Maandelijks archief: juni 2016

onverdraagzame Verlichting

vandaag 222 jaar geleden: La fête de l’Être suprême
op 20 prairial an II (8 juni 1794)

De opvatting dat het afschaffen van religie tot een vreedzame en dus betere wereld zou leiden, is de laatste jaren weer in opmars. De afschuw over het islamitische terrorisme wordt doorgetrokken naar religie in het algemeen. Godsdiensten zouden aanzetten tot onbegrip, haat en tenslotte tot geweld. Tegenstanders van religie hoeven maar naar de kruistochten of de godsdienstoorlogen van de zestiende en zeventiende eeuw te wijzen om hun gelijk te halen. In de achttiende eeuw zou de Verlichting de gemoederen tot bedaren brengen. Het verstand zou het ideale tegengif zijn tegen geloof.

La fête de l'Être suprême
La fête de l’Être suprême
op 20 prairial an II (8 juni 1794)

Toch blijft het allemaal een zaak van framing en selectief waarnemen. De seculiere ideologieën die via de Franse Revolutie zijn voortgekomen uit de Verlichting waren niet bepaald vreedzaam. Onder het atheïstische communisme en fascisme zijn waarschijnlijk meer slachtoffers gevallen dan bij de kruistochten, inquisitie en godsdienstoorlogen samen.

Maar zelfs al blijven we in de eeuw van de Verlichting, dan zien we dat een mensheid die zich door de Rede laat leiden, al snel ontspoort. Toen het christelijk geloof werd afgeschaft en vervangen werd door de Cultus van het Opperwezen, werd het revolutionaire Frankrijk zeker niet vreedzamer. Integendeel.

Onder het schrikbewind (1793-1794) van Robespierre werd Frankrijk gezuiverd van het christelijke geloof. De katholieke kerk werd schuldig verklaard en moest boeten. Het rigide secularisme van de radicale Jakobijnen gedroeg zich even intolerant als de kerkelijke inquisitie uit de late Middeleeuwen. Hoezo Verlichting?

Voor het christendom kwam een seculiere Jakobijnse religie in de plaats. Robespierre doopte deze met de naam De Cultus van het Opperwezen. Een maand voor zijn eigen ondergang werd op 20 prairial an II (8 juni 1794) La fête de l’Être suprême gevierd. De kern van deze cultus was deïstisch en draaide om “de god van de filosofen”, een transcendente idee van het universele, die we tegenwoordig nog altijd in New Age tegenkomen.

Robespierre geloofde dat de rede, met de cultus van de Rede, niet voldoende was om mensen deugdelijk te maken. Een nieuw soort godsdienst dat rationele draagvlakken had, moest het christendom vervangen. Overeenkomsten met het christendom had de cultus het geloof in een transcendente god en de onsterfelijkheid van het menselijke ziel. Tegensprekende kenmerken zijn o.a. de overtuiging dat die transcendente god na het scheppen van de aarde, de dieren en de mens, zich nimmer met het leven op aarde bemoeit. Verder zijn de deugden van deze godsdienst trouw aan je vaderland en de democratie. (Bron: nl.wikipedia.org)

Het verlichte schrikbewind van Robespierre laat zien dat een wereld die wordt aangevoerd door de zuivere Rede eerder leidt tot haar ondergang dan tot haar opgang. Dat moet een les zijn voor de tegenstanders van religie in onze tijd. Het is dus leven en laten leven. De gedachte dat een wereld zonder religie vreedzamer zou zijn, is niet alleen een misvatting, maar voedt ook het verlangen de wereld te zuiveren van religie. Een wereld waar de vrijheid ingeperkt wordt door een systeem van zuiveringen, religieus of verlicht, wordt beslist gewelddadig.

Cultus van het Opperwezen [ nl.wikipedia.org ]

Grenoble, 7 juni 1788

vandaag 228 jaar geleden: La Journée des Tuiles
de voorafschaduwing van 14 juli 1789

Als Citizens van Simon Schama mij tot nu toe iets geleerd heeft, dan is het wel dat de Franse Revolutie een aaneenschakeling van momenten geweest is die al lang voor 1789 begon. De bestorming van de Bastille op 14 juli 1789 was uiteindelijk de druppel die de emmer deed overlopen. Daarvoor waren er in heel Frankrijk al vele rellen en volksopstanden geweest. Van La Journée des Tuiles in Grenoble op 7 juni 1788 had ik nog nooit gehoord. Het kan gezien worden als een voorbode van de grote opstand in Parijs een jaar later.

