
de confrontatie op Checkpoint Charlie
27 oktober 1961

Het incident ontstond vanuit een provocatie van de Sovjet Unie. Deze wilde de westerse geallieerden vlak na de oprichting van de muur geen vrije doorgang door de sovjetzone meer geven. Daarmee werd een bepaling uit het verdrag geschonden dat de Sovjet Unie in 1945 medeondertekend had. Daarin was afgesproken dat de geallieerden elkaar te allen tijde vrije doorgang door de eigen bezettingszone zouden geven. De Amerikanen moesten hun tanden wel laten zien en Moskou verwachtte dat ook van Washington. Beiden wisten ook dat West-Berlijn een enclave was, waar enkele tienduizenden Amerikaanse, Franse en Engelse soldaten gestationeerd waren, tegen ruim een half miljoen Russische soldaten alleen al in Oost-Berlijn. Meer als even hun tanden laten zien, zat er voor de Amerikanen dan ook niet in. Wereldberoemd is het beeld van de Amerikaanse tank die woest optrekt naar de Russische bezettingszone en vlak voor een Vopo die nog niet eens met zijn ogen knippert, verend tot stilstand komt. Deze Vopo komt een halve eeuw later in de documentaire op de ARD aan het woord. Ook al remde de tank vlak vóór hem, hij had toch bijna de loop van de tank in zijn gezicht gekregen.

De Sovjet Unie had de open wond achter het ijzeren gordijn weten dicht te schroeien en kon nu niet meer verder leegbloeden.

Tenslotte spraken Moskou en Washington met elkaar af dat ze zich tegelijkertijd terug zouden trekken en dat gebeurde. Wel bleven de tanks aan beide zijden nog een paar weken in de buurt liggen. Voor het geval dat. Maar nu de Amerikanen en de Russen elkaar op gelijke hoogte in de ogen hadden gekeken, was het machtsevenwicht in Berlijn bepaald. De Sovjet Unie had de open wond achter het ijzeren gordijn weten dicht te schroeien en kon nu niet meer verder leegbloeden. De Verenigde Staten moesten de Sovjet Unie als hun gelijke accepteren, ook al had de bevolking achter het ijzeren gordijn laten zien dat het kapitalisme aantrekkelijker was dan het communisme. Het heetste moment was voorbij en nu kon het in Berlijn gaan vriezen tussen Oost en West.

checkpoint charley tegenwoordig
Checkpoint Charlie 2011
Der 27. Oktober 1961 war ein Tag, so die damaligen Schlagzeilen, an dem “die Welt den Atem anhielt". Die Dokumentation rekonstruiert die dramatischen Ereignisse aus der Sicht von Menschen, die sie hautnah erlebt haben. Mitten im geteilten und besetzten Berlin standen sich am Grenzübergang Checkpoint Charlie 16 Stunden lang amerikanische und sowjetische Panzer gegenüber, in Gefechtsbereitschaft, mit scharfer Munition. Dieser Tag gilt als der gefährlichste Beinahe-Zusammenstoß des Kalten Krieges. Wenn einer der beteiligten Panzerfahrer die Nerven verloren und das Feuer eröffnet hätte, wären die Folgen unvorstellbar gewesen. Beide Supermächte verfügten zu diesem Zeitpunkt bereits über atomare Bewaffnung. Zum Hintergrund: Nach dem Beginn des Mauerbaus am 13. August 1961 versucht die SED-Führung unter Walter Ulbricht, die DDR mit allen Mitteln aufzuwerten. Anfang Oktober kommt es zur kalkulierten Provokation gegenüber den drei westalliierten Schutzmächten USA, Großbritannien und Frankreich: An den Übergangsstellen in den Ostsektor sollen sich ihre politischen und militärischen Vertreter von Angehörigen der ostdeutschen Volkspolizei kontrollieren lassen, also auch am Checkpoint Charlie. De facto hätte dies den Vier-Mächte-Status Berlins, der die Bewegungsfreiheit ihrer Repräsentanten in allen vier Sektoren garantiert, in Abrede gestellt und die DDR als handlungsfähigen Staat anerkannt. Zu diesem Zeitpunkt vor allem für die USA eine Unmöglichkeit. Die Politik der Provokationen eskaliert, bis sich am 27. Oktober tatsächlich amerikanische und sowjetische Panzer gegenüber stehen.
 
Bron: programm.ard.de

Grimmig Symbool (over de Berlijnse Muur)

maandag 17 oktober 2011
toewijding
gisteren gezien: Door geloof gedreven en Aan God gehecht
over Moderne Devotie in het Stedelijk Museum Zwolle t/m 11 maart 2012

Geert GroteBroeders des Gemenen Levens. Ik moet er ergens in 1973 voor het eerst van gehoord hebben. Het kwam uit de mond van meester Bos, de bovenmeester van de protestants christelijke school CNS II. Meester Bos had een roeping als predikant gemist en sprak vol vuur over Geert Grote, die hij als een voorloper beschouwde van de grote reformator. Die Geert Grote, dat was een katholieke man ja, maar daar kon hij niets aan doen, want vóór 1517 werd je nu eenmaal katholiek geboren en begraven. Zo ging dat. Maar in zijn hart was hij al protestants, want hij verzette zich tegen de pracht en praal van de rooms-katholieke kerk. Hij stichtte een religieuze gemeenschap die zich de Broeders (of de Zusters) des Gemenen Levens noemde. Die broeders bleken vooral de jongens in de klas aan te spreken. Op het schoolplein werd je vrolijk en vriendschappelijk tegen je schenen getrapt of kreeg je een stomp in je maag terwijl de dader zich dan voorstelde als je bloedeigen broeder uit het gemene leven. Meester Bos zag met gemengde gevoelens hoe het gemene leven zich op het schoolplein ontwikkelde en probeerde onze aandacht af te leiden met een andere man uit Deventer. “De venter ging over de brug van Deventer en toen was de vent er.” Vent! Gewaagd voor een bovenmeester met een brilmontuur uit 1951. Maar hij begreep ons plezier in taal. Dat was mijn eerste kennismaking met Geert Grote.

Gisteren volgde mijn tweede ‘ontmoeting’ met Geert Grote. Samen met Michaela bezocht ik de tentoonstelling in het Gemeentemuseum in Zwolle. Door geloof gedreven is een mooie titel voor een tentoonstelling, maar een mooiere was geweest Modern! Devoot? zoals het Nederlands Dagblad kopte boven een bespreking van deze tentoonstelling. De vier kunstenaars op deze tentoonstelling laten zich eerder door religieuze tradities inspireren (de christelijke traditie in het bijzonder), dan dat hun werk helemaal drijft op het christelijk geloof. Wanneer je de devotie en het geloof in vraag gaat stellen, laat je in het hart van de bezoeker de ruimte. Vormt het christelijk geloof met zijn specifieke beeldtaal een aanleiding voor het werk of is dat geloof de kern vanwaaruit gewerkt wordt?

