woensdag 31 maart 2010
Friedrich’s Friends
romantici in beeld
Friedrich's Friends
de vrienden van Caspar David Friedrich van voren gezien (olieverf op geprepareerd karton)
dinsdag 30 maart 2010
broeders en zusters
gelezen: Tijd van Onbehagen door Ad Verbrugge
het verdwijnen van de ervaring van heiligheid in onze cultuur
We dienen ons af te vragen wat het verdwijnen van de ervaring van heiligheid voor onze cultuur zou kunnen betekenen. Men kan hier meteen het postmoderne bezwaar aantekenen dat dit wel al te ‘grote woorden’ zijn die we beter niet kunnen gebruiken, omdat er immers ook zoveel ellende uit is voortgekomen. Grote woorden zijn echter nodig waar navenant grote zaken in het geding zijn. Er zal hier worden betoogd dat de ervaring van heiligheid wezenlijk is voor de samenhang van een gemeenschap en dat vooral in de hedendaagse Verlichting deze ervaring ontbreekt.
 
Bron: Tijd van Onbehagen, Uitgeverij SUN, 2004, blz. 229
Het heilige bezielt ons,
niet omgekeerd;
dat is de ethologische realiteit
van het heilige,
of dat vanuit een uitwendig perspectief een drogbeeld is
of niet, doet niet ter zake
Russische parochie Nijmegen
Russische Kerk Hl. Tychon Nijmegen
De richting van de Europese cultuur als geheel kan niet los worden gezien van de christelijke symbolisering waarin de mens werd gedreven door een bepaalde ervaring van het heilige om van daaruit zijn leven en de wereld gestalte te geven. De subjectiviteit in de religieuze levenservaring was er toch altijd één waarin de mens zich in zijn innerlijke leven afgestemd wist op een groter heilig verband. Voorts behoorde tot de idee van de waarheid van het individu in zijn godsverhouding tegelijkertijd het diep doorvoelde besef van de eigen zondigheid en daarmee van de noodzaak tot een wedergeboorte in Christus door de genade Gods. Deze wedergeboorte was bovendien een gemeenschappelijke aangelegenheid van ‘broeders en zusters‘. Daarom werd juist de zelfzucht als bron van kwaad en van demonische excessen ervaren; een motief dat iemand als Shakespeare op weergaloze wijze voel- en zichtbaar heeft gemaakt.
 
Bron: Tijd van Onbehagen, Uitgeverij SUN, 2004, blz. 231

Tijd van Onbehagen [ books.google.nl ]

maandag 29 maart 2010
Goede Week 2010
deze week is het de Goede Week
Monday, Tuesday, Wednesday: The End - These three days, which the Church calls Great and Holy have within the liturgical development of the Holy Week a very definite purpose. They place all its celebrations in the perspective of End ; they remind us of the eschatological meaning of Pascha. So often Holy Week is considered one of the “beautiful traditions” or “customs,” a self-evident “part” of our calendar.
icoon van het Laatste Avondmaal
icoon van het Laatste Avondmaal
We take it for granted and enjoy it as a cherished annual event which we have “observed” since childhood, we admire the beauty of its services, the pageantry of its rites and, last but not least, we like the fuss about the paschal table. And then, when all this is done we resume our normal life. But do we understand that when the world rejected its Savior, when “Jesus began to be sorrowful and very heavy… and his soul was exceedingly sorrowful even unto death,” when He died on the Cross, “normal life” came to its end and is no longer possible. For there were “normal” men who shouted “Crucify Him [” who spat at Him and nailed Him to the Cross. And they hated and killed Him precisely because He was troubling their normal life. It was indeed a perfectly “normal” world which preferred darkness and death to light and life…. By the death of Jesus the “normal” world, and “normal” life were irrevocably condemned. Or rather they revealed their true and abnormal inability to receive the Light, the terrible power of evil in them. “Now is the Judgment of this world” (John 12:31). The Pascha of Jesus signified its end to “this world” and it has been at its end since then. This end can last for hundreds of centuries this does not alter the nature of time in which we live as the “last time.” “The fashion of this world passeth away…” (I Cor. 7:31).
 
Bron: oca.org

Journey to PaschaJourney to Pascha
A Daily Guide Through Holy Week

The services of Holy Week transform us into eyewitnesses and direct participants in the awesome events of the Passion and Resurrection of Jesus Christ…

(Deze brochure is te downloaden op lent.goarch.org als PDF in twee formaten: 8.5x11 inch en 11x17 inch Format, beiden 13 MB groot)
 

een traag wezen
gelezen in NRC Handelsblad: de column van Afshin Ellian
Sint Job mag niet verzoenen, hij moet polariseren
Afshin EllianDe wereld is sinds de globalisering van de massamedia, de invoering van de computer en internet dramatisch veranderd. De snelheid waarmee de politieke, economische en culturele werkelijkheid zichzelf modificeert en uitvindt, is voor het beperkte bevattingsvermogen van de mens angstaanjagend. Elke vorm van rust is weg. Snelheid is de maat. Echter, de mens is nog steeds een traag wezen. Het mentale denkproces ging de trage fysieke werkelijkheid van de mens altijd ver te boven.
 
Sinds de succesvolle intrede van de exacte en empirische wetenschappen ziet de mens zijn traagheid als een gebrek. Een goede auto is een auto die snel is. En ook een goede computer is een snelle computer. Het gaat zelfs niet meer om de snelheid op aarde, maar om snelheid in de ruimte: de snelheid waarmee de mens zich in de ruimte kan verplaatsen.
 
Hoe werkt de snelle mens? Zijn fantasieën moeten worden verwezenlijkt in de reële wereld. Wat betekent dit voor de politieke realiteit? Er is geen tijd voor bedachtzaamheid, bezinning en traagheid.
 
Het dataverkeer confronteert ons elke seconde met een grote hoeveelheid nieuws uit alle delen van de wereld. Hier schrikken zelfs onze fantasieën van. De gewelddadige hoeveelheid informatie saboteert soms elke serieuze poging om tot een oordeel te komen. Daardoor wordt ons oordeelsvermogen verlamd, dat niet op snelheid maar op rust, regels en referentiekaders is gebaseerd. Ook komen daardoor de politieke instituties in de problemen. Deze instituties zijn bedacht om de snelheid en vergankelijkheid tegen te gaan.
 
Afshin Elian in NRC Handelsblad, Opine & Debat 27 maart
De gewelddadige hoeveelheid
informatie saboteert soms
elke serieuze poging om
tot een oordeel te komen
pauw & witteman
Televisie was altijd een snel medium, maar kan tegenwoordig niet meer zonder zijn jongere en snellere broertje. Daarom hebben nieuwsrubrieken op televisie allemaal hun eigen website en twitter-kanaal, die niet alleen grote invloed hebben op de journalistiek, maar ook op onze tijd om het nieuws te verwerken.

lees de hele column [ weblogs.nrc.nl ]

zondag 28 maart 2010
oriëntalist
Marius Alexander Jacques Bauer (1867-1932)
ets
in zijn etsen is Marius Bauer qua stijl en oriëntalisme schatplichtig aan Rembrandt
BenaresMarius Bauer volgde van 1878 tot 1885 de Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag, waar hij met onder andere zijn tijdgenoot Breitner les kreeg. Hij was lid van de Pulchri Studio en Arti et Amicitiae. In 1888 maakte hij een studiereis naar Istanboel. Vanaf dat moment is het ‘Oosten’ zijn hoofdonderwerp. Hij maakte hierna vele reizen naar Spanje, Rusland, Marokko, Algerije, Egypte, India, Ceylon en Nederlands-Indië.
 
Bauer maakte vooral etsen, aquarellen en olieverfschilderijen van Oosterse steden, kamelen, olifanten, Arabieren en moskeeën. Zijn stijl kan omschreven worden als impressionistisch maar is ook beïnvloed door de Haagse School in zowel techniek als lichtgebruik. Bauer is bovendien de Nederlandse oriëntalist bij uitstek. Ook zwervers en donkere steegjes leverde in zijn werk mooie taferelen op.
 
Hij heeft altijd een eigen visie op de werkelijkheid gehad, maar baseerde zijn werk op zijn schetsen en op foto’s die hij onderweg kocht. Al bleef hij er altijd een eigen draai aan geven. Al tijdens zijn leven was Bauer een beroemd kunstenaar. Hij heeft dan ook meerdere onderscheidingen en prijzen in ontvangst mogen nemen. Zo won hij meerdere prijzen aan de Haagsche Academie en is Bauer benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Nu de aandacht voor het oriëntalisme groeit, ontstaat er ook steeds meer belangstelling voor het werk van Bauer.
 
Bron: nl.wikipedia.org

mariusbauer.nl

zaterdag 27 maart 2010
Heidegger verstehen
Martina bracht gisteren uit Duitsland een DVD over Heidegger mee…
Heidegger verstehenHeidegger »Das ist Philosophie. Ich verstehe kein Wort. Aber das ist Philosophie«, meinte schon C.F. von Weizsäcker. Hier erklären bedeutende Heidegger-Kenner, was es mit seinem weitläufigen, oft unzugänglich wirkenden Werk auf sich hat. In 11 Beiträgen erläutern sie die Bedeutung und Originalität des Begründers der Fundamentalontologie: von seiner revolutionären Frage nach dem Sein bis zur Frankfurter Schule. Dabei wird auch Heideggers Verstrickung in den Faschismus nicht ausgespart. Dokumentationen, Interviews, Gespräche, Vorträge und Aufnahmen mit: Peter Sloterdijk, Karl Rahner, Hans-Georg Gadamer, Victor Farias, Alexander Schwan, Eugen Fink, Günther Anders, André Glucksmann, u.a. Die DVD enthält die einzigen Originalaufnahmen mit Martin Heidegger, u.a. 1964 im Gespräch mit dem buddhistischen Mönch Bhikku Maha Mani.
 