Grenoble 1788
La Journée des Tuiles 7 juni 1788
(herdenkingspostzegel uit 1988)

StendhalStendhal en La Journée des Tuiles
 
Henry Beyle, de latere schrijver Stendhal, maakte de Dag van de Dakpannen als vijfjarig jongetje mee. In zijn autobiografische boek Vie de Henry Brulard (1834-1836) (vertaald als Het leven van Henry Brulard door C.N. Lijsen) schrijft hij hoe hij uit het raam kijkt en ziet hoe een bebloede hoedenmakersknecht in het huis tegenover hem wordt gedragen. Stendhal zou er een levenslange fascinatie voor bloed aan over houden.

Journée des Tuiles [ fr.wikipedia.org ]

geboortemomenten

aan het lezen in Citizens (1989) van Simon Schama

14 JuilletDe Fransen hebben hun Quatorze Juillet en de Amerikanen hun Fourth of July. Onze Zuiderburen hebben 21 juli als nationale feestdag. Dat is de dag waarop in 1831 de eerste koning der Belgen, Leopold van Saksen-Coburg-Gotha, de grondwettelijke eed aflegde als koning. Maar in Nederland is 5 mei de nationale feestdag. Eigenlijk zouden Nederlanders 26 juli als nationale feestdag moeten vieren. Op 26 juli 1581 werd in Den Haag het Plakkaat van Verlatinghe getekend, de geboorteakte van de Republiek.

Terwijl de Amerikanen, Belgen en Fransen met de nationale feestdag een geboortemoment vieren, respectievelijk de Amerikaanse, Franse en Belgische Revolutie vieren de Nederlanders niet de geboorte maar de meest recente bevrijding van hun land. Terwijl Nederlanders (en Vlamingen en Mechelaren) met enige trots 26 juli 1581 kunnen herdenken. Op die dag werd voor het eerst in de geschiedenis een onafhankelijkheidsverklaring getekend. De volkssoevereiniteit had het gewonnen van de koning bij gratie Gods. Voor de opstellers van de Declaration of Independance in 1776 was het Plakkaat van Verlatinghe uit 1581 daarom een lichtend voorbeeld. Het volk deed afstand van zijn koning.

Geboortemomenten worden gevierd als het begin van een nieuwe tijd. Toch laat de geschiedenis altijd weer continuïteit zien. Maar als er één breuk in de continuïteit van de moderne westerse geschiedenis valt aan te wijzen, dan is het de Franse Revolutie. Doordat de Jakobijnen in 1792 braken met de christelijke jaartelling en een revolutionaire kalender invoerden van 12 maanden met drie “weken” van tien dagen, was de continuïteit van de geschiedenis bewust verbroken. Napoleon zou in 1806 weer terugkeren naar de christelijke jaartelling en na het Congres van Wenen zou heel Europa de oude orde weer herstellen. Een nieuwe tijd breekt niet aan op één dag, maar komt geleidelijk of met horten en stoten tevoorschijn.

CitizensSimon Schama behandelt in Citizens uitgebreid de aanloop naar 14 juli 1789. Het is een prima keuze geweest om de geschiedenis van de Franse Revolutie al te laten beginnen na het einde van de Zevenjarige Oorlog in 1763. Daardoor kunnen allerlei samenhangen bestudeerd worden. Doordat Frankrijk zijn kolonies in Noord-Amerika verloren had, koesterde het een enorme wrok naar Engeland. Toen de Amerikaanse kolonisten in de eerste helft van de jaren zeventig tegen George III van Engeland in opstand kwamen, moest Frankrijk de Amerikaanse zaak wel gaan steunen. Schama wijst dan ook op de verstrengeling tussen de Verlichting en de Amerikaanse Revolutie. De Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog (1775-1783) zou vanaf 1778 door Frankrijk gesteund worden. Dit zou in de jaren tachtig leiden tot een enorme Franse staatsschuld, die door ongelukkig beleid steeds hoger zou oplopen en tenslotte zou culmineren in de volksopstand van 1789.