Rinke Nijburg, Skin Flowers, houtskool, pastel, verfstift en pen op papier, 150 x 110 cmRinke Nijburg koos als uitgangspunt voor een paar van zijn werken de wonden van Christus. 5475 moeten het er zijn geweest. Deze boekhoudkundige benadering van het lijden van Christus heeft iets kinderlijks en is bijna ridiculiserend. Kinderen kunnen met uitgestrekte armen soms een gebaar maken om aan te geven hoeveel (zoveel!) pijn de tandarts deed. Het lijden van Christus langs de meetlat. 5475 wonden. Je kunt ze tellen als de knoopjes van een gebedssnoer en je tijd offeren door stil te staan bij het lijden van de Heer.

“Wanneer men alle 5475 wonden wil invoelen komt men daar nooit helemaal mee klaar. Compassie schiet altijd tekort. En dat is nu juist wat de Moderne Devotie zo goed begreep: dat de pelgrim onderweg altijd in slaap valt, de leerling vergeet zijn huiswerk te maken. Dat men altijd tekort schiet. Alleen het eigen lijden kan de mens helemaal invoelen. Men bedenke dat de Man van Smarten zijn wonden in een etmaal kreeg toegediend. Kan iemand die in een maand tijd zo’n 5475-wonden-tekening wil maken al die duizenden wonden invoelend tekenen?”
 
Bron: Rinke Nijburg over de 5475 wonden van Christus stedelijkmuseumzwolle.nl

Luther zag dergelijke devotie als sensatie. Rozenkransen, relieken en andere vormen van katholieke devotie waren in de ogen van de kerkhervormer uiterlijk vertoon, paapse fratsen, kermisattracties voor het volk. Hij kieperde het allemaal overboord. De kerk van de Reformatie leverde zelfs nog geen schrale voedingsbodem voor beeldend kunstenaars. De dienst van het Woord bleef over. Hedendaagse beeldende kunstenaars die zich door het christelijk geloof willen laten inspireren, moeten daarom wel terugkeren naar de rijke beeldtaal van de rooms-katholieke kerk. En wanneer je daarin gaat wroeten, komt de kermisachtige devotie vanzelf mee naar boven. De vraag naar devotie, moet ze sereen zijn of mag ze zich vermengen met aardse oppervlakkigheden, blijft daardoor actueel. Mag ze speels zijn en zoals wij destijds op het schoolplein, af en toe zelfs plagerig? Of is toewijding per definitie iets ernstigs?

Als het om toewijding aan Christus gaat, want daarover gaat het in het christelijk geloof, dan geven we Christus het laatste woord: “Maar de ure komt en is nu, dat de waarachtige aanbidders de Vader aanbidden zullen in geest en in de waarheid; want de Vader zoekt zulke aanbidders. God is geest en wie Hem aanbidden moeten aanbidden in geest en waarheid.” (Christus tot de Samaritaanse vrouw, Johannes 4 : 23-24)

Lazzaro Bastiani
Lazzaro Bastiani Christus en de Samaritaanse vrouw bij de waterput
Maar de ure komt en is nu,
dat de waarachtige aanbidders
de Vader aanbidden zullen
in geest en in de waarheid.

Johannes 4 : 23-24

stedelijkmuseumzwolle.nl | rinkenijburg.blogspot.com

zondag 16 oktober 2011
inscapes [ 18 ]
landschappen achter mijn ogen
inscapes
tweede stadium (boven)
eerste en tweede stadium (onder)

meer inscapes | schilderen als empirisch onderzoek [ PDF ]

zaterdag 15 oktober 2011
connected / disconnected
gelezen in Diagnose van onze tijd (1947) van Karl Mannheim

Karl MannheimAfgelopen week las ik in de krant de reactie van een vijftienjarige jongen op de tijdelijke uitval van de Blackberries. “Mijn hele sociale leven ligt ineens plat!” Vooral voor jonge mensen geldt steeds meer “to be connected or not to be connected.” Een griezelige werkelijkheid.

Gisteren las ik een essay van de Joods-Hongaars socioloog Karl Mannheim dat hij in 1943 in ballingschap in Engeland schreef en dat als een hoofdstuk in Diagnosis of our time gepubliceerd werd. Al in 1947 verscheen een Nederlandse vertaling. Als je Mannheim’s analyse leest van Hitler’s sociale strategie, lopen de rillingen over je rug. De sociale media die nu vooral de jeugd hebben ingesponnen, zijn voor een toekomstige dictatuur waarschijnlijk hét middel om individuen en groepen te isoleren en te manipuleren.

De mens die aan zichzelf wordt overgelaten, kan geen weerstand meer bieden. Daar zijn groepsbanden hem steun, zekerheid en erkenning geven (…) maakt de doorbreking van deze banden hem hulpeloos.

Karl Mannheim, 1943

Hitler heeft een nieuwe methode uitgevonden, die de Nazi-groep-strategie genoemd zou kunnen worden. Het voornaamste punt van Hitler’s psychologische strategie is, dat hij zich nooit tot het individu richt als afzonderlijke persoon, maar altijd als lid van een sociale groep. Wat Hitler instinctief doet, is in overeenstemming met de ontdekkingen van de moderne sociologie, namelijk dat de mens het gemakkelijkst kan worden beïnvloed via zijn bindingen aan zijn groep. En wat nog belangrijker is, zijn reacties verschillen naar de bijzondere groep, waarin hij verkeert. De mens gedraagt zich verschillend in de familie, in de club, in het leger, in het zakenleven, of als burger in het algemeen.
(…)
Hitler weet instinctief dat, zolang de mensen in hun eigen sociale groepen worden beschermd, zij immuun zijn voor zijn invloed. Het verborgen doel van Hitler’s strategie is daarom de weerstand van de individuele geest te breken door het desorganiseren van groepen, waartoe deze individuen behoren. Hij weet, dat een mens zonder groepsbanden is als een krab zonder schaal. Deze desorganisatie, evenals zijn blitz-tactiek in de oorlog, moet zowel snel als hevig zijn.
 
Diagnose van onze tijdIn dit stadium beginnen de demoralisatie en de desintegratie der sociale groepen invloed uit te oefenen op het individu. En wat belangrijker is, op zeer grote aantallen van individuen tegelijkertijd. De psychologische verklaring van dit feit is eenvoudig deze, dat de mens die aan zichzelf wordt overgelaten geen weerstand meer kan bieden. Daar zijn groepsbanden hem steun, zekerheid en erkenning geven, om niet te spreken van de waardevolle banden van vriendschap en vertrouwen, maakt de doorbreking van deze banden hem hulpeloos. Hij gedraagt zich als een kind, dat verdwaald is of de persoon is kwijtgeraakt, die het liefheeft, en voelt zich als gevolg daarvan onzeker om iedereen aan te klampen, die voorbij komt.
 
