Maandelijks archief: april 2005

in conclaaf

Vandaag begint in Rome het conclaaf
De dag na het overlijden begon de negendaagse periode van rouw. Vrijdag wordt de paus bijgezet met een grote mis in de Sint Pieter, wat de weg vrijmaakt voor het conclaaf van de kardinalen. Dat begint tussen 17 en 22 april en duurt net zo lang tot er een nieuwe paus is. 
Tot nog toe sliepen kardinalen tijdens zo’n conclaaf in sobere cellen. Ze mochten geen kranten lezen, geen televisie kijken of naar de radio luisteren, niet telefoneren en geen brieven schrijven. De regels zeggen niets over internet, maar aangenomen mag worden dat dat ook niet is toegestaan. 
Het strenge regime is iets versoepeld: in plaats van de oncomfortabele cellen slapen de kardinalen nu in een soort hotel in het Vaticaan.
De stemprocedure is ook iets veranderd door Johannes Paulus II, die een 13.000 woorden tellend document heeft nagelaten waarin staat hoe de kerk in de weken na zijn overlijden bestuurd moet worden. Na een votieve mis die het conclaaf inluidt zweren de de kardinalen (van de 183 zijn 117 onder de 80 jaar en dus stemgerechtigd) geheimhouding en kunnen meteen hun eerste stem uitbrengen. Dat doen ze met briefjes waarop staat: “Eligio in summum ponticem”, ofwel “Ik kies als paus”.
 
Eén voor één leggen de kardinalen hun briefjes in een miskelk, afgedekt met een schaal. Drie stemopnemers lezen de briefjes afzonderlijk en de laatste leest de naam hardop voor en rijgt het briefje aan een draad. Als alle briefjes zijn geregistreerd is duidelijk of tweederde van de kardinalen met dezelfde naam is gekomen, zo niet, dan moet opnieuw worden gestemd. De oude stembriefjes worden verbrand en er worden chemicaliën toegevoegd waardoor er zwarte rook opstijgt uit de befaamde schoorsteen waar tientallen camera’s hun lenzen op gericht zullen houden.
Er kan op die manier vier keer per dag worden gestemd, twee keer ‘s ochtends en twee keer ‘s middags. Als er na dertig stemmingen nog steeds geen tweederde meerderheid is voor één kandidaat, veranderen de regels volgens de clausule die Johannes Paulus II heeft toegevoegd. Dan volstaat een gewone meerderheid van vijftig procent van de stemmen. Met die verandering wordt voorkomen het conclaaf in een impasse terecht komt.
 
Vroeg of laat zullen de kardinalen aldus een nieuwe kerkvorst uit hun midden kiezen, en als dat gebeurt, stijgt eindelijk de witte rook op. Binnen een uur komt dan de oudste kardinaal die deelneemt aan het conclaaf het balkon van de Sint Pietersbasiliek op. Hij zal de verlossende woorden “Habemus Papam”, “We hebben een paus” spreken en de naam bekendmaken. Ook de pauselijke naam, die de gekozen kardinaal zelf kiest, wordt dan bekendgemaakt.
Bron: nosjournaal

overleven in de hel

gezien: the pianist (2002 )
van Roman Polanski, Ned 3 22.35 – 01.05
Op 23 september 1939 speelt de jonge pianist Wladyslaw Szpilman voor de radio „Nocturne in d-mineur„ van Frédéric Chopin. Door het lawaai van de bombardementen kan hij zichzelf nauwelijks horen. Een halfuur na afloop van dit optreden wordt de zaal van de Poolse omroep geraakt en is de radio definitief uit de lucht. De gevolgen van de bezetting voor Warschau zijn afschuwelijk: het getto, de joodse opstand, de deportaties. Maar terwijl zijn volledige familie en vele vrienden worden uitgemoord, tracht Szpilman te overleven in de gehavende stad. Hij krijgt daarbij hulp van Poolse verzetsstrijders.
Bron: moviemeter.nl
the pianist

thepianist.nl

het sussende relativisme voorbij

Loopt er een lijn van Mohammed A. naar Mohammed B.?
door Sam Janse in Letter & Geest

Islam en geweld zijn sinds 11 september 2001 voor de hele wereld met elkaar verbonden. Tegelijkertijd probeert bijna iedereen reflexmatig dit verband te ontkrachten. Een conflict tussen de moderniteit en de islam, tussen relativisme en religieus fundamentalisme, tussen de open globalisering en de gesloten levensovertuiging van meer dan een miljard moslims betekent immers een wereldbrand.

Dus hebben “we” besloten dat er geen conflict is met de islam, maar met het islamitisch fundamentalisme. We kunnen weer even gerust ademhalen. Wanneer iemand toch de islam zelf als een dreiging ziet, wordt hij als spelbreker en onheilsprofeet bestempeld als “islamofoob” en al te gemakkelijk met Geert Wilders op één hoop gegooid. En zo ontstaat er toch de gevreesde polariteit: Enerzijds de relativisten die de islam niet als dreiging ervaren, maar eerder geneigd zijn religie in het algemeen als dreiging te ervaren; anderzijds de “moslimhaters” die zich terecht de vraag blijven stellen of de islam vanuit zichzelf gewelddadigheid is.

In de zaterdagbijlage Letter & Geest van dagblad Trouw verschijnen regelmatig artikelen die het sussende relativisme bekritiseren. Dit weekend schrijft Sam Janse in Loopt er een lijn van Mohammed A. naar Mohammed B. o.a. het volgende:

Gebruik van geweld ter verwezenlijking van religieuze doelen is diep in de bodem van de islam verankerd. Islamitische theologen zullen dit geen leuke conclusie vinden. De meeste christelijke theologen in ons land trouwens ook niet. Maar ik ben bang dat de laatsten veelal gevangen zitten in een tunnelvisie waardoor ze de historische en actuele werkelijkheid niet meer onder ogen kunnen zien. Veel christenen scheppen zich in de dialoog een islam naar hun eigen religieuze beeld en gelijkenis: vriendelijk, pretentieloos, ongevaarlijk, relativistisch, en voeren met deze islam een plezierig gesprek.

Zich ervan bewust dat hij met deze conclusie als islamofoob gezien wordt, besluit hij met een geruststelling. Wanneer je het gewelddadige karakter van de islam erkent, hoef je nog niet bang te worden voor de moslim. Uiteindelijk blijft deze een medemens die enkel van ons verschilt door denkbeelden die in de 7e eeuw zijn geformuleerd. Deze denkbeelden staan vaak niet alleen haaks op deze tijd maar helaas ook op vreedzaam samenleven met andersdenkenden.

Wie bang is dat ik hiermee op oorlogspad ga, kan ik geruststellen: ik heb herhaaldelijk gepleit voor ruimte voor moslims in ons dorp Driebergen om hun eigen moskee te kunnen bouwen (in feite zijn het er twee geworden). Per slot van rekening is het hier geen Saoedi-Arabië. Ik wil in mijn pastorale praktijk ook nog wel eens het advies van bisschop Muskens doorgeven: nodig je islamitische buurman/buurvrouw een keer op de koffie. We moeten in dit land wel verder met elkaar. Eerlijkheid en duidelijkheid kunnen daartoe misschien ook bijdragen.