bij de presentatie van het WRR rapport Identificatie met Nederland
Wat leven we toch in een geweldig interessante tijd. Nee, dit is niet ironisch bedoeld. Ook al is de ironie tegenwoordig de manier geworden om met de waarheid om te gaan, ik maak er zelf op het moment supreme liever geen gebruik meer van. Ironie verhult en onthult. In de verhulling beschermen we onszelf en in de onthulling laten we zien wie we zijn en waar we staan: ik sta in een geweldig interessante tijd.
Dat besefte ik weer eens toen ik maandag op het journaal flitsen zag van de toespraak die prinses Maxima die dag had gehouden in verband met de presentatie van het WRR-rapport Identificatie met Nederland. Issues over de samenleving raken mij tot op het bot, want ik ben mij ervan bewust dat ik uiteindelijk géén individu ben. Ik ben tenslotte geen eilandje in een zee van eilandjes, maar een persoon die wezenlijk verbonden is met de samenleving. Met alle personen in de wereld deel ik de onpeilbare identiteit van het menszijn. ‘Het individu’ is voor mij een cocon en is per definitie bezig met het eigen (over)leven. Het ene individu bakent tegenover het andere individu zijn identiteit af: ik ben zus en niet zo (als zij of als jij). Zo leef ik eigenlijk binnen de muren van een voorlopige identiteit: het eigen zelfbeeld dat in een gespannen verhouding staat met de ander. Ik geloof dat prinses Maxima over onze werkelijke en persoonlijke identiteit sprak, toen ze zei:
Dat is het mooie van onze identiteit, dat ze zo open is. Maar wanneer we ons bedreigd voelen, gaan we de identiteit afbakenen. ‘We trekken ons’ terug in een groepsidenteit die zich gevormd heeft in het gebied waar ‘we’ geboren zijn, ‘we’ sluiten de rijen. Nederland is vol! Daarmee sluiten we ons af van de anderen, een riskante ontwikkeling. Want we zijn niet wie we zijn zonder de anderen. De Nederlandse identiteit is een artficiële identiteit en gaat niet zo diep als de identiteit die we als mensen met elkaar delen. Als Nederlander zit ik ergens gevangen in de Nederlandse identiteit, ook al heb ik de illusie als wereldburger daar helemaal vrij van te kunnen bewegen. Maar een Argentijnse kan dat zien. Daarom luister ik naar haar verhaal:
Zo„n zeven jaar geleden begon mijn zoektocht naar de Nederlandse identiteit. Daarbij werd ik geholpen door tal van lieve en wijze deskundigen. Ik had het voorrecht met veel mensen kennis te maken. Heel veel te zien, te horen en te proeven van Nederland.Het was een prachtige en rijke ervaring waarvoor ik enorm dankbaar ben. Maar „de„ Nederlandse identiteit? Nee, die heb ik niet gevonden. Nederland is: grote ramen zonder gordijnen, zodat iedereen goed naar binnen kan kijken. Maar ook: hechten aan privacy en gezelligheid. Nederland is: één koekje bij de thee. Maar ook: enorme gastvrijheid en warmte. Nederland is: nuchterheid en beheersing. Pragmatisme. Maar ook: samen intense emoties beleven.
Bron: koninklijkhuis.nl
Prinses Maxima zegt dus dat ze ‘de’ Nederlandse identiteit niet gevonden heeft. Maar ze noemt wel een aantal zaken die voor haar Nederlands zijn: grote ramen zonder gordijnen (open) één koekje bij de thee (zuinigheid) en nuchterheid en beheersing. In haar ontdekkingsreis is ze dus verschillende eigenschappen tegengekomen, maar ‘de’ Nederlandse identiteit heeft ze niet gevonden. Voor conservatieven als Geert Wilders is dat ‘goedbedoelde politiek correcte prietpraat’. Voor andere conservatieven is het een belediging of een bedreiging. Maar ik vind het hoopgevend dat er een toekomstige koningin is, die kan voelen of het te benauwd wordt in onze samenleving.
Bron: koninklijkhuis.nl

Het is natuurlijk gesproken vanuit een geloof in mensen en in die zin ook een wankele overtuiging. We weten namelijk uit de geschiedenis hoe we ons achter een groepsidentiteit kunnen verschansen en vervolgens anderen geen Lebensraum gunnen. Die duistere krachten zijn er altijd, buiten ons maar vooral ook binnen ons. Daarom moeten we waakzaam blijven en iedereen zijn ruimte en overtuiging gunnen. Juist ook Geert Wilders, omdat hij nu door velen als een bedreiging wordt gezien. Maar we hoeven niet bang te zijn voor hem en zijn gedachtengoed. Iemand die namens 600.000 Nederlanders bang is voor te grote openheid moet je niet gaan spiegelen, maar juist met open armen ontvangen en niet als een bedreiging zien.
Seks is, volgens een wetenschappelijke definitie, een daad waarbij een plezierig, gestaag accumulerend gevoel optreedt in de voortplantingsorganen, totdat het punt van „bevrijding„ optreedt. Maar als je seks zo wetenschappelijk omschrijft blijft er weinig van over en hoeven we er niet zoveel over te praten en te denken. In de wetenschap is dan ook het verlangen zoekgeraakt, dus precies datgene wat seks voor mensen zo interessant maakt. Aan essentiële vragen over seks gaat de wetenschap voorbij. Wat is bijvoorbeeld het „doel„ van seks? En wat is „goede„ seks? Dit zijn vragen die thuishoren in de filosofie. Pas sinds enkele decennia bestaat „filosofie van de seksualiteit„ als aparte tak van de wijsbegeerte.
Het is een slaapverwekkende buitencategorie: het wereldrecord pi opzeggen. Voor de meesten van ons, blijven cijferreeksen grijze strings en na 30 cijfers is het al dodelijk saai geworden. Maar voor fijnproevers wordt het na een paar honderd cijfers achter de komma pas echt smullen. Zij ervaren het getal pi als een veelkleurig en veelvormig landschap. Inmiddels staat het wereldrecord op de naam van een Japanner die tot 100.000 cijfers achter de komma is gekomen. Het gaat dus echt heel erg ver met de moeder van alle diarreecijfers. Afgelopen weekend was de Britse savant Daniel Tammet te gast in het 