Het is een feit, dat de desintegratie van de groep de tendentie heeft gevolgd te worden door een morele bezwijking van het morele geweten van het individu. Hij wordt verleid tot het volgen van gedachtegangen als deze: “Per slot van rekening kan alles, wat ik tot dusver geloofd heb, verkeerd zijn. Het zou wel eens waar kunnen zijn, dat het leven niets anders is dan een strijd om het bestaan en om macht. De keus voor mij is, óf een martelaar te worden, óf mij bij de nieuwe orde aan te sluiten. Misschien kan ik daarvan een belangrijk lid worden. Bovendien, als ik mij vandaag niet aansluit, kan het morgen al te laat zijn.”
 
uit: Hoofdstuk VI Nazi-groep-strategie (1943)

Diagnosis of our time [ books.google.com ]

vrijdag 14 oktober 2011
Kwintelooyen
compositiestudies gemaakt in Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug
Nationaal Park de Utrechtse Heuvelrug
Kwintelooyen
Kwintelooyen ligt ingesloten tussen drie particuliere landgoederen: Prattenburg, de Dikkenberg en Remmerstein. Daaraan grenzend liggen de Stadsbossen van Rhenen en de Plantage Willem III, van Stichting Het Utrechts Landschap. Het gehele gebied strekt zich uit van de noordoever van de Rijn tot de Gelderse Vallei. Karakteristiek in het gebied zijn de diepe erosiedalen, de prehistorische grafheuvels, wallen, beukenlanen en de overgangen tussen heuvelrug en valleien. Opvallend is het grote hoogteverschil van vijftig meter op Kwintelooyen; van zeer nat (ven en moeras) naar droog (heidevelden). Via de uitgezette wandelroutes komt u op het hoogste punt van het terrein, waar u een prachtig uitzicht heeft over de Gelderse Vallei.
 
Bron: recreatiemiddennederland.nl


Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug

donderdag 13 oktober 2011
inscapes [ 17 ]
landschappen achter mijn ogen
inscapes
olieverf op canvasboard, eerste stadium
rauwe sienna en omber op imprimatura

Immanuel Kant heeft met zijn kritische onderzoek vastgesteld dat onze geest zich niet naar de dingen (de verfvlekken) richt, maar dat de dingen (de verfvlekken) zich richten naar onze geest. In onze geest wordt het beeld gevormd. Leonardo da Vinci raadde kunstenaars bijvoorbeeld aan te kijken naar een muur vol vochtplekken. Met een losse blik vormen zich in onze geest dan fantastische landschappelijke beelden. De kleinste details werken vaak mee in de spontane beeldvorming. Mijn zogenaamde inscapes zijn een soort fenomenologisch onderzoek naar de oorsprong van de schilderkunstige illusie.

meer inscapes | schilderen als empirisch onderzoek [ PDF ]

woensdag 12 oktober 2011
vervreemding
gisteren begonnen aan Vreemdgang
Filosoferen aan de grens, door Jan van Riessen

Van RiessenVorige week overleed de man die ons het iLife heeft ‘geschonken’. Als James Watts, de uitvinder van de stoommachine, de vader van de industriële revolutie is, dan maakt Steve Jobs een goede kans om definitief de geschiedenis in te gaan als de vader van de digitale revolutie. De bijna bovenmenselijke status die Jobs krijgt toegedicht, toont aan dat het vooruitgangsgeloof in de postmoderne tijd nog altijd springlevend is en dat zeer velen nog altijd hun hoop gevestigd hebben op een technologische utopie, die de visionaire en pragmatische Jobs voor Apple geclaimd heeft onder de naam iLife. In Vreemdgang. Filosoferen aan de grens betoogt Jan van Riessen o.a. dat Utopia in onze postmoderne tijd niet door een religie of politieke ideologie wordt gepredikt maar door de technocratie.

In dit boek staat de vraag centraal hoe de dreigende dehumanisering en vervreemding langs filosofische weg opgeheven kunnen worden. Dit begint met de terugkeer naar de grenzen die we in onze vooruitgangsdrift overschreden hebben. Die grenzen worden bepaald door de eindigheid als het wezenskenmerk van de gegeven werkelijkheid. Alleen in de bedding van die werkelijkheid is het scheppen van een eigen, humane leefwereld weer mogelijk.
 
Bron: filosofiemagazine.nl

boekbespreking [ wapenveldonline.nl ]

dinsdag 11 oktober 2011
Moderne Devotie in Zwolle
Door Geloof Gedreven Gijs Frieling, Sela ©, Rinke Nijburg en Marc Mulders
Stedelijk Museum Zwolle 16 oktober 2011 t/m 11 maart 2012
Geert GroteHet verhaal van de Moderne Devotie brengt het verhaal van deze religieuze beweging aan het eind van de 14de eeuw met Zwolle als een van de bakermatten. Geert Grote, de grondlegger, vond zijn tijdgenoten te individualistisch, materialistisch en teveel gericht op status. Hij wilde dat de mensen zouden leven zoals de eerste christenen en een nieuwe vurige innigheid van het hart zouden voelen. Samen het brood breken en zorgen dat niemand gebrek lijdt, dat was zijn ideaal. Hij gaf ook ongezouten kritiek op de geestelijkheid die samenleefde met vrouwen en kerkelijke baantjes binnensleepten vanwege de goede salarissen. Deze boodschap vond veel weerklank in de Nederlanden en het Rijngebied. Er werden kloosters gesticht in de geest van deze Moderne Devotie. Nieuwe gemeenschappen van broeders en zusters van het gemene (gewone) leven wijdden hun leven aan Christus, terwijl zij samen hun geld verdienden met handwerk, zoals het maken van prachtig verluchte boeken.
 
Bron: stedelijkmuseumzwolle.nl
Rinke Nijburg
Rinke Nijburg me not, 2008
Door Geloof Gedreven is het onderdeel met actuele kunst in de grote tentoonstelling over Moderne Devotie in de musea van Zwolle. Naast het verhaal over de Moderne Devotie in “Aan God Gehecht” laten in “Door Geloof Gedreven” de hedendaagse kunstenaars Gijs Frieling, Sela ©, Rinke Nijburg en Marc Mulders werk zien dat grotendeels specifiek voor deze tentoonstelling is gemaakt. Gijs Frieling maakt in de tuinkamer en achterkamer van het Drostenhuis een gigantische muurschildering. De andere kunstenaars maken veelal nieuw en specifiek werk rond het thema “de wonden van Christus". De stigmata, de wonden van Christus, worden door deze kunstenaars gezien als “het beeld” als de kern van het geloof rond de dood en de opstanding van Jezus Christus.
 
