Het verleden is iets merkwaardigs, vooral als het om onze jeugd gaat. Nu ik inmiddels een veertiger geworden ben, heeft mijn jeugd een eeuwigheidsstatus gekregen. Het verleden is de steen die je niet wentelen kunt en die onwrikbaar op zijn plek blijft liggen, een leven lang. De dag na Pasen was ik in een nostalgische bui en heb ik een klassenfoto uit 1973/74 op schoolbank.nl geplaatst. Ik zat toen in de vijfde klas van de CNS II in Veenendaal.

Alle 40 namen ken ik tot mijn verbazing nog. Alleen bij de Van Kooten tweeling haal ik de namen door elkaar, net als toen trouwens.
Gisteren was ik weer eens in Veenendaal en kwam ik even op het Dr. Slotemaker de Bruïneplein terecht waar het gebouw van de voormalige CNS staat. Het heeft voor mij altijd een rituele functie gehad om op deze plek terug te komen; even contact maken met mijn jeugd, de jaren tussen mijn zesde en twaalfde. Maar gisterenmiddag bleek de traditionele sentimental journey naar het Dr. Slotemaker de Bruïneplein plotseling een afscheid. Want aan het gebouw van de CNS II knaagde een gele grijper.
die je niet wentelen kunt
en die onwrikbaar op zijn plek
blijft liggen, een leven lang

Gelukkig draag ik meestal een fototoestel bij me en kon ik het afscheid vastleggen. Het schoolplein was al behoorlijk omgewoeld en er stonden een paar containers. Ik vroeg aan een van de slopers of ik het gebouw even mocht inlopen. Dat mocht wel, het asbest was toch al verwijderd. Als ik maar uit de buurt van de grijper bleef. Ik liep naar het lokaal waar ik in augustus 1969 in klas 1 (groep3) aan mijn lagere schooltijd begonnen was.

De eerste schooldag in augustus 1969 kan ik me nog heel goed herinneren. Het moet in de week geweest zijn van het Woodstock Festival
In deze ruimte heb ik heel wat van mijn kostbare kindertijd doorgebracht. Hier heb ik lezen en schrijven geleerd. Hier tekende ik de eerste plattegrond van mijn wereld. Hier hoorde ik met Bijbelse geschiedenis over het volk van Israël dat veertig jaar door de Sinaï zwierf. Veertig jaren! Daar kon ik mij als zesjarige niets bij voorstellen. Nu als 46-jarige weet ik wat het betekent… Het is precies de periode die mij scheidt van de tijd dat ik in dit ontzielde lokaal mijn eerste jaar op ‘de grote school’ doorbracht.

Volgende week is het schoolgebouw met de grond gelijk gemaakt en zal er geen steen meer op de andere liggen. En tóch, mijn jeugd blijft de steen die niemand wentelen kan. Onwrikbaar blijft deze op zijn plek liggen, een leven lang.

lokaal 1 (1969/70) en lokaal 4 (1972/73)
staan nog net overeind…

Willem II was de enige Romantische ridder die Nederland ooit heeft geregeerd en zijn exotische bruid Anna Paulowna bracht de praal van het Russische hof naar de Lage Landen bij de Zee, op het moment dat Romantische kunstenaars en dichters stonden te dringen om de nieuwe eenheidsstaat, het Koninkrijk der Verenigde Nederland, te bezingen. Willem II verzamelde niet alleen kunst op grote schaal, hij introduceerde de Romantische gotiek in Nederland en liet ‘middeleeuwse’ paleizen en vorstelijke onderkomens ontwerpen in heel Nederlanden in België. Na zijn dood wijdde Anna paleiszalen aan de nagedachtenis van haar ranke oorlogsheld.Voor het eerst zijn alle kunstuitingen rond Willem en Anna in één boek bijeengebracht, van de poëzie van Bilderdijk en Tollens tot de schilderijen van Kruseman en Koekkoek, van de Russisch-orthodoxe kapellen in Den Haag en Soestdijk tot de paleizen in Berlijn, Tervuren en Sint Petersburg. Een fascinerend tijdsgewricht komt tot leven: de Franse revolutie, Napoleon, de Slag bij Waterloo, de Tiendaagse Veldtocht, Van Speijk, Victoria en Thorbecke, de dynastieke verwikkelingen van de Oranjes en Romanovs, de Saksen-Coburgs, Bourbons en Bonapartes, kortom: Revolutie en Romantiek.
Anna Paulowna (1795-1865) was een dochter van tsaar Paul I van Rusland en diens vrouw Sophia Dorothea Augusta Louisa van Württemberg, in Rusland beter bekend als tsarina Maria Fjodorovna. Toen zij 6 jaar was werd haar vader vermoord en opgevolgd door zijn zoon Alexander I. In 1809 (ze was toen veertien jaar oud) heeft keizer Napoleon geprobeerd haar te trouwen, maar zijn verzoek werd afgewezen. Hij was toen op zoek naar een adellijke echtgenote, maar kreeg Anna’s hand niet, na verzet van Anna zelf en haar moeder tsaritsa Maria Fjodorovna, de vrouw van tsaar Paul I. In 1814 was er een plan geweest om Anna uit te huwelijken aan de Franse prins Karel, zoon van de latere koning Karel X. Maar doordat Anna direct na het huwelijk zich tot het katholicisme zou moeten bekeren, ging dit uiteindelijk niet door. Toen de verloving tussen de Nederlandse prins Willem II en de Engelse prinses Charlotte werd verbroken, werd Anna door haar broer, tsaar Alexander, hij was een goede vriend van kroonprins Willem, als geschikte huwelijkskandidate naar voren geschoven. Na een reis van bijna een maand arriveerde kroonprins Willem met zijn vader koning Willem I op 20 december 1815 in het Russische Sint-Petersburg. Aldaar heeft het huwelijksaanzoek plaatsgevonden. Na onderhandelingen op het gebied van geloofsovertuiging werd overeengekomen dat zij Russisch-Orthodox mocht blijven, al bezocht zij later ook veel hervormde kerkdiensten. Op 21 februari 1816 trouwde ze met veel pracht en praal in het Rozenpaviljoen, dat zich in de paleistuin van het Pavlovsk-paleis nabij Sint-Petersburg bevindt, met de latere koning Willem II.