Bron: jokers.de

Martin Heidegger over taal, het Zijn,
Karl Marx en religie

Heidegger verstehen [ jokers.de ]

vrijdag 26 maart 2010
Nur ein Gott kann uns retten
gelezen: het Spiegel interview met Martin Heidegger uit 1966

In 1966 vond er een beroemd geworden interview plaats met de toen 77-jarige Martin Heidegger. De filosoof werd vooral ondervraagd over zijn omstreden nazi-verleden, maar ook over zijn visie op de rol van de techniek en de toekomst van de westerse wereld. Heideggers antwoord: “Nur ein Gott kann uns retten” Pas na zijn dood in 1976 mocht Der Spiegel het publiceren.

Der Spiegel
Het interview met Martin Heidegger
verscheen op 31 mei 1976 in Der Spiegel

Der Spiegel #23 uit 1976 is te bestellen bij spodats.de en kost € 12.

download het interview als PDF [ engelse vertaling ]

donderdag 25 maart 2010
de dood van God?
gelezen in Tijd van Onbehagen (2004) van Ad Verbrugge

Tijd van OnbehagenIk maakte het eerst kennis met Ad Verbrugge door een avondje Zomergast(en) in 2006. Verbrugge (Terneuzen, 1967) is een filosoof van mijn eigen generatie en stelt zich duidelijk pessimistischer op dan de voorgaande generatie, de babyboomers. Vorige week begon ik eindelijk aan Tijd van Onbehagen, een bundel filosofische esays over een cultuur op drift. Op de omslag staat het schilderij Erwartung (1935) van Richard Oelze afgebeeld. De onheilszwangere sfeer brengt Untergang des Abendlandes van cultuurpessimist Oswald Spengler in herinnering. Verbrugge is niet de enige die het interbellum (en zijn cultuurpessimisme) verbindt met onze tijd. Na de optimistische jaren vijftig en zestig waarin de babyboomers opgroeiden, volgden de moeilijke jaren zeventig en tachtig, waarin de generatie van Verbrugge tot bewustwording kwam. In de jaren negentig nam de welvaart weliswaar toe, maar tegelijkertijd werd de schaduwzijde steeds meer zichtbaar en in het nieuwe millennium moest ook de mondiale instabiliteit onder ogen gezien worden. Het maakbaarheidsideaal van de babyboomers kwam onder druk te staan.

Verbrugge sluit aan bij een groep denkers die zich communitaristen noemen. Deze leggen de nadruk eerder op het cement van de samenleving dan op de bouwstenen (het individu) en bekritiseren het individualisme dat in hun ogen sinds de jaren zestig te ver is doorgeslagen. Het gevolg is dat de boel uit elkaar dreigt te vallen. William Butler YeatsThings fall apart, the centre cannot hold” wordt regelmatig geciteerd en ook worden parallelen getrokken met de duistere tijd waarin het nationaal socialisme zich kon ontwikkelen en presenteren als dé oplossing om de boel bij elkaar te houden. Religie speelt een centrale rol als het gaat om datgene wat mensen bindt. Niet voor niets maakte het nationaal socialisme gebruik van het mythische en (quasi-)religieuze. En niet voor niets is de mensheid na de oorlog huiverig geworden voor religie, ideologie en Grote Verhalen en laat de post-moderne mens zich liever leiden door relativisme. De ‘veilige’ optie van het relativisme ondermijnt echter ook de gemeenschap. Het bindmiddel van gemeenschappelijke waarden spoelt weg wanneer waarheid vervangen wordt door ‘eigen waarheid’ (lees: mening). Wat overblijft zijn losse individuen. Daarom is de voornaamste zorg van het communitarisme het vaststellen en beschermen van gemeenschappelijke waarden die een samenleving bij elkaar houden.

In het voorlaatste en langste essay De dood van God? uit de bundel Tijd van Onbehagen geeft Verbrugge en filosofisch en historisch overzicht van de (westerse) Verlichting en het onvermijdelijke gevolg daarvan, wat we na Nietzsche de dood van God zijn gaan noemen. Verbrugge vervangt Nietzsches uitroepteken met een vraagteken. Want religie en God zijn weer helemaal terug. Hoe kan dat eigenlijk? Het geseculariseerde westen wordt geconfronteerd met miljoenen migranten voor wie Allah springlevend is. Hebben we hier enkel te maken met een botsing van beschavingen of is er méér aan de hand? Is er toch méér tussen hemel en aarde zoals ietsisten menen. Of heeft deze wereld een sterk westers beschavingsoffensief nodig, m.a.w. moet de islam door de Verlichting worden gejaagd? Verbrugge gelooft niet in de Verlichting zoals zijn collega’s Paul Cliteur en Herman Philipse en dat maakt hem voor mij een open filosoof, die de zwakke plekken van de (westerse) Verlichting onder ogen wil zien.

Ad VerbruggeVerbrugge groeide op in een gelovig protestants milieu in Terneuzen, waar hij ook de middelbare school doorliep en al vroeg in de weer was met vragen over het ontstaan van de wereld en de aard van de samenleving. Hij koos dan ook voor een studie filosofie, die hij volgde aan de Universiteit Leiden van 1985 tot 1991. In 1994 werd hij er benoemd tot universitair docent wijsgerige ethiek.
 
Vijf jaar later - na een inhoudelijk conflict met zijn promotor in Leiden - promoveerde hij aan de KU Leuven op een proefschrift over de omstreden Duitse filosoof Martin Heidegger. In Leiden werd hij in 2002 verkozen tot docent van het jaar. In zijn veelbesproken boek Tijd van Onbehagen (2004) ontleedt hij aan de hand van fenomenen als zinloos geweld en de vorming van Europa de geest van deze tijd, die zich in de ogen van Verbrugge kenmerkt door het ontbreken van gemeenschapszin en een gebrek aan bezieling. Verbrugge wil zich inzetten om de samenleving te veranderen. Dat levert hem naast veel bijval ook kritiek - vooral uit linkse hoek - op.
 
Bron: vpro.nl

Ad Verbrugge [ nl.wikipedia.org ]

woensdag 24 maart 2010
verontrustende scenario’s
maandagavond gezien bij Tegenlicht: Energy Risk

olie- en gasleidingenIn 2006 was bij Tegenlicht de documentaire Energy War te zien waarover ik later in mijn blog schreef. Centraal in deze documentaire stond de visie van Thomas L. Friedman die hij in zijn boek Hot, flat and crowded presenteert. Afgelopen maandag volgde in Tegenlicht de documentaire Energy Risk waarin een aantal experts op het gebied van energie en geopolitiek aan het woord kwam. Ook aan hen werd weer de brandende vraag voorgelegd: Wat doen we straks als onze fossiele brandstoffen op zijn?

olie- en gasleidingen
boven: olie- en gasleidingen vanuit Rusland
rechtsboven: de Southstream (blauw)
Nabucco (rood) en Nordstream (groen)
In de loop van de 21e eeuw zullen fossiele brandstoffen opraken. Zwartkijkers geven ons, gezien de explosieve groei in China en India, nog maar 25 jaar om op duurzame energie over te schakelen. Zullen Europa (en Nederland) wel tijdig hun transitie hebben afgerond, vóórdat olie en gas schaars en/of te duur en/of moeilijk bereikbaar worden? Zullen onze energieafhankelijke economieën nog wel gewoon door kunnen draaien? Dat zijn belangrijke vragen in een wereld waarin nieuwe machtsblokken en politieke allianties ontstaan op basis van verschillen in energiesituatie. ‘Bij “energietransitie” gaat iedereen graag uit van een harmonieuze ontwikkeling’, zegt Coby van der Linde, directeur van het Clingendael International Energy Programme (CIEP), ‘maar als je kijkt naar de geschiedenis dan zie je dat dit soort grote veranderingen vaker met conflict gepaard gaan’. Van der Linde ontwikkelde een toekomstscenario dat Tegenlicht voorlegde aan buitenlandse deskundigen. Samen schetsen zij een verontrustend beeld van geopolitieke conflicten die ons mogelijk te wachten staan. Met Michael Klare (o.a. ‘Resource Wars’ en ‘Rising Powers, Shrinking Planet, the new geopoliticis of energy’), oud-admiraal William Fallon (voormalig gezagvoerder van CentCom), politiek econoom Mikhail Deliagin (Moskou), Edward Lucas (’The New Cold War‘), Youssef Ibrahim (columnist en ‘political risk consultant’) en Ariel Cohen (senior research fellow The Heritage Foundation).
 