Bron: stedelijkmuseumzwolle.nl

Op 16 oktober 2011 15.00 uur wordt de tentoonstelling Door Geloof Gedreven geopend door priester en professor Antoine Bodar, waarbij hij tevens de kunstenaars interviewt. Dit interview is na de opening terug te zien op stedelijkmuseumzwolle.nl

Rinke Nijburg | Gijs Frieling | Marc Mulders | Sela ©

maandag 10 oktober 2011
bordkartonnen Middeleeuwen
De ontdekking van de Middeleeuwen
geschiedenis van een illusie door Peter Raedts

de ontdekking van de MiddeleeuwenOp de omslag van De ontdekking van de Middeleeuwen staat een bekend schilderij van de Duitse romantische schilder Caspar David Friedrich afgebeeld. Het past uitstekend bij de ondertitel “geschiedenis van een illusie”. De ruïne van de kathedraal lijkt op een theaterdecor, plat en aan één kant betoverend. Zo zijn we sinds de Romantiek ook tegen de Middeleeuwen aan gaan kijken.

Vooral in Duitsland kwamen na 1800 de fantasierijke Middeleeuwen weer tot leven als een reactie op de rationele Verlichting. Men verlangde natuurlijk niet terug naar de barbaarsheid van de duistere eeuwen, maar wél naar verbeelding, kleinschaligheid, handwerk, universeel geloof en supranationale gemeenschap. Toch zouden de Middeleeuwen ook gebruikt worden voor nationalistische ideeën. Zo werd in het verbrokkelde Duitsland in de eerste helft van de negentiende eeuw keizer Barbarossa een inspirerende figuur voor Duitse nationale eenheid.

Tot aan het einde van de achttiende eeuw werden de Middeleeuwen afgedaan als een duister, barbaars tijdperk tussen de klassieke Oudheid en de Verlichting. Petrarca vond het een diepe afgrond. Erasmus verafschuwde de steriele geleerdheid van de Middeleeuwen. Voltaire haatte de middeleeuwse kerk, die het leven van mensen vergiftigde. En Adam Smith betreurde de macht van de gilden, die een vrije markt van vraag en aanbod in de weg stonden. Rond 1800 veranderde dat ineens. De Middeleeuwen waren nu een voorbeeld van authentieke menselijkheid, onderlinge verbondenheid en wederzijdse verantwoordelijkheid in hechte volksgemeenschappen. De Duitse dichter Novalis sprak van ‘schone schitterende tijden, toen Europa één christelijk land was’, Walter Scott verheerlijkte in Ivanhoe de belangeloze trouw van de ridder, Karl Marx en William Morris zagen in de middeleeuwse gilden een voorafspiegeling van de solidariteit van de arbeidende klasse.
 
Bron: vanstockum.nl

De ontdekking van de Middeleeuwen [ nrclux.nl ]

zondag 9 oktober 2011
Luipaard & Fox terriër
vanmiddag gezien op Een: Bringing up Baby (1938)

Ik ben beslist geen liefhebber van screwball comedies maar vanmiddag keek ik toch naar Bringing up Baby met Cary Grant en Katharine Hepburn. Het is een echte klassieker en volgens kenners een van de grappigste films die er ooit in Hollywood zijn gemaakt. In 1938 moet het een sprankelende film geweest zijn, maar bijna vijfenzeventig jaar later zijn de grappen toch wel flauw en belegen. Een fox terriër die er met het bot van een brontosaurus skelet vandoor gaat, waar kende ik dat ook alweer van? Heeft Hergé nu naar Bringing up Baby gekeken, of heeft Howard Hawks naar Hergé geknipoogd?

Bringing up Baby
Bringing up Baby filmposter

Bringing up Baby verscheen in maart 1938 in de bioscoop. De scene waarin Bobbie er met het bot van een diplodocus vandoor gaat, komt voor in Le Sceptre d’Ottokar dat op 4 augustus 1938 voor het eerst verscheen in Le Petit Vingtième. Hergé moet de film in het voorjaar of in de zomer gezien hebben.

Bringing up Baby [ imdb.com ]

zaterdag 8 oktober 2011
romantiek & expressionisme
De invloed van de Oostenrijkse schilder Moritz von Schwind
op de Duitse filmpionier Paul Wegener

WegenerDe Duitse toneelspeler en regisseur Paul Wegener speelde al voor de Eerste Wereldoorlog in films en kreeg bekendheid met zijn rol als Balduin in Der Student von Praag (1913). Vanaf 1916 ging hij zelf films regisseren. Der Yoghi, Rübezahls Hochzeit, Der Golem und die Tänzerin, Hans Trutz im Schlaraffenland, Der Rattenfänger von Hameln en Der fremde Fürst verschenen allemaal nog in het Duitse keizerrijk en zouden invloed hebben op de expressionistische film van de Weimar Republiek. Wegener koos voor de sprookjes- en fantasyfilm, een genre dat is voortgekomen uit de Duitse Romantiek. De expressionistische film die in wezen neoromantisch was, sloot daar precies bij aan. Paul Wegener keek al vóór Murnau en Lang goed naar de schilderkunst. Het personage voor de film Rübezahls Hochzeit (1916) ontleende hij van de laat-romantische Oostenrijkse schilder Moritz von Schwind die de sprookjesfiguur Rübezahl als een noordelijke faun had uitgebeeld.

Rübezahls  door Schwind
Rübezahl door Moritz von Schwind in 1830 en 1859. De tweede versie leent zich door zijn expressieve profiel goed voor een van de voorlopers van de expressionistische film.
Wegener en Schwind
stills uit Rübezahls Hochzeit (1916) van Paul Wegener en het schilderij dat Moritz von Schwind in 1859 van Rübezahl maakte
It is reasonable to argue that the German cinema is a development of German Romanticism, and that modern technique merely lends visible form to Romantic fantasies

Lotte Eisner in “Murnau” (1967)

Morgenstunde
Moritz von Schwind Morgenstunde
Zowel Wegener als Murnau gebruikten dit tafereel voor een van hun films

Paul Wegener - Frühe Moderne in Film [ sensesofcinema.com ]

vrijdag 7 oktober 2011
Kuifje en de Zonnetempel
precies 25 jaar geleden liepen we het Incapad naar Machu Picchu

krantenberichtOp 7, 8 en 9 oktober 1986 liepen we het Incapad (de zgn. ‘Mollepata’ route) naar Machu Picchu. Zonder begeleiding van een reisgids of dragers. Hoewel er geen poema’s in dit gebied meer voorkomen, was de tocht niet zonder gevaren. Precies twee jaar na ons werd een jong stel uit Amsterdam aan het Incapad vermoord.

The Inca trail to Machu Picchu (Camino Inca) consists of three overlapping trails: Mollepata, Classic and One Day. Mollepata is the longest of the three routes with the highest mountain pass and intersects with the Classic route before crossing “Dead Woman’s Pass” (Warmiwañusq’a). Located in the Andes mountain range, the trail passes through several types of Andean environments including cloud forest and alpine tundra. Settlements, tunnels, and many Incan ruins are located along the trail before ending the terminus at the Sun Gate on Machu Picchu mountain. The two longer routes require an ascent to beyond 3,660 metres above sea level, which can result in altitude sickness.
 