Bron: tegenlicht.vpro.nl

The New Cold WarThe New Cold War
Russia’s vengeful, xenophobic, and ruthless rulers have turned the sick man of Europe into a menacing bully. The rise to power of Vladimir Putin and his ex-KGB colleagues coincided with a tenfold rise in world oil prices. Though its incompetent authoritarian rule is a tragic missed opportunity for the Russian people, Kremlin, Inc. has paid off the state’s crippling debts and is restoring its clout at home and abroad. Inside Russia it has crushed every constraint, muzzling the media, brushing aside political opposition, castrating the courts and closing down critical pressure groups. The murders in 2006 of the journalist Anna Politkovskaya in Russia, and the British citizen Aleksandr Litvinenko, highlight the danger faced by anyone who stands in the Kremlin’s way. In eastern Europe, vulnerable and ill-run, and even in the complacent rich democracies, Russia is subverting the institutions of state and buying up the commanding heights of the economy.
 
Bron: edwardlucas.com

The New Cold War [ edwardlucas.com ] | tegenlicht.vpro.nl

dinsdag 23 maart 2010
such stuff
collages
such stuff
we are such stuff
as dreams are made on
and our little life
is rounded with a sleep
maandag 22 maart 2010
buitenstaanders [ 2 ]
Joost van den Toorn en de outsiderkunst
Kröller-Müller Museum Otterlo tot 20 juni 2010

In de tentoonstelling zijn in totaal 85 werken van 32 outsiderkunstenaars te zien, waaronder Fritz Koller, Otto Prinz, Franz Artenjak en George Widener.

Het Kröller-Müller Museumorganiseert jaarlijks verschillende tijdelijke tentoonstellingen. Het betreft tentoonstellingen met kunstwerken uit de vaste Kröller-Müller collectie en tentoonstellingen over hedendaagse kunst. In het museumgebouw zijn een aantal tijdelijke tentoonstellingsruimtes waar kleine, bijzondere presentaties getoond worden of speciale objecten worden uitgelicht. U kunt hier een plattegrond met locaties van actuele tentoonstellingen downloaden.
 
Joost van den ToornIn het prentenkabinet toont het museum bronzen en keramische beelden van de Nederlandse kunstenaar Joost van den Toorn, in combinatie met een door de kunstenaar verzamelde collectie outsiderkunst. Van den Toorn vindt het bijzonder zijn collectie te tonen in het Kröller-Müller Museum vanwege de grote collectie schilderijen van Vincent van Gogh. Juist deze kunstenaar werd in zijn beginjaren, en ook daarna, gezien als outsider.
 
Zelf zegt hij over zijn verzameling: “Goede kunst is zo zeldzaam, dat je er beter ook op minder voor de hand liggende plaatsen naar kunt zoeken. Niet alleen ver weg, maar ook aan de zelfkant van onze maatschappij. Veel van het hier verzamelde werk werd gemaakt in psychiatrische inrichtingen, zoals de Gugging in Maria Gugging in Oostenrijk, in daklozenpensions, of op straat. In het museum hangt het resultaat van tien jaar verzamelwoede. Gekocht bij een stuk of vijf gespecialiseerde galeries in Europa, de VS en op veilingen. Ik hoop dat deze bezielde, compromisloze kunst, u net zo inspireert als ze mij heeft gedaan en nog steeds doet”.
 
Bron: www.kmm.nl

joostvandentoorn.nl | meer buitenstaanders [ W&V ]

zondag 21 maart 2010
volg de meester [ 5 ]
Sir Henry Raeburn en Sir Joshua Reynolds
Sir Joshua Reynolds
bovenste reeks: acrylverf toonschildering in titaanwit op imprimatura van dekkend ivoorzwart en dunne gele oker
onderste reeks: olieverf over het incarnaat een glacis van rauwe sienna achtergrond in rauwe omber

van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan [ PDF ]

zaterdag 20 maart 2010
hoog hoger hoogst [ 13 ]
de hoogste gebouwen ter wereld van honderd jaar geleden

Sinds januari staat het hoogste gebouw ter wereld, de Burj Khalifa in Dubai. Met een hoogte van 828 meter laat het nummer twee, de Tapei 101 (508 m.) in Taiwan ver achter zich.

hoogste gebouwen 2008
in 2008 waren dit de hoogste gebouwen. De Burj Khalifa staat hier nog niet bij en steekt nog eens ruim 200 m. boven de CN tower uit

Honderd jaar geleden was de wedloop om het hoogste gebouw ter wereld een Amerikaanse affaire en was New York het terrein waar deze strijd gestreden werd. Wolkenkrabbers zagen er nog niet futuristisch uit, maar waren in neo-stijlen opgetrokken. Het neo-barokke Singer Building (187 m.) mocht van 1908 tot 1909 de titel van hoogste gebouw ter wereld dragen.

Singer Building
in 1908 overtrof het Singer Building (187 m.) in hoogte alle andere gebouwen ter wereld

In 1909 nam de Metropolitan Life Insurance Company Tower (213 m.) de titel over. Dit gebouw is een vergrootte kopie van de toren aan het San Marcoplein in Venetië, die overigens ook te vinden is op het overzicht hierboven uit 1908.

Met Life Insurance Tower 1909
de Metropolitan Life Insurance Company Tower (213 m.) vlak voor zijn voltooiing in 1909

Vier jaar later werd ook dit gebouw weer ingehaald door het neo-gothische Woolworth_Building (241 m.). Pas in 1930 zou deze wolkenkrabber weer overtroffen worden door het Chrysler Building (1930). Neo-stijlen waren inmiddels uit, de klassieke (art deco) wolkenkrabberstijl was geboren.

Woolworth Building
in juli 1912 had het Woolworth Building
(241 m.) de titelhouder uit 1909 overtroffen.
Lower Manhattan
Lower Manhattan rond 1915 met links het Woolworth Building (1913) en rechts het Singer Building (1908)


overzicht van hoogste gebouwen ter wereld (1890-2009)

meer wolkenkrabbers op deze blog

vrijdag 19 maart 2010
das Ungeheure
Peter Sloterdijk en ‘de dood van God’
Sloterdijk is mijns inziens op zijn sterkst wanneer hij schrijft over de manier waarop de moderne mens reageert op de ‘dood van God’. Nietzsche constateerde – toen nog met huiver – het mede door toedoen van wetenschappelijke ontdekkingen voor velen ongeloofwaardig worden van een transcendent Opperwezen als oriëntatiepunt voor de mens. De hemel is verdwenen; de aarde blijft verweesd en doelloos achter. De mens heeft geen ijkpunt meer in illusies als rede, goedheid of rechtvaardigheid. Hij is bevrijd, maar moet nu zelf grenzen stellen in een grenzeloze en eenzame wereld. Dit besef noemt Sloterdijk het ‘monstrueuze’ (das Ungeheure). Hij werkt het (ondermeer) op een toegankelijke manier uit in zijn lezing Kansen in de gevarenzone. De klassieke metafysische driehoek God-mens-wereld is verdampt. Daardoor “groeit het allesomvattende wereldblok uit tot een ontologisch monstrum met een nauwelijks begrijpelijke vorm.”
 
Bron: bashengstmengel.wordpress.com
De mens heeft geen ijkpunt meer in illusies als rede, goedheid of rechtvaardigheid.
Hij is bevrijd, maar moet nu zelf grenzen stellen in een grenzeloze en eenzame wereld.
Astro TV
Sloterdijk schrijft op boeiende wijze over ‘neo-religieuze’ zelfhulpboeken, talkshows, goeroes en televisiedominees, New Age, de Amerikaanse succesreligie to make god happen en het ‘jezelf zijn’
De mens en de wereld zijn niet langer gedefinieerd in hun verhouding tot God. “De mens treft zichzelf in een radicalere zin dan ooit tevoren ‘in de wereld’ aan – radicaler omdat in-de-wereld-zijn tegenwoordig ook helemaal van-de-wereld-zijn moet betekenen.” De wereld is en ‘hyperimmanente ruimte’ geworden. “Van de transcendente pool waarop we ons konden terugtrekken beroofd, zijn we in het monster genaamd wereld ingevoegd en zijn in zijn ingewanden verloren.” De ‘moderne subjectiviteiten’ kunnen zich niet langer op een bovenzinnelijke wereld beroepen. “Ze moeten op zelfhandhaving door recht, techniek en therapie gokken.” In verschillende boeken concretiseert Sloterdijk dit op boeiende wijze, wanneer hij schrijft over ‘neo-religieuze’ zelfhulpboeken, talkshows, goeroes en televisiedominees, New Age, de Amerikaanse succesreligie to make god happen en het ‘jezelf zijn’.
 
Bron: bashengstmengel.wordpress.com

petersloterdijk.net

Sein zum Tode
Martin Heidegger over onze angst voor de dood
De fundamentele ervaring van de mens is de angst. De angst beangstigt zich niet zozeer voor andere zijnde, maar voor het dasein als zodanig, scherper uitgedrukt: voor de mogelijkheid van het eigen niet-zijn. De angst is de radicale ervaring waarin aan de mens het zijnde in het geheel ontglijdt: hij ontmoet zijn eigen dood. De dood komt het dasein niet van buiten tegemoet. Hij hoort erbij: dasein is er slechts als Sein zum Tode.
 
Uit deze ontmoeting met eigen dood als de absolute grens ontspringt de eigenlijke gewichtigheid en dringendheid van het dasein. Zouden wij beschikken over een oneindig lange tijd, dan zou er niets dringend, niets gewichtig, niets ‘werkelijk’ zijn. Gewoonlijk sluiten wij de ogen voor deze feitelijkheid. Wij vergeten dat we in het aangezicht van de dood ons voor ieder eigen, onverwisselbaar leven moeten verwerkelijken. Wij glijden af naar het oneigenlijke, het vrijblijvende, naar het ‘men’.
De angst is de radicale ervaring waarin aan de mens het zijnde
in het geheel ontglijdt:
hij ontmoet zijn eigen dood.
Sein zum Tode
Wij vergeten dat we in het aangezicht van de dood ons voor ieder eigen, onverwisselbaar leven moeten verwerkelijken. Wij glijden af naar het oneigenlijke, het vrijblijvende, naar het ‘men’.
Bezinning kan ons echter leren inzien dat de dood ons oproept tot het op ons nemen van onze eigen existentie; hij openbaart de onherroepelijkheid van onze beslissingen en roept ons tot het eigenlijke en eigen leven in vrijheid en verantwoordelijkheid voor onszelf.
Bron: Geschiedenis van de Filosofie door Hans Joachim Störig
Uitgeverij Het Spectrum 1985, deel twee, blz. 300
donderdag 18 maart 2010
smakeloze stijlenbrij
eclecticisme - negentiende eeuwse neo-stijlen

victoriaanse meubelDe stijlperiode tussen ‘Biedermeier’ en vóór Berlage wordt in Nederland wel eens met De Lelijke Tijd aangeduid. Het is de periode van het historisme (1835-1895). Daarin worden historische stijlen zoals rococo of gotiek geïnterpreteerd en gecombineerd tot een uitbundige - typisch 19de eeuwse - stijl.

Om ‘de kaalslag’ van het modernisme na de Eerste Wereldoorlog te kunnen begrijpen, zou je je eigenlijk eerst moeten ‘opsluiten’ in de negentiende eeuw. De regeerperiode van koningin Victoria (1837-1901) viel samen met het historisme, vandaar dat we deze tijd meestal het Victoriaanse tijdperk noemen. Maar we zouden het ook het tijdperk van Franz Jozef kunnen noemen. Deze was van 1848 tot 1916 keizer van Oostenrijk-Hongarije. Je hoeft maar naar films van D.W.Griffith te kijken om te weten dat de gezwollenheid van de negentiende eeuw tijdens de Eerste Wereldoorlog nog steeds niet echt was doorgeprikt. Maar na 1920 ging het ineens hard: het Russische constructivisme, het Bauhaus en De Stijl sloegen met hun sloophamers de negentiende eeuwse bombast aan barrels. De moderne twintigste eeuw moest nuchter, strak en zakelijk zijn.

victoriaanse meubel

In de winter van 1995 was er in het Rijksmuseum de tentoonstelling De Lelijke Tijd te zien met kunstnijverheid uit de periode 1835-1895. Ik heb die helaas niet gezien, maar wanneer ik op Google Images zoek op “Victorian furniture” dan haal ik al die lelijkheid weer ruimschoots in. Een bezoek aan Huis Doorn volstaat ook. De laatste Duitse keizer staat immers bekend om zijn bedorven smaak. Ook de Franse keizer Napoleon III leed aan ’stijl-boulimie’. Zo is de Opéra Garnier die onder Napoleon III gebouwd werd exemplarisch voor de neo-barok van het Tweede Keizerrijk. De neo-barok werd tot in de twintigste eeuw toegepast, van Duitsland (waar het de Wilhelminischer Stil genoemd werd met o.a. Reichstag, Bodemuseum, Berliner Dom) tot de Verenigde Staten (Philadelphia City Hall en Singer Building in New York).

Philadelphia City Hall
Philadelphia City Hall werd gebouwd tussen 1871 en 1901 in de neo-barok stijl. Van 1901 tot 1908 was de 167 meter hoge toren het hoogste bewoonbare bouwwerk ter wereld.
Singer Building in 1908
het Singer Building in New York met Mansarde dak in aanbouw, ca. 1908. Een jaar lang (tot 1909) was dit het hoogste gebouw ter wereld. Het was zowel van van buiten als van binnen in Second Empire Baroque. Maar in 1968 ging de potsierlijke 187 meter hoge wolkenkrabber onder de sloophamer. Het had zestig jaar bestaan…
de lelijke tijd catalogusDe Lelijke Tijd
Voor de negentiende-eeuwse objecten is lange tijd nauwelijks belangstelling geweest, waardoor zij opgeborgen bleven op zolders en in kelders en depots van de musea. In de vorige eeuw keek men graag naar stijlen uit het verleden en verwerkte daar elementen uit. De twintigste eeuw zette zich tegen dergelijke mengvormen af. Het museum spreekt over originele en verbazingwekkende meesterwerken, maar wil de bezoeker vooral in staat stellen een eigen oordeel te vormen. Meubelen en zilver staan centraal op de tentoonstelling, omdat Nederland juist op deze gebieden veel heeft ge presteerd. Keramiek werd veelal uit het buitenland geïmporteerd of naar Engels voorbeeld gekopieerd. De eerste neo-stijl die in de negentiende eeuw veel toepassing vond, was de neo-gothiek. Op de tentoonstelling zal onder meer een neo-gothische zilverkast van koning Willem II te zien zijn, evenals de troonzetel die hij bij zijn inhuldiging in 1840 gebruikte.
 
victoriaanse meubelOok zullen rijk versierde ‘tentoonstellingsstukken’ worden geëxposeerd die speciaal gemaakt werden voor nijverheids- en wereldtentoonstellingen. In de tweede helft van de negentiende eeuw was het scala van stijlen waaruit men putte enorm, zoals op de expositie moet blijken. Daarin wordt een belangrijke plaats ingeruimd voor Pierre Cuypers, de architect van het Rijksmuseum. Hij was niet alleen de bouwmeester bij de herbouw van kasteel De Haar bij Utrecht, en ontwerper van talloze gebouwen (kerken, stations, huizen) maar ontwierp ook de interieurs en de meubelen en ornamenten. Een selectie daarvan is in ‘De Lelijke tijd’ te zien.
 
Bron: trouw.nl
KMMA Tervuren
Ook in België en in Nederland werd aan het begin van de twintigste eeuw nog in historische stijlen gebouwd. Het Africamuseum in Tervuren van de Franse architect Charles Girault en het Vredespaleis in Den Haag van Louis M. Cordonnier ook een Franse architect, werden na 1900 gebouwd en resp. in 1910 en 1913 voltooid. Beide gebouwen staan er nog …

De Lelijke Tijd [ volkskrant.nl ] | eclecticisme [ nl.wikipedia.org ]

woensdag 17 maart 2010
gekleurd grijs
Johannes Kneppelhout en Gerard Bilders Brieven en dagboek

Gekleurd GrijsJaren geleden schreef ik iets over de boekjes Schilders in Oosterbeek van Victorine Hefting, Kneppelhout en de Veluwse schildersbent van Else Maas en twee boekjes van Peter van der Kuil: Jan Kneppelhout en zijn tijdgenoten plus een wandelgids langs verschillende markante plekken in de schilderachtige omgeving van Oosterbeek, verschenen bij Uitgeverij Kontrast. Enige tijd geleden verscheen bij Uitgeverij Waanders het boek Gekleurd Grijs, waarin het dagboek van Gerard Bilders (zoon van de Oosterbeekse schilder W.G. Bilders) én een deel van zijn briefwisseling met de Oosterbeekse mecenas Johannes Kneppelhout is opgenomen. De inleiding is van Wiepke Loos.

Ik heb tegenwoordig allerlei avondgedachten en maak schilderijen met landschappen,
die en silhouette tegen
cadmium-luchten uitkomen

Gerard Bilders, dagboek, 26 mei 1862

Gerard BildersDe jonggestorven landschapschilder Gerard Bilders (1838-1865) wordt beschouwd als een van de voorlopers van de Haagse School. Naast een delicaat geschilderd oeuvre zijn er ook belangwekkende geschriften van zijn hand bewaard gebleven, die door de letterkundige Johannes Kneppelhout in een zeer gelimiteerde editie zijn uitgegeven.
 
Als schilder maakte Bilders zich omstreeks 1860 los van de Romantiek en zocht naar zijn eigen zeggen naar een toon, dien wij gekleurd grijs noemen. De lezenswaardige en ontroerende briefwisseling met Kneppelhout geeft inzicht in Bilders’ moeizame kunstenaarsbestaan, zijn worstelingen met zijn talenten en de slopende ziekte (tuberculose) waaraan hij op 26-jarige leeftijd bezweek. Een belangrijk deel van de correspondentie is gewijd aan de grote Europese literatuur, het negentiende-eeuwse kunstleven en Kneppelhouts opvoedingsidealen.
 
Deze integrale heruitgave van het zeldzame Dagboek en Brieven van A.G. Bilders – wel vergeleken met de brieven van Van Gogh – is rijk geïllustreerd met werk van Gerard Bilders, zijn voorgangers en tijdgenoten, en is voorzien van een uitgebreid notenapparaat.
 