Bron: en.wikipedia.org
Incatrail
kinderen nabij Wayllabamba, de laatste bewoonde plek aan het Incapad

De meeste toeristen lopen het pad in groepjes onder begeleiding van een reisgids. De totale lengte is niet meer dan 34 kilometer, maar vanwege de vele steile klimpartijen en de ijle lucht kun je er het beste drie dagen voor uittrekken. Veel reisgezelschappen doen het zelfs in vier dagen.

Incatrail
tegenover en bovenop de Warmiwañusq’a Pas (4215 m.) een hele middag uit het dal klauteren

Het Inkapad is tegenwoordig ten prooi gevallen aan het massatoerisme en de Peruaanse regering heeft een quotum ingesteld van niet meer dan vijfhonderd wandelaars per dag. Maar vijfentwintig jaar geleden liepen we uren door de wildernis zonder een sterveling tegen te komen. Dat had ook te maken met de guerilla’s van het Lichtend Pad die er halverwege de jaren tachtig in geslaagd waren om het toerisme in Peru terug te dringen. Drie maanden voordat wij de route liepen was er nog een bomaanslag geweest op het boemeltje naar Machu Picchu waarbij zeven Amerikaanse toeristen om het leven waren gekomen.

Incatrail
landschap in de Andes
Incatrail
eindpunt Machu Picchu

reisverlag Inca Trail [ djoser.nl ]

donderdag 6 oktober 2011
bloedrode zon
gezien op DVD: Tora! Tora! Tora! (1970)

Tora! Tora! Tora!Vaak wordt de film Pearl Harbor (2001) vergeleken met Tora! Tora! Tora! (1970). De laatste film wordt dan meestal geroemd en de eerste film afgebrand. Dat komt vooral omdat de producers van Pearl Harbor ervoor hebben gekozen om in de historische gebeurtenissen een romance te verweven, waardoor het melodrama de boventoon is gaan voeren. In Tora! Tora! Tora! is dat zeker niet het geval. De film reconstrueert nauwkeurig de gebeurtenissen die voorafgaan aan de aanval op Pearl Harbor en brengt in de tweede helft op spectaculaire wijze de aanval in beeld.

In de eerste anderhalf (!) uur van de film worden zowel aan Japanse als aan Amerikaanse zijde veel verschillende personages opgevoerd en krijgen we veel dialogen te horen. Telkens wanneer een nieuw belangrijk personage geïntroduceerd wordt, lezen we onder in beeld wie het is. Het praterige eerste deel van de film is in feite een docudrama geworden. Door de droge registratie van de gebeurtenissen is het lastig om je met de personages te identificeren, maar je krijgt wel een goed inzicht in wat er zich achter de schermen heeft afgespeeld. En vooral ook wat er aan Amerikaanse zijde allemaal is misgegaan. Ik heb altijd gedacht dat de aanval op Pearl Harbor een pure verrassingsaanval is geweest. Maar in werkelijkheid was Amerika redelijk goed op de hoogte van het aanvalsplan en had veel schade voorkomen kunnen worden als de bureaucratie minder stroperig was geweest.

USS West Virginia
de getroffen USS West Virginia
I fear all we have done is to awaken a sleeping giant and fill him with a terrible resolve.

Admiraal Isoroku Yamamoto

Pearl Harbor StampAl op 16 oktober 1941 waren de Amerikaanse media zich bewust van de dreigende situatie. Ze besteedden in hun nieuwsartikelen dan ook enige aandacht aan deze dreiging. De inwoners van Amerika echter, voelden zich volledig beschermd door hun leger en besteedden weinig aandacht aan de artikelen. Henry Lewis Stimson, die op dat moment minister van defensie was in Amerika, was zich terdege bewust van de dreiging, want als reactie op de nieuwsartikelen sprak hij: Het is nu een tijd om te wachten, zodat Japan de eerste stap kan doen, waarna wij ze direct kunnen aanvallen. Japan en Amerika waren nog steeds in onderhandeling met elkaar, maar deze wilden niet vlotten. Op 5 november werden zes boodschappen onderschept waarin stond dat de onderhandelingen met Amerika voor 25 november afgerond zouden moeten zijn. De leider van de Japanse oorlogsoperatie, Yamamoto, wilde het hele Zuidelijke Pacifisch gebied in zijn macht krijgen en daarom ontwikkelde hij een strategie om Pearl Harbor, de Filipijnen en alle andere niet-Japanse plaatsen in dit gebied op het zelfde moment aan te vallen. Zijn plan hiervoor presenteerde hij op 7 november en hij noemde het plan Z.
 
Isoroku YamamotoNiemand bij de Japanse marine kende Pearl Harbor beter dan admiraal Isoroku Yamamoto. In zijn hut op zijn vlaggenschip Nagato hing een kaart van de basis waarop hij allerlei aantekeningen had gemaakt. Omdat alles op de basis met een vaste regelmaat verliep, kon hij weten wanneer hij daar de grootste scheepsconcentratie kon aantreffen. De luchtafweer was onvoldoende en hij geloofde dat een luchtaanval een grote kans van slagen had. Hij liet zich inspireren door admiraal Heihachiro Togo en noemde zijn plan naar diens Z-signaal tijdens de slag bij Tsushima (1905). Daarbij wist hij dat vierentwintig Britse vliegtuigen op 11 november 1940 bij een aanval op de Italiaanse vloot in Tarente drie slagschepen tot zinken brachten met een verlies van slechts drie toestellen. Ook de Amerikanen onderkenden het belang van deze aanval, maar admiraal Kimmel weigerde anti-torpedonetten te installeren omdat die de bewegingsvrijheid van zijn schepen hinderden.
 
Bron: nl.wikipedia.org

Het bijzondere van Tora! Tora! Tora! is dat het eigenlijk twee samengevoegde speelfilms zijn. De Japanse kant van het verhaal is geregisseerd door Kinji Fukasaku en wordt gespeeld door Japanse acteurs die uiteraard Japans spreken. Richard Fleischer regisseerde het Amerikaanse strijdtoneel.

Admiraal KimmelAdmiral Kimmel, in your opinion, why were you and General Short not notified well in advance that the attack was expected?
Admiral Kimmel: My belief is that General Short and I were not given the information available in Washington and were not informed of the impending attack because it was feared that action in Hawaii might deter the Japanese from making the attack. Our president had repeatedly assured the American people that the United States would not enter the war unless we were attacked. The Japanese attack on the fleet would put the United States in the war with the full suppport of the American public.
 
Bron: An Interview with Admiral Kimmel, 1958

Tora! Tora! Tora! [ imdb.com ] | Tora! Tora! Tora! [ en.wikipedia.org ]

woensdag 5 oktober 2011
zelfmoordeiland
gisteren gezien op DVD: Letters from Iwo Jima (2006)

Letters from Iwo JimaIn de Mad Men episode Guy walks in an advertising agency vindt er tijdens een feestje op het kantoor een bedrijfsongeval plaats met een motorische grasmaaier waarbij het bloed hoog tegen de muur opspat. “It’s like Iwo Jima out there", reageert de sarcastische Roger Sterling op het macabere tafereel.