Bron: waanders.nl
Kneppelhout
Jan Kneppelhout en zijn tijdgenoten
wandelgids Oosterbeek en omgeving
Aangetrokken tot de bijzondere schoonheid en sfeer die Oosterbeek en omgeving uitstralen, strijken hier in de 19de eeuw vele schilders, schrijvers, dichters, wetenschappers en andere vooraanstaanden neer. Onder hen is ook Jan Kneppelhout (1814-1885). Hij en zijn echtgenote, Ursula van Braam, maken hun huis de Hemelsche Berg tot een plek waar talenten en notabelen vooraanstaande samenkomen. Jan Kneppelhout en zijn tijdgenoten laat de lezer in een cultuurhistorische wandeling kennis maken met deze 19de-eeuwers en met een gebied dat ook nu nog vele pittoreske plekken kent. Het bevat unieke historische foto’s en afbeeldingen van kunstwerken en een aparte handzame gids die de wandelaar langs de rijke historie en het schitterende landschap van Oosterbeek voert.
192 pag. + wandelgids 32 pag. 250 illustraties, Full colour, form. 17x24 cm, gebonden met harde kaft ISBN: 978-90-78215-21-9 € 27,50
 
Bron: uitgeverijkontrast.nl
Kneppelhout gedenkteken
Op 17 september 1895 bood het dankbare Oosterbeek mevrouw Ursula Kneppelhout haar en “wijlen haren onvergetelijke Echtgenoot” een gedenkteken aan ter gelegenheid van haar 70ste verjaardag.

Gerard Bilders, brieven en dagboek [ dbnl.org ]
Johannes Kneppelhout [ dbnl.org ]

dinsdag 16 maart 2010
hedendaagse Nederlandse tekenaars [ 11 ]
Never a day without lines met o.a. Kinke Kooi
tot 21 maart in de KetelFactory in Schiedam
Kinke Kooi
Kinke Kooi Be Careful She’s a Nester
Never a day without lines
Een tentoonstellingreeks in drie edities met de tekening als uitgangspunt. Tekenen in de meest pure vorm en met de inhoudelijkheid die bij de autonome kunst thuishoort. De KetelFactory heeft vanuit dit idee beeldend kunstenaars uitgenodigd bij wie de tekening centraal staat binnen hun oeuvre. Van eind januari tot begin juli 2010 zullen binnen de drie edities, steeds verschillende beeldend kunstenaars hun tekeningen tonen.
 
De inhoud, ‘het verhaal’ wat de kunstenaar wil vertellen is bepalend voor de vorm waarin de tekening tot stand komt en het materiaal dat hiervoor gebruikt wordt. De tekening is binnen de beeldende kunst eigenlijk de meest ‘kwetsbare’ vorm die een kunstenaar kan gebruiken. Hij of zij kan zich niet verschuilen achter indrukwekkend en esthetisch materiaalgebruik. Die ene lijn moet vorm geven aan wat het hoofd bedenkt. De tekening die vanuit een gedachte of een innerlijke wereld bewust of onbewust groeit en vorm krijgt op een drager zoals papier,doek of wand.
 
Bron: deketelfactory.nl

deketelfactory.nl | kinkekooi.com | meer hedendaagse nederlandse tekenaars

maandag 15 maart 2010
God zit in de details
afgelopen zaterdag op Nederland 2 : De Troon

‘Niet doorvertellen hoor…’ zegt de kleine prinses Marianne (het kleine zusje van Guillot, de latere koning Willem II) wanneer ze Anna Paulovna voor het eerst ontmoet, de zuster van tsaar Alexander II met wie haar grote broer in 1816 trouwt, ‘…maar de kroon van mijn vader is eigenlijk van hout hoor!’ De tolk die Anna en Guillot dag en nacht begeleidt, vertaalt het maar niet…

huwelijkskroning uit De Troon
huwelijkskroning van Willem II en Anna Paulovna in Sint Petersburg volgens De Troon
De geestelijken hadden een mitra moeten dragen

Waar de waarheid wordt gesproken over de hoofdbedekking van koning Willem I, zo onjuist is De Troon over de hoofdbedekking van de Russische geestelijkheid. Regisseur Erik de Bruyn zal misschien gedacht hebben dat met het gedragen orthodoxe gezang, de wierookvaten en het visueel rijke kerkinterieur bij de meeste kijkers het beeld van de Russische Kerk wel compleet zal zijn. Maar God zit in de details. Tijdens de huwelijkskroning in De Troon zien we twee Russische geestelijken met bisschopsmijters op. Ook is er in het interieur van de kerk geen iconostase te bekennen. Voor de art director en de regisseur misschien onbelangrijke details. Of gewoon gebrek aan geld? Het budget voor De Troon bedroeg namelijk maar twee miljoen Euro.

huwelijkskroning uit The Deerhunter
huwelijkskroning uit The Deerhunter

Erik de Bruyn had wat mij betreft beter een voorbeeld kunnen nemen aan Michael Cimino. De regisseur van The Deer Hunter laat tijdens de plechtige huwelijkskroning in de Saint Sergius de Russische kathedraal van Cleveland de priester figureren zónder hoofdbedekking. Ook al heeft deze baardloze priester iets katholieks over zich, de iconostase maakt in ieder geval duidelijk dat je hier in een orthodoxe kerk bent.

De Troon [ avro.nl ]

zondag 14 maart 2010
Caravaggio tutto completo
alle schilderijen van Michelangelo Merisi da Caravaggio online
caravaggio.com
caravaggio.com

caravaggio.com | Caravaggio [ nl.wikipedia.org ]

zaterdag 13 maart 2010
en 24 heures très libéral
162 jaar geleden werd koning Willem II in 24 uur liberaal
vanavond op Nederland 2 om 20.15 De Troon

Willem IIIn de vierde aflevering van De Troon (niet vanavond maar over twee weken op 27 maart) gaat het o.a. over grondwetsherziening van 1848. Voor ons land is dat een erg belangrijke gebeurtenis geweest, omdat deze de basis heeft gelegd voor ons huidige stelsel van parlementaire democratie. Niet langer is de koning, maar zijn de ministers verantwoordelijk voor het beleid. De Tweede Kamer krijgt veel meer invloed en wordt bovendien rechtstreeks - weliswaar voorlopig nog door een beperkte groep kiezers - gekozen.

Vous voyez devant vous un homme, qui de très conservatif est devenu en 24 heures très libéral

koning Willem II

Met zijn koerswending verraste Willem II zijn omgeving. Hij kondigde zijn besluit geheel uit eigen beweging aan, met voorbijgaan van zijn ministersploeg. Tegenover de gezanten van de vier grote Europese mogendheden (Oostenrijk, Engeland, Pruisen en Rusland) verklaarde hij zijn daad enkele dagen later met de gevleugelde woorden, dat tegenover hen een man stond die binnen 24 uur van zeer conservatief tot zeer liberaal was geworden. Hij zei dit natuurlijk in het Frans, destijds de taal van het diplomatieke verkeer: ‘Vous voyez devant vous un homme, qui de très conservatif est devenu en 24 heures très libéral.’
 
Bron: volkskrant.nl

Waarom draaide Willem II op 13 maart 1848 ineens 180 graden? In februari was in Frankrijk de burgerkoning Louis Philippe afgezet en was de Tweede Republiek uitgeroepen. En een maand later brak in Pruisen de Maart Revolutie uit waarbij door het volk democratische en liberale hervormingen werden afgedwongen. De conservatieve Oranje koning zag zijn hoofd al onderaan de guillotine liggen. Willem II zou met zijn beperkte macht niet lang meer leven. Een jaar na zijn ‘bekering’ tot liberaal, overlijdt hij op 17 maart 1849.

ThorbeckeKort na de afkondiging van de Grondwetsherziening van 1840 doet Willem I afstand van de troon ten gunste van zijn oudste zoon, die vanaf 7 oktober 1840 als koning Willem II i gaat regeren. Het bewind van de nieuwe koning verschilt niet zo veel van dat van zijn vader. Ook Willem II heeft veel invloed op het bestuur en bemoeit zich met allerlei detailzaken. Bovendien is er net als onder het bewind van zijn vader veel kritiek op het financiële beleid. De koning houdt bovendien lange tijd iedere democratische hervorming tegen, en wenst zeker geen grotere invloed van de Tweede Kamer op het bestuur. Als echter begin 1848 in Duitsland en Frankrijk revoluties uitbreken, wijzigt hij (in één nacht) van standpunt. Buiten zijn ministers om vraagt hij de Tweede Kamervoorzitter om advies. Er wordt vervolgens een Grondwetscommissie ingesteld onder leiding van de liberaal Thorbecke. Die commissie komt met ingrijpende wijzigingen. De nieuwe Grondwet is de basis van ons huidige parlementaire stelsel. Op 17 maart 1849, vier maanden nadat de Grondwetsherziening tot stand is gekomen, overlijdt Willem II.
 
Bron: parlement.com
inhuldiging Willem II in 1840
de inhuldiging van Willem II in 1840
in de Nieuwe Kerk in Amsterdam
J.G.Kikkert over de inhuldiging Willem II in 1840: “Ouderen herinnerden zich de sobere plechtigheid, waarmee koning Willem I zijn waardigheid aanvaardde. Bovendien was er kritiek op de overdadigheid van de versieringen in de Nieuwe Kerk in Amsterdam, waar de plechtigheid plaatsvond. Immers: in diezelfde novembermaand van 1840 genoten 70.000 van de 225.000 Amsterdammers bijstand en dreigden van honger dood te gaan (Giele, 1968)
 
Bron: J.G.Kikkert, De drie Oranje koningen, Uitgeverij Aspekt, 2010

Vóór de grondwetsherziening van 1848 had de koning zoveel vrijheid dat hij als een autocraat met zijn bevolking om kon gaan. In de jaren veertig groeide overal in Europa de kritiek en brokkelde de Restauratie van 1815 verder af. Populair werd het ‘Onze Vader’ van de journalist Jan de Vos:

Onze Koning, die in ’s-Gravenhage zijt!
Uw naam worde geëerbiedigd!
Uw Koninkrijk moge blijven bestaan!
Uw wil geschiede, zoowel aan het Hof als bij de burgerij!
Geef ons heden door wijze wetten,
dat wij tenminste ons dagelijks brood mogen verdienen.
En vergeef ons onze achterstallige belasting, gelijk ook wij wel moeten doen met hen, die het ons toekomende niet kunnen betalen!
Leid ons niet in verzoeking om U te haten,
maar verlos ons van eenige ministers…
Amen!

Jan de Vos, 1845

Het revolutiejaar 1848
De voornaamste oorzaak van het uitbreken van de revolutie was de wijdverbreide ontevredenheid over het reactionaire, absolutistische regeringssysteem in de Duitse staten sinds het Congres van Wenen (1815). Het symbool van dit systeem was de Oostenrijkse kanselier Klemens von Metternich, die (o.a. met de besluiten van Karlsbad) de persvrijheid beknotte en liberale en nationalistische bewegingen verbood en vervolgde. In economisch opzicht speelden de Industriële revolutie, de daarmee samenhangende verpaupering en de grote misoogsten van 1846 een rol. Een directe aanleiding voor de Maartrevolutie was de Februarirevolutie in Frankrijk, die een einde maakte aan de heerschappij van de burgerkoning Louis Philippe.
 
Bron: nl.wikipedia.org

de grondwetsherziening van 1848 | prorepublica.nl

vrijdag 12 maart 2010
Rockefeller Madonna
Vandaag opent in Maastricht de Tefaf en duurt tot 21 maart

Het topstuk op de Tefaf is dit jaar een paneeltje van Sandro Botticelli dat door kunsthandel Dickinson uit New York voor 11,1 miljoen Euro wordt aangeboden. Het schilderijtje maakte deel uit van de kunstcollectie van John D. Rockefeller jr en wordt daarom wel de Rockefeller Madonna genoemd, niet te verwarren met de Madonna of the Rocks van Leonardo da Vinci. Daar bestaan zelfs twee exemplaren van die nu waarschijnlijk voor altijd in het Louvre en in de National Gallery zullen blijven.

Botticelli
Sandro Botticelli (ca. 1493/5)
Madonna met kind en Johannes de Doper
tempera op paneel, 47.6 x 38.1 cm.
Madonna and Child with the Infant Saint John was painted by Alessandro Felipepi di Mariano di Vanni, called Sandro Botticelli, about 1493-95. It depicts an adoring Saint John kneeling with his hands joined in prayer before Christ, and wearing, as is usual, a tunic of animal skins and holding his distinctive reed cross. The subject of the painting was popular in Renaissance Florence despite there being no scriptural basis for John having met the infant Christ before the latter’s baptism.
 
Bron: elogedelart.canalblog.com

tefaf.com

donderdag 11 maart 2010
Der Krieg in Farben
De Tweede Wereldoorlog in kleur
Apocalypse World War II op Canvas en Der Krieg op ARD

Mijn brein zit tegenwoordig zo in elkaar dat ik bij een zwartwitfoto in de krant langer stilsta dan bij een kleurenfoto. Nu kranten in kleur gedrukt worden, is een zwartwitfoto meestal een historische foto. En het verleden trekt mij aan als een magneet. De oppervlakte geeft zich meer bloot, als ik onder de waan van de dag mag kijken. Ik voel me dan weer het jongetje dat op zijn buik de ondiepe bodem van de plas bestudeert. Bovendien houd ik van zwartwit foto’s omdat ze een imaginaire zwartwit-werkelijkheid laten zien. Als ik filmopnamen uit de jaren dertig zie, dan stel ik mij wel eens voor dat mijn ouders die van 1930 zijn, in zwartwit geboren zijn in een zwartwit kinderkamer. Natuurlijk was het rood toen even rood als nu. Maar toch, volgens de metabletica van Jan Hendrik van den Berg kán het: de wereld was vroeger zwartwit en is kleur geworden.


Apocalypse World War II

Apocalypse World War II DVDHet bijzondere van de documentaire Apocalypse World War II die vanaf gisteren op Canvas de komende zes weken wordt uitgezonden, is dat alle beelden in kleur zijn. Dat is bedrieglijk. Ook al kon er in 1939 in technicolor gefilmd worden (denk aan The Wizard of Oz uit dat jaar), dat gebeurde nog sporadisch. De meeste beelden zijn (erg goed) ingekleurd. Toch brengt dat de Tweede Wereldoorlog ineens heel dichtbij. Vroeger zat er voor mijn gevoel altijd een enorm gat tussen de Tweede Wereldoorlog en de Vietnamoorlog (waarschijnlijk omdat ik in dat ‘gat’ geboren ben), maar in feite was het maar 20 jaar, terwijl de Vietnamoorlog alweer 35 jaar achter ons ligt. Zwartwit beelden zijn in zekere zin veilig omdat ze bij een grijs verleden horen dat ver achter ons ligt. De (in)kleur(ing) maakt Apocalypse World War II griezelig actueel.

Apocalypse World War II toont de Tweede Wereldoorlog zoals die nog niet eerder te zien was. Vaak gefilmd door gewone soldaten en burgers. De beelden zijn volledig gerestaureerd en ingekleurd (een van de duurste restauraties ooit met een budget van 9 miljoen) in high definition. De serie geeft aan de hand van deze authentieke archiefbeelden de harde realiteit van de oorlog van heel dichtbij weer. Apocalypse World War II bevat, onder andere, zeldzame opnames van het bloedbad van Katyn in Rusland, de evacuatie van het Britse expeditieleger vanuit Duinkerke, de inhumane behandeling van Franse soldaten die door de Nazi’s gevangen waren genomen en de opoffering van Sovjet-soldaten bij Stalingrad.
 
Bron: a-film.nl

Overigens loopt op de Duitse televisie (ARD) ook een korte serie met nieuw filmmateriaal over de Tweede Wereldoorlog. Der Krieg is nog één keer te zien, op maandagavond 15 maart om 21.00. Ook deze serie toont alles in kleur.

bekijk de trailer [ video.canvas.be ]

woensdag 10 maart 2010
Kneuterdijk
gezien: De Troon elke zaterdagavond op Nederland 2 om 20.15
gelezen: De Drie Oranje Koningen van J.G. Kikkert

beginscene uit De TroonZaterdagavond ging de Nederlandse dramaserie De Troon van start. Regisseur Erik de Bruyn had in interviews al gezegd dat hij zich had laten inspireren door de dynamiek en eigentijdse frisheid van Marie-Antoinette van Sophia Coppola. Dat was meteen al aan de openingsscene te zien waarin we regentes Emma en een lakei door de paleistuin zien rennen. En ook daarna zie je geregeld opgewonden adel en hofhouding door paleizen rennen, gefilmd in handheld. Sophia Coppola was zeker niet de eerste die de achttiende eeuw met veel dynamiek in beeld gebracht heeft. Ook in Orlando (1992) en The Madness of George III (1994) zien we ‘rennende kostuums’ door paleistuinen en horen we opgejaagde muziek. Geen plechtige Shakespeare-achtige tableau vivants zoals in Willem van Oranje (1984). Zó moest De Troon dus niet worden en zo is het ook dus ook niet geworden.

De Troon
een deel van de stamboom met foto’s van de acteurs moet helpen om de serie beter te kunnen volgen…

Het taalgebruik is bewust hedendaags gehouden en dat lijkt mij een logische keuze. Men sprak aan het hof voornamelijk Frans en Duits en als er al een Nederlands woord zou zijn gevallen, dan zou dat Nederlands op z’n Bilderdijks zijn geweest. “We moeten alles doen om een troon onder onze kont te krijgen” zegt Willem Frederik (de latere koning Willem I) tegen zijn zoontje Guillot (de latere koning Willem II) als hij op audiëntie gaat bij Napoleon. Die scene heeft iets lachwekkend amateuristisch maar dat is waarschijnlijk bewust zo gedaan om de kneuterigheid van de Oranjes op het Europese toneel te benadrukken. De vrouw van koning Willem II en zus van tsaar Alexander I, Anna Paulovna, sprak met Russisch accent van Kneuterdijk en bedoelde daar dan ons land mee.