Iwo Jima. Deze naam zei mij een paar jaar geleden nog weinig. Het moest daar in elk geval een bloederige strijd zijn geweest, ergens in de Pacific. Vorig jaar ben ik mij meer gaan verdiepen in de oorlog in de Pacific en zo kreeg Iwo Jima enige betekenis voor mij. Na Saipan en de Marianen was Iwo Jima de volgende stepstone voor de Amerikanen om hun B-29 bommenwerpers dichterbij Japan te brengen. In Tokyo was men doordrongen van dit gevaar en daarom werd er alles aan gedaan om het eiland voor Japan te behouden. Maar de Japanse vloot stelde na de Slag om Saipan weinig meer voor. Bovendien wilde Tokyo het laatste deel van zijn vliegtuigen inzetten om het moederland te beschermen. Iwo Jima was daardoor geïsoleerd en de 22.000 soldaten die het eiland versterkt hadden, moesten een hopeloze strijd voeren.

De enige uitweg in de hopeloze strijd was eervol zelfmoord plegen.

aanvalsplanOok voor de Amerikanen werd het een zeer bloedige strijd. De Japanners hadden in de rotswanden van de uitgedoofde vulkaan Suribachi een gangenstelsel uitgehouwen en konden vanaf de rotsen de stranden en het eiland onder vuur nemen bij een invasie. Op 19 februari 1945 om half acht ’s morgens begon de landing van 30.000 Amerikaanse mariniers op de stranden van Iwo Jima. Aanvankelijk hielden de Japanners zich stil. Toen de stranden vol waren met mariniers, werd het vuur geopend. De Amerikanen werden verschrikkelijk onder vuur genomen en zaten op het strand gevangen. Maar door de Amerikaanse overmacht waren de Japanners uiteindelijk overgelaten aan de genade van de vijand. Zélf kenden ze geen genade. De enige uitweg in de hopeloze strijd was eervol zelfmoord plegen. Iwo Jima werd een zelfmoordeiland. Na vijf weken vechten waren er 7000 Amerikaanse soldaten gesneuveld en 19.000 gewond. Van de 22.000 Japanse soldaten die het kleine eiland verdedigd hadden, overleefden er slechts tweehonderd. De rest werd in de strijd gedood of pleegde zelfmoord.

Iwo Jima 1944
Amerikaanse postzegel met de beroemde foto van Joe Rosenthal
Generaal KuribayashiGeneraal Kuribayashi vestigde zijn commandobasis op het noordelijke deel van het eiland. Zijn commandobunkers lagen ruim 20 meter onder de grond, verbonden met 200 meter lange tunnels. Bovengronds, in een stevige betonnen bunker, werkten 70 telegrafisten in ploegen. Heuvel 382 was na de vulkaan het hoogste punt van het eiland. Hier werd een weerstation en een radiostation gebouwd. Kolonel Chosaku Kaido was verantwoordelijk voor alle artillerie op het eiland en had zijn commando vlak bij het radiostation. Het grootste project was een 27 km lang stelsel van tunnels om alle grote defensieinstallaties te verbinden. Bij de landing door de Amerikanen was hiervan 13 km voltooid. De arbeid was extreem zwaar: de temperatuur bedroeg 30 tot 50 graden, men moest gasmaskers tegen de zwaveldampen dragen, en vanaf 8 december bombardeerde de Amerikaanse luchtmacht het eiland dagelijks. Ondanks de Amerikaanse blokkade door onderzeeërs en bommenwerpers bleven er versterkingen binnendruppelen. Uiteindelijk had generaal Kuribayashi de beschikking over 21.000 tot 23.000 man.
 
Bron: nl.wikipedia.org

iwojima.com | Letters from Iwo Jima [ official site ]

dinsdag 4 oktober 2011
geabstraheerde Middeleeuwen
gisterenavond gezien op Arte: Siegfried en Kriemhilds Rache (1924)

SiegfriedDe Duitse filmpionier Fritz Lang begon in 1922 aan zijn elfde film. Ditmaal was het een zeer ambitieus project dat veel doet denken aan de Tolkienverfilming van Peter Jackson 75 jaar later. De verfilming van het Nibelungenepos uit 1922-1924 was niet alleen een superproductie maar ook een fantasyfilm. Vanwege de lengte werden de film in twee delen gesneden: Siegfried en Kriemhilds Rache. Gisterenavond zond de Frans-Duitse zender Arte beide delen achter elkaar uit en ’s nachts volgde nog een documentaire over de restauratie van dit filmmonument.

Kriemhilds RacheNa bijna negentig jaar maakt de film nog steeds indruk. Toch kijk ik naar deze film vanuit een andere houding dan ik gewend ben. De cinematografie is beperkt, de traagheid vergt veel van het geduld, het acteerwerk is theatraal. Het is duidelijk een film uit een heel andere tijd. Maar dat maakt het juist zo spannend. De zwijgende film vraagt om een bepaalde manier van acteren en de primitieve cinematografie dwingt tot een bepaalde manier van vertellen.

Siegfried en Kriemhilds Rache staan nog dichtbij het theater en de schilderkunst. De acteurs hebben maskerachtige gezichten en bevriezen deze vaak in een ondubbelzinnige uitdrukking. Het groteske en niet subtiele geeft het expressionistische acteren zijn magische kracht: een fonkelende blik, gemene toegeknepen ogen, een ten hemel geslagen smachtende blik… En altijd onnatuurlijk lang vastgehouden om de emotie te accentueren.

Siegfried 1924
Kriemhilde wijst Hagen Tronje aan als de moordenaar van Siegfried. De meeste scenes zijn zorgvuldig geënsceneerde taferelen die rechtstreeks voortkomen uit de historieschilderkunst.
Het groteske en niet subtiele geeft het expressionistische acteren zijn magische kracht: een fonkelende blik, gemene toegeknepen ogen, een ten hemel geslagen smachtende blik… En altijd onnatuurlijk lang vastgehouden om de emotie te accentueren.