We moeten alles doen om een troon onder onze kont te krijgen

Willem Frederik tegen zijn zoontje Guillot

KikkertNaast de tv-serie De Troon lees ik in De Drie Oranje Koningen van Oranjekenner J.G. Kikkert. Dit boek leek mij een betere keuze dan het omstreden Voor de troon wordt men niet ongestraft geboren van Dorine Hermans en Daniela Hooghiemstra, het boek waarop Ger Beukenkamp het scenario van De Troon gebaseerd heeft. Jan Kikkert heeft een indrukwekkend aantal oranjebiografieën op zijn naam staan en Prins Bernhard noemde hem ‘een nephistoricus‘ wat zijn betrouwbaarheid dus vergroot. Koning Willem I komt na zijn bronnenonderzoek (de tekst is met veel noten) niet bijzonder sympathiek naar voren. Hij was toch vooral de man die de Oranje dynastie zijn fortuin gaf ‘over de magere ruggen van de Javanen en hun lotgenoten’, zoals Kikkert schrijft. Hij wist een trouwe aanhang voor zich te winnen door deze in de adelstand te verheffen. Schandalen gingen met zwijggeld in de doofpot. Als het boek al zo begint, wat heeft het dan nog in petto? De drie hoofdstukken die ieder een Willem behandelen, heten respectievelijk: “Dit verfoeylijk wezen", “Laten we niet teveel van hem verwachten” en “Koning Gorilla".

De Troon [ avro.nl ] | prorepublica.nl

dinsdag 9 maart 2010
volg de meester [ 4 ]
Sir Joshua Reynolds (1723-1793)
Sir Joshua Reynolds
portret van William Strahan
door Sir Joshua Reynolds
eerste glacis
onderschilderingen in acrylverf

van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan [ PDF ]

maandag 8 maart 2010
volg de meester [ 3 ]
Sir Henry Raeburn (1756-1823)
Henry Raeburn
portret van John Playfair en Francis Horner
door Sir Henry Raeburn
Henry Raeburn kopie
onderschilderingen

van oude meesters en dingen die niet voorbijgaan [ PDF ]

zondag 7 maart 2010
yes I can see now
vanmiddag gezien op televisie : City Lights (1931)

Prachtig melodramatisch verhaal van en met Charles Chaplin als de kleine vagebond. Het tijdperk van de talkie was net begonnen, maar Charley Chaplin bleef met zijn achtergrond als varieté-artiest het sterkst in de gestyleerde werkelijkheid van de stomme film. Tachtig jaar na de opnamen blijft de film amuseren en ontroeren. City Lights was de favouriete film van Orson Welles die zelf de beste Amerikaanse film van de twintigste eeuw maakte.

City Lights
laatste beeld uit City Lights
Charles Chaplin’s first film made during the sound era. He faced extreme pressure to make the film as a talkie, but such was his popularity and power in Hollywood that he was able to complete and release the film as a silent (albeit with recorded music) at a time when the rest of the American motion picture industry had converted to sound.
 
Bron: uk.imdb.com
Chaplin is the only person to have gone down into cinematic history without any shadow of a doubt. The films he left behind can never grow old.

Andrei Tarkovsky

Chaplin was exceptionally nervous about the reception of the film just prior to its release in 1931. Silent films were a total anachronism by this time, with Hollywood having completely switched to sound films by the end of 1929. However, the film was enthusiastically received by Great Depression era audiences, and was one of Chaplin’s most financially successful and critically acclaimed releases. At the gala Hollywood premiere, Chaplin’s special guests were Albert Einstein and his wife Elsa. Chaplin wrote in his autobiography that he knew the film would be a success after watching the Einsteins‘ reactions. The film was theatrically re-released in 1950. Bron: en.wikipedia.org

City Lights [ en.wikipedia.org ]

zaterdag 6 maart 2010
Wyeth & Wyeth
Newell Convers Wyeth (1882-1945) en Andrew Newell Wyeth (1917-2009)

Vorig jaar overleed de Amerikaanse schilder Andrew Wyeth. Hij was de zoon van de legendarische illustrator Newell Convers Wyeth (1882-1945). In 1945 kwam deze met een tragisch ongeval om het leven samen met zijn kleinzoon op de spoorwegovergang vlakbij huis in Chadds Ford, Pennsylvania. Zijn zoon Andrew maakte de opdracht af waaraan zijn vader vlak voor zijn dood aan werkte. Dat was een serie muurschilderingen voor de Metropolitan Life Insurance Company met als thema de pelgrims van de Plymouth kolonie. De voorstellingen doen denken aan oude schoolplaten, zoals die van Johan Herman Isings (1884-1977). Een paar jaar later, in 1948 schilderde Andrew Wyeth zijn bekendste schilderij, Christina’s World dat een van de iconen van de twintigste eeuwse Amerikaanse schilderkunst is geworden en in het Museum of Modern Arts in New York hangt.

Christina's world
Andrew Wyeth Christina’s World, 1948
The Museum of Modern Art, New York
Newell Convers WyethNewell Convers Wyeth stierf in oktober 1945, wat een grote invloed op zijn zoon had. Hierna werd zijn werk emotioneler. Hoewel hij in zijn eerdere werk ook af en toe een menselijke figuur geschilderd had, bijvoorbeeld in Rum Runner (1944), begon hij pas na zijn vaders dood serieus mensen te schilderen. In 1966 trok een belangrijke overzichtstentoonstelling van Wyeth’s werk in de Pennsylvania Academy of Fine Arts in Philadelphia en het Baltimore Museum of Art in 1966-67 honderdduizenden bezoekers en brak bezoekersrecords in 1967 in het Whitney Museum voordat het naar het Art Institute of Chicago ging. In de periode 1971-1985 schilderde Andrew Wyeth een reeks portretten, getiteld de Helga Pictures. Hij maakte hiervoor 247 studies van hun buurvrouw, de Pruisische Helga Testorf, die onder meer muzikante was. In 1977 maakte Wyeth zijn eerste reis naar Europa, om geïnstalleerd te worden in de Franse Academie van de Schone Kunsten, de enige Amerikaanse kunstenaar sinds Singer Sargent die werd toegelaten tot de Academie. In 1978 werd hij door de Sovjet Academie van de Kunsten gekozen tot erelid. Recentelijk ontving Wyeth de 2007 National Medal of Arts.
 
Bron: nl.wikipedia.org

werken van Andrew Wyeth

Newell Convers Wyeth [ ncwyeth.org ]
Andrew Newell Wyeth [ andrewwyeth.com ]

vrijdag 5 maart 2010
alles is relatief [ 1 ]
laatst op de Filosofie Scheurkalender
alles is relatief
Mijn relativisme is ontstaan uit mijn scepticisme en een nog groter scepticisme is er het product van. Twijfel is de oorzaak, relativisme is de ziekte en een nog sterkere twijfel zijn de symptomen. Misschien zou het leven eenvoudiger zijn als ik een marxist was die in de revolutie geloofde of een diepgelovige katholiek die alles wat hij niet begrijpt kan toeschrijven aan zijn god. Ik zou in elk geval minder twijfelen, want elk argument dat niet binnen mijn idealisme zou vallen, zou ik zomaar negeren en die die mijn eigen ‘waarheid’ zouden ondersteunen, zou ik aanbidden. Maar ik ben wie ik ben: een alles-in-twijfel-trekker. Dat maakt het moeilijk een bruikbare persoonlijke ethiek te construeren. Als er toch iemand zou zijn die een idee heeft voor een absoluut, objectief fundament voor de ethiek ( iets waaruit dus volgt ‘hoe het zou moeten zijn’), laat het mij dan zo snel mogelijk weten. Het zou het getwijfel meteen een halt toeroepen en de zieke zou ineens genezen zijn.
 
Bron: pietervn.blogspot.com

filosofiemagazine.nl

donderdag 4 maart 2010
couleur locale [ 2 ]
knallen met behang : wallpaperfromthe70s.com
wallpaperfromthe70s.com
wallpaperfromthe70s.com
wallpaperfromthe70s.com
wallpaperfromthe70s.com

wallpaperfromthe70s.com

woensdag 3 maart 2010
lijnvoering
Vergangene Welten Graphic von Dürer, Callot, Rembrandt bis Richter

Vergangene WeltenBij de tentoonstelling Vergangene Welten (2006) in het Von der Heydt Museum in Wuppertal verscheen een dikke en fraai uitgevoerde catalogus. Gisteren kocht ik deze voor maar € 19,95 bij restseller Jokers in Düsseldorf. Het echtpaar Lohmann verzamelde ruim een halve eeuw prenten en bouwde een indrukwekkende collectie op met grafisch werk van 1500 tot de vroege twintigste eeuw. Daartoe behoren kopergravures van Albrecht Dürer (1471-1528), Lucas van Leyden (ca.1494-1533), Heinrich Aldegrever (1502-ca.1551/1561), Philipp Galle (1537-1612), Jacques Callot (1592-1635) en een puntgave serie kopergravures van Hendrick Goltzius (1554-1616) uit 1592, de negen muzen.

Jacopo de' Brabari
lijnenspel van Jacopo de’ Brabari
Pegasus (detail) ca. 1510

Deze Pegasus van Jacopo de’ Brabari behoort wel niet tot de Lohman Collectie, maar ze staat in duidelijk contrast met de kopergravures van Hendrick Goltzius. Wat ik aan de gravures van Goltzius zo bewonder, is de onberispelijke lijnvoering. Net als Ingres is hij een tekenaar die de perfecte vloeiende lijn beheerst. Nog meer dan de tekenaar moet de graveur kalligrafische kwaliteiten bezitten. De vloeiende lijn moet hij namelijk kunnen laten echoën in de arcering die nodig is om grijswaarden te scheppen. Wanneer ik Goltzius probeer te volgen, dan lijkt mijn lijnenspel meer op dat van Jacopo de’ Brabari: expressief misschien, maar ook onregelmatig.

Goltzius
lijnenspel van Hendrick Golzius ( dat door de interferentie met de lage beeldschermresolutie geweld wordt aangedaan ) detail van de muse Euterpe, 1592

Bij Goltzius lijkt het alsof hij over alles een grofmazige nylonkous trekt. Met zijn gevoelige naald fabriceert hij een soort 3D-wireframe met een bijna machinale consistentie en perfectie. Toch blijft zijn handschrift persoonlijk. Dat vind ik fascinerend om te zien.

Hendrik Goltzius [ W&V ] | meester van de lijn [ W&V ]

dinsdag 2 maart 2010
hoog, hoger, hoogst [ 12 ]
de eerste gietijzeren prefab bouw in SoHo New York ca. 1855

Laatst weer eens gelezen in American Visions van Robert Hughes over de geschiedenis van de Amerikaanse kunst. In het hoofdstuk Steden van Cement schrijft hij over de tweede helft van de negentiende eeuw. Het was voor mij een verrassing te lezen dat de oorsprong van de wolkenkrabber teruggaat tot vóór de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865). Het begon dus niet met de architect Louis Sullivan in de 1890’s maar al vier decennia eerder…

crystal palace 1851
Crystal Palace (1851) in Londen was het eerste grote gebouw dat gietijzeren prefab bouw introduceerde. Deze manier van bouwen zou dat niet alleen de Eiffeltoren maar ook de hoogbouw in de Verenigde Staten voortbrengen.
De belangrijkste uitdrukking ervan was de ijzeren-kooiconstructie waaruit de wolkenkrabber voortkwam, die aan het eind van de 19e eeuw gezichtsbepalend zou worden voor New York en Chicago. Die kooi werd niet op één specifiek moment uitgevonden, maar binnen een daarvoor noodzakelijk cultureel kader. Dat kader was niet de staaltechniek, maar hout. (…)
 
(…) De enorme groei van de Amerikaanse steden tussen 1840 en 1860, van San Francisco tot Chicago en ten slotte New York, was het gevolg van het (houten) ballonskelet - en de oorzaak van talloze rampzalige branden. Via het houten ballonskelet kwamen Amerikanen vervolgens op skeletbouw ter vervanging van massieve draagmuren. Vervolgens maakte de gezaagde balk in dat idee plaats voor gietijzeren balken en stijlen.
 
Deze techniek was uit Europa overgekomen. Het opzienbarendste voorbeeld ervan was Crystal Palace, in 1851 gebouwd door Joseph Paxton. IJzeren kooien werden op grote schaal toegepast in grote, gelijkvloerse marktgebouwen in Engeland en Europa: Covent Garden, Les Halles en de Boqueria in Barcelona. Maar in Amerika zou men gietijzer gaan toepassen in hoogbouw. Dat gebeurde voor het eerst in New York omstreeks 1855, in het industriegebied dat nu bekend staat als SoHo.
 
Bron: Amerika’s visioenen, Uitgeverij Balans 1997, blz. 274

Het eerste gebouw waarin de modulaire bouw met ijzer werd toegepast, was het Harpers & Brothers Building in New York ontworpen in 1854 door James Bogardus.

Harper & Brothers Building 1854
Harper & Brothers Building 1854

Harper & Brothers Building bestaat allang niet meer, maar toch zijn er in New York gelukkig nog oude ijzeren gebouwen van vóór de Amerikaanse Burgeroorlog bewaard gebleven. Op de blog The Masterpiece Next Door kwam ik een stukje tegen over Bruce Building in Canal Street. Mogelijk is het gebouwd door pionier James Bogardus. Het dateert uit 1856-57.

Bruce Building 1856-57
254-260 Canal Street
Of the thirty-seven buildings known to be or suspected to have been designed by cast-iron pioneer James Bogardus, only five survive. Of the remaining five, the Bruce Building is closer to “suspected” than “known,” as we have no direct proof of Bogardus‘ involvement; however, Bogardus did list Bruce as a client a year after this building was completed, and the Medusa heads topping the fourth-story arches are known to be characteristic of his work. I think it’s also possible there’s significance in Bruce’s background, as several of James Bogardus‘ largest known works were built for publishers, including the Sun Iron Building and the Harper & Brothers Publishing Plant; perhaps it was thought of as a minor specialty of Bogardus. It’s not much of a stretch to imagine the intuitive appeal a cast-iron building might have to someone who works with movable type, as both the printed page and something like the façade of 254-260 Canal Street are the fruits of individual pre-fabricated metal parts that can be mixed ‘n’ matched in infinite permutations.
 
Bron: epicharmus.com [ The Masterpiece Next Door ]
Architectural Iron Works
Architectural Iron Works
van Daniel Badger produceerde vóór de Burgeroorlog al gietijzeren prefab onderdelen

Een andere ijzeren prefab ‘wolkenkrabber’ uit de 1850’s is Haughwout Building op 488 Broadway, ontworpen door John Gaynor. De gietijzeren profielen werden gefabriceerd door Architectural Iron Works in New York van Daniel Badger. Deze fabriek had veel succes met de modellen van een Engelse ontwerper. Deze tekende catalogi vol met kroonlijsten, panelen en ballustrades die gebaseerd waren op historische stijlen. Ze gaven een facade klassieke uitstraling maar waren tegelijkertijd veel goedkoper dan beeldhouwwerk.

Haughwout Building 1857
488 Broadway
The E. V. Haughwout Building - 488 Broadway
The Haughwout Building was built in 1857, designed by architect John Gaynor. The cast iron was forged at Daniel Badger’s famous foundry. Its entire facade is comprised of 92 keystone arches crowned by an entablature comprised of several bandsof intricate friezes. The building featured the world’s first Otis passenger elevator, hydraulically powered. It ushered in the city’s first fashionable housewares district around Broome Street. The Haughwout Emporium was world famous in its day as manufacturers and purveyors of cut glass, porcelains, mirrors , chandeliers and more. Their clients included the Lincoln’s, and the Czar of Russia, among others. We are fortunate that this remarkable building exists today, because if Robert Moses had had his way in the 1960s, it would have been demolished for the proposed Lower Manhattan Expressway. Today the building’s ground floor is occupied by Staples, an office supply store.
 
Bron: sohonyc.com

Rise of the New York Skyscraper: 1865-1913Rise of the New York Skyscraper: 1865-1913
A confluence of technology (the elevator), social change (the increase in the number of office workers), and geology (a downtown limited in area by surrounding water) transformed New York City from an expanse of low buildings to a forest of skyscrapers. Landau, an art history professor at New York University, and Condit, a professor emeritus of art history at Northwestern, explore the development of the skyscraper from the 1868 Equitable Building, the first to use elevators for people rather than freight, to the Woolworth Building, which was called the “Cathedral of Commerce” and for which President Woodrow Wilson traveled to New York to activate the building’s lights during its grand opening.
 
Bron: amazon.com

meer wolkenkrabbers op deze blog

maandag 1 maart 2010
Thunderbirds life style
Close Up: de architectuur van John Lautner
herhaling vrijdagmiddag op Nederland 2 om 16.10

Elke vijfenveertigplusser herinnert zich waarschijnlijk nog de Tracy’s uit de Thunderbirds met hun aanstekelijke life style. De speelgoed SF-serie speelt zich af in het jaar 2065 maar ziet er erg 1965 uit. De Tracy’s wonen op hun privé tropisch eiland niet in een gewoon huis maar in een bungalow die John Lautner ontworpen zou kunnen hebben: strak, veel glas en in een ongerepte natuur, liefst half zwevend boven een waterval. Over John Lautner ging het gisteren in Close Up. Zaterdagmorgen volgt de herhaling op televisie, maar de documentaire is ook permanent in kleinbeeld op internet te zien.

Elrod House
Tracy Island uit de Thunderbirds
en Elrod House van John Lautner
Elrod House is een villa die ontworpen is door de Amerikaanse architect John Lautner. Het huis is destijds gebouwd in opdracht van de binnenhuisarchitect Arthur Elrod. Het staat in Palm Springs in Californië. Dit huis is een voorbeeld van zijn zogenaamde ‘Free architecture‘, waarbij architectuur en natuur worden gecombineerd. Het staat op de richel van een bergwand en de rotspartijen lopen dwars door de muren, ramen en vloeren naar binnen. Door de combinatie van beton, glas en de rotsen heeft het iets van een moderne grot. Het belangrijkste onderdeel van de woning is de kegelvormige woonkamer. Het zwembad ligt gedeeltelijk in deze woonkamer, en gedeeltelijk buiten. Het bad biedt een prachtig uitzicht over Palm Springs en de San Jacinto Peak. Er is een glazen schuifpui waarmee het binnendeel afgesloten kan worden van de buitenwereld. Het huis werd als decor gebruikt in de James Bondfilm Diamonds Are Forever.
 
Bron: nl.wikipedia.org

Elrod House Palm Springs

johnlautner.org

johannes@mimesis.nl

HTML Hit Counters
eXTReMe Tracker

het numineuze www.griffioen-beelden.nl

www.gerdrenshof.com

www.vanleestantiek.com

nl.orthodoxlogos.com

comics grafische vormgeving en webdesign muziek tekeningen en illustraties wetenschap taal & poëzie Rusland religie geschiedenis filosofie film boeken orthodoxie schilderkunst architectuur fotografie