Een ander punt waar je bij een film uit de vroege jaren twintig tegenaan loopt, is de cinematografie. Er zijn nog geen pans, tilts, dollyshots, en andere camerabewegingen. De camera staat altijd op één vast punt. In- en uitzoomen is er ook niet bij. Je hebt dus eigenlijk de ervaring dat je in het theater zit en telkens een nieuwe scene op het toneel te zien krijgt. Ook kun je het vergelijken met een schilderijententoonstelling: telkens krijg je een volgend zorgvuldig geënsceneerd tafereel te zien, dat net als een schilderij een visuele vertelling is. Totaal, half-totaal en close up, dat is alles. Tegenwoordig zou dit slaapverwekkende cinematografie zijn, want we zijn nu gewend dat camera’s bewegen en dat ze ons zelfs fysiek in de film betrekken. De statische camera die een scene veel te lang vast houdt, daar hebben we allang het geduld niet meer voor. En toch is het juist deze manier van filmen die laat zien dat de filmkunst uit het theater en de schilderkunst voortkomt. Kijk bijvoorbeeld naar de filmdecors. Het zijn niet meer de geschilderde decors die in de schouwburg gebruikt werden. En toch ook wel weer, maar dan nu in 3D uitgevoerd op de filmset. De filmdecors zijn net als de geschilderde toneeldecors geïdealiseerd en vertellen het landschap zoals een klassiek schilderij het landschap vertelt: een weggetje dat naar de horizon leidt, halverwege een bruggetje en op de voorgrond de onvermijdelijke boom.

Kriemhilde
kostuumontwerper Paul Gerd Guderian heeft goed naar het werk van Gustav Klimt gekeken

De set decorateurs en de kostuumontwerpers hebben niet letterlijk historische stijlen geciteerd. Je denkt in de donkere Middeleeuwen te zijn, met spookachtige ridderfiguren, jonkvrouwen, dwergen en zelfs een draak. Maar als je beter kijkt, zie je dat je in de jaren twintig bent. Kriemhilde ziet eruit als een schikgodin die zo lijkt weggelopen uit een schilderij van Franz von Stück of Gustav Klimt. De mantel die ze draagt, met geabstraheerde vormen, driehoekjes, cirkels en blokjes, werd in de Middeleeuwen niet gedragen. Het is Wiener Secession, een variant van de Jugendstil waaruit in de jaren twintig de Art Deco is voortgekomen.

Kriemhilds Rache
stills uit Kriemhilds Rache 1924
Ik kijk in twee soorten verleden en ergens zie ik iets heel moderns tevoorschijn komen, een geabstraheerde Middeleeuwen.

Ook in de architectonische decors zijn de Middeleeuwen modern geïnterpreteerd. Het is een geabstraheerde wereld van grote vormen, die je ook tegenkomt bij architecten als Adolf Loos en Erich Mendelsohn. Deze overvloeiende tijdsbeelden vind ik intrigerend. Ik kijk in twee soorten verleden en ergens zie ik iets heel moderns tevoorschijn komen, een geabstraheerde Middeleeuwen met expressionistische acteurs. Componist Gottfried Huppertz heeft in de filmscore geen Wagnermotieven verwerkt, maar zijn muziek is bombastisch genoeg om de associatie met Wagner te maken. Dat komt er dus ook nog bij. Alles bij elkaar zijn de Nibelungenfilms een hutspot van tijdsbeelden: geromantiseerde Middeleeuwse, negentiende eeuws dramatiek en twintigste eeuwse abstractie. Deze verbinding tussen verschillende tijdvakken, tilt ons ergens boven de tijd uit. Anders gezegd: ergens is het nog altijd 1924.

Fritz LangWährend Fritz Lang sich mit diesem Film endgültig seinen Status als bildgewaltiger Regisseur verschaffte, war er für die Ufa bestens geeignet, mit ihrem hochmodernen Technikpark international zu reüssieren. Die Nibelungen gilt als bis dahin teuerste deutsche Filmproduktion. Die Vorbereitungszeit für Drehbuch, Bauten und Kostüme umfasste ein halbes Jahr, in dem ein künstlicher Wald mit neun Meter hohen Bäumen im Studio erbaut und ein 21 meter langer Drache mit lebensechten Bewegungsabläufen erschaffen wurde. Ein Vierteljahr lang kamen in der Wohnung Langs und von Harbous die Kameraleute Carl Hoffmann und Günther Rittau, der Komponist Gottfried Huppertz, der Maskenbildner Otto Genath, die Architekten Otto Hunte und Erich Kettelhut sowie der Techniker Karl Vollbrecht und der Kostümbildner Paul Gerd Guderian zu ausgedehnten Regiesitzungen zusammen. Dabei wurde jedes Detail, von den aufwendigen Bauten bis hin zum Gang eines Darstellers, diskutiert.
 
Bron: arte.tv

Siegfried [ imdb.com ] | Kriemhilds Rache [ imdb.com ] | Fritz Lang foto’s

maandag 3 oktober 2011
Schotlander in de Rijn
gisteren foto’s gemaakt in Natuurpark Meinerswijk bij Arnhem
Galloway
Galloway I
Galloway
Galloway II
De Galloway is kortbenig en heeft een ruig haarkleed, dat hem ’s winters in staat stelt buiten te blijven grazen en zelfs tijdens strenge kou te overleven. Het haar van de Galloway is lang en golvend en ook de oorschelpen zijn karakteristiek. Galloway-koeien hebben een gemiddelde schofthoogte van 120 cm en wegen 450-590 kg: stieren zijn gemiddeld 130 cm en wegen 600-900 kg. De dieren zijn robuust en vruchtbaar. Vaarzen zijn dekrijp op een leeftijd van 20-27 maanden, de tussenkalftijd bedraagt 365 dagen.
 
Bron: nl.wikipedia.org
Galloway
Galloway III

vriendenvanmeinerswijk.nl

zondag 2 oktober 2011
dit-nu-hierheid
wat had Martin Heidegger met het denken van Duns Scotus?
over de concrete nabijheid der dingen in de dertiende en twintigste eeuw

Martin HeideggerMet zijn hoofdwerk Sein und Zeit (1927) heeft Martin Heidegger een fundamentele ontologie willen ontwerpen. In Heidegger en zijn tijd beschrijft Rüdiger Safranski de ontwikkeling van Heidegger’s denken tegen de achtergrond van het Duitse denken aan het begin van de twintigste eeuw. Het is indrukwekkend om Sein und Zeit uit de tijd tevoorschijn te zien komen. In 1915 habiliteert de 25-jarige Heidegger bij de neo-Kantiaan Heinrich Rickert op een studie van de Middeleeuwse scholasticus Duns Scotus

Edmund HusserlIn het Middeleeuwse denken heeft Heidegger iets moderns en dus actueels ontdekt, dat aansluit op de fenomenologie van Edmund Husserl. Husserl wil zurück zu den Sachen selbst. Via de zogenaamde fenomenologische reductie wil hij door het web van abstracties die de taal schept heenbreken om in de nabijheid van de dingen zélf te kunnen komen. Ook de laat-dertiende eeuwse nominalist Duns Scotus (1266-1308) zocht naar deze nabijheid en noemde dit de haecceitas.

Duns Scotus noemt het dusdanig individuele de ‘haecceitas‘, wat letterlijk vertaald de ‘dit-nu-hierheid’ van de dingen betekent.

Duns ScotusIn zijn studie Die Kategorien- und Bedeutungslehre des Duns Scotus bestudeert Heidegger de tekst de modus significandi sive Grammativa speculitiva, die waarschijnlijk geschreven is door Thomas van Erfurt uit de School van Duns Scotus. De haecceitas (’dit-nu-hierheid’) van Duns Scotus neemt Heidegger over en noemt dit eerst de facticiteit en later de existentie. Zo is er dus door de bestudering van Duns Scotus door Martin Heidegger een directe band gekomen tussen het nominalisme van de dertiende eeuw en de existentiefilosofie van de twintigste eeuw.

Dat er een zijnde is (…) waarmee alles begint, is evident. Minder vanzelfsprekend is dat het zijnde altijd alleen maar als een zijnde, als een bepaald iets, dus als ‘één iets’ voorkomt, maar na enig nadenken is dat ook wel duidelijk. Maar het ‘ene’ is het ene alleen in onderscheid met iets wat ervan verschilt (’diversum’).
(…)
Maar hier bij die oorsprong begint al de haarfijne barst tussen het denken en het zijnde. Want, zo kun je je afvragen, is het een eigenschap van het ene zelf om niet het andere te zijn? Nee, elk zijnde is wat het is, en dat ‘niet-het-andere-zijn’ behoort niet tot zijn eigenschappen. Dat ‘niet’ wordt alleen door het vergelijkende denken aan de dingen toegevoegd. De dingen zijn als het ware in zichzelf gesloten, ze kunnen zich niet met elkaar vergelijken en zich daarom ook niet actief van elkaar onderscheiden. Ze onderscheiden zich niet van elkaar, maar het is mogelijk om ze te onderscheiden - door ons denken. Dat is een ontdekking met een verstrekkende betekenis. In Heideggers bewoordingen houdt zij in: Wat reeël existeert, is iets individueels (ondeelbaar). Duns Scotus noemt het dusdanig individuele de ‘haecceitas‘, wat letterlijk vertaald de ‘dit-nu-hierheid’ van de dingen betekent. Het respectieve is op zijn ruimte-tijd-punt iets eenmaligs.
Jos van Riswick
Jos van Riswick
Still life with five quinces (2011)
De dingen zijn als het ware in zichzelf gesloten, ze kunnen zich niet met elkaar vergelijken en zich daarom ook niet actief van elkaar onderscheiden.

Rüdiger Safranski

De betekenis van die ontdekking is verstrekkend, omdat zij op elementair niveau duidelijk maakt dat onze rede of ratio op rationele wijze van zichzelf kan abstraheren en onderscheid maken tussen wat de dingen op zichzelf zijn en wat ons denken toevoegt. Op zichzelf zijn het zuiver afzonderlijke dingen waartussen het verstand zich vergelijkend, verbindend en ordenend heen en weer beweegt.
 
Heidegger drukt dat in aansluiting op Duns Scotus zo uit: wij projecteren het zijnde, dat louter uit verschillende, afzonderlijke dingen (heterogeniteiten) bestaat, in een homogeen medium, waarbinnen wij het kunnen vergelijken, begrijpen en ook gewoon tellen. Wat die homogeniteit inhoudt wordt bijzonder duidelijk bij de getallenreeks. Als ik vijf appels tel, is het feit dat een appel de derde in de rij is geen eigenschap van die appel, want aan die appel zélf verandert niets als ik hem uit de rij neem. Aan de ene kant is er dus de heterogene verscheidenheid en aan de andere kant het homogene medium waarbinnen geteld kan worden. In de verscheidenheid van zijnden bestaat het getal niet, maar - en dat is beslissend voor de analoge verhouding - het is het zijnde in zijn verscheidenheid dat het tellen pas toelaat. Zo zijn beide domeinen met elkaar verbonden. Tussen de verscheidenheid van de afzonderlijke dingen en de ordening ervan in de getallenreeks bestaat nu juist de verhouding van de analogie.
 
uit: Heidegger en zijn tijd, door Rüdiger Safranski, Uitgeverij Contact 1995, 2000
Nederlandse vertaling: Mark Wildschut

Stillevens van Jos van Riswick [ postcardfromholland.blogspot.com ]

zaterdag 1 oktober 2011
bezeten wereld
In de schaduwen van morgen (1935) van Johan Huizinga

Johan Huizinga“Wij leven in een bezeten wereld. En wij weten het.” Zo begint In de schaduwen van morgen een diagnose van het geestelijk lijden van onze tijd van Johan Huizinga. Het boekje is een uitwerking van een voordracht die hij op 8 maart 1935 in Brussel gaf. Ik heb de derde druk uit november 1935 in mijn bezit. Huizinga zag zich genoodzaakt door ‘de gebeurtenissen die sinds de zomer van 1935 de wereld in spanning houden’ deze druk in het najaar ingrijpend te herzien en beschouwde de derde druk als de definitieve.

Die gebeurtenissen in 1935 waren overigens de vaststelling van de Neurenberger Rassenwetten op 15 juli en de versterking van de Italiaanse troepen in Italiaans-Somaliland en de daarop volgende inval in Abessinië. Met deze inval werd de Volkenbond voor schut gezet. Haile Selassie en zijn volk moesten aan hun lot worden overgelaten. De oude koloniale grootmachten Engeland en Frankrijk waren niet in staat tot een militaire interventie. Nadat in 1933 Japan al op pijnlijke wijze de machteloosheid van de Volkenbond had aangetoond, durfden de fascistische dictators Mussolini, Hitler en Franco in Europa de Japanse agressie wel te volgen. De wereld stond erbij en keek ernaar.

In deze dreiging waarin de democratie en de wereldvrede op het spel stonden, hield Huizinga zijn voordracht in Brussel. Zijn sombere visie staat in de traditie van het cultuurpessimisme dat na de Eerste Wereldoorlog de kop heeft opgestoken. Toch zag Huizinga zichzelf niet als een pessimist, maar als een optimist. Cultuurpessimisme en optimisme hoeven elkaar niet uit te sluiten.

In de schaduwen van morgen
uit het voorwoord bij eerste en tweede druk
In de schaduwen van morgen
uit het voorwoord bij de derde druk
De crisis in onze cultuur, zo is Huizinga van mening, ontstaat door een conflict tussen ‘kennen’ en ‘bestaan’ en niet door sociaal-economische problemen. Daar de moderne wetenschap niet zuiver objectief blijkt te zijn, is er wantrouwen ten aanzien van de rede ontstaan. Dit wantrouwen geeft ruimte voor het ‘beneden-redelijke’, de driften en instincten. Ook voor de moraal is dan geen plaats meer.
 
Bron: bol.com/nl
In de schaduwen van morgen
In de schaduwen van morgen titelblad

johannes@mimesis.nl

HTML Hit Counters
eXTReMe Tracker

het numineuze www.griffioen-beelden.nl

www.gerdrenshof.com

www.vanleestantiek.com

nl.orthodoxlogos.com

comics grafische vormgeving en webdesign muziek tekeningen en illustraties wetenschap taal & poëzie Rusland religie geschiedenis filosofie film boeken orthodoxie schilderkunst architectuur fotografie