Maandelijks archief: april 2012

des hommes et des dieux

gezien op DVD: des hommes et des dieux (2010)

des hommes et des dieuxIn mei 1996 werd de wereld geschokt door een afgrijselijke gebeurtenis in Algerije. Zeven Franse monniken van een Trappistenkloostertje bij Tibhirine in de Atlas waren in het voorjaar van 1996 door een groepje extremisten van het GIA (een afsplitsing van het FIS) ontvoerd. In ruil voor gevangen terroristen in Frankrijk zouden de monniken weer vrij worden gelaten. Parijs ging niet in op de eisen van de ontvoerders en in mei 1996 bleken de zeven monniken te zijn vermoord. Alleen hun hoofden waren teruggevonden. De Franse regisseur Xavier Beauvois maakte een introspectieve film over de maanden die vooraf gingen aan de ontvoering van de monniken. Centraal in zijn film staat de innerlijke worsteling van de monniken met de grootste keuze waar een mens voor kan komen te staan: het leven behouden of het leven verliezen. Het gebied waarin hun kloostertje zich bevond, was door terroristische acties levensgevaarlijk geworden en de kloosterlingen moesten beslissen of ze zouden vertrekken of blijven.

Op intelligente wijze heeft Xavier Beauvois het christelijke en het menselijke met elkaar verenigd , zodat Des Hommes et des Dieux zowel christenen als niet-christenen weet aan te spreken. Des Hommes et des Dieux begint met een psalmtekst waaraan de film zijn naam dankt. “Ooit heb ik gezegd: U bent goden, zonen van de Allerhoogste, allemaal. Toch zult u sterven als mensen, ten val komen als aardse vorsten.” (Psalm 82:6-7) In deze psalmtekst wordt het menselijke en het goddelijke en het sterfelijke en het onsterfelijke met elkaar verbonden. Alle mensen hebben de hoogste roeping maar moeten desondanks sterven. Vanuit de innerlijke overtuiging dat we maar voor korte tijd op aarde zijn terwijl ons doel hoger ligt, zijn de monniken bereid het grootste offer te brengen, het eigen leven.

des hommes et des dieux“Er is geen grotere liefde dan je leven te geven voor je vrienden.” (Johannes 15:13) luidt een ander woord uit de Bijbel dat zowel christenen als niet-christenen aanspreekt. Want de persoonlijkheden die ons van binnen het diepste raken, zoals Gandhi, Nelson Mandela en Moeder Theresa, getuigen van deze kwaliteit. Zowel voor het christendom als voor het humanisme gaat er niets boven de liefde en de zelfopoffering. Toch staat religie tegenwoordig in gespannen verhouding met de humaniteit. Swami Vivekananda heeft wel eens gezegd dat de meest intense liefde die de mensheid ooit heeft gekend, door de religie tot ons gekomen is, maar dat ook de meest duivelse haat die de mensheid ooit heeft gekend door de religie tot ons gekomen is. Sinds 11 september 2011 weet de hele wereld definitief welke diabolische krachten religieus fanatisme in de mens kan losmaken. Moeten we nu bang zijn voor religie?

Des Hommes et des Dieux verplaatst ons in het leven van een klein groepje Frans monniken in trappistenkloostertje in de Atlas. Hun levens kabbelen voort in gebed, eenvoudige arbeid en zorg voor de plaatselijke bevolking. Terwijl het dagelijks officie de Cisterciënzer traditie volgt, ligt er bij de prior behalve een Bijbel ook een Koran in zijn werkkamer. Leven in een islamitisch land verplicht tot een interreligieuze dialoog om in harmonie met de islamitische bevolking samen te kunnen leven. In het eerste deel van de film worden we opgenomen in het dagelijks bestaan van de monniken: bidden, werken, een bezoek aan een besnijdenis van een jongetje in een naburig islamitisch dorp. Panorama´s van de kurkdroge Atlas wisselen de alledaagse bezigheden af. Deze verstilde natuuropnamen herinneren mij aan regisseur Ang Lee. Het leven van de monniken kabbelt traag maar harmonieus voort. Het is de stilte voor de storm.

Des Hommes et des Dieux trailer
Ooit heb ik gezegd: U bent goden, zonen van de Allerhoogste, allemaal. Toch zult u sterven als mensen, ten val komen als aardse vorsten.“

Psalm 82 : 6-7

Met de moord op een aantal Kroaten die als gastarbeider in Algerije werken, wordt de rust wreed verstoord. Korte tijd daarna wordt op klaarlichte dag een jonge vrouw op straat doodgestoken omdat ze ongesluierd over straat was gegaan. De aanslagen zijn gepleegd door een extremistische afsplitsing van het FIS dat van Algerije een fundamentalistische islamitische staat wil maken. Deze fundamentalistische moslims terroriseren de bevolking zodat het kloostertje van Tibhirine plotseling midden in onveilig gebied is komen te liggen. Het Algerijnse leger wordt ingezet en ook het klooster krijgt bescherming aangeboden. Prior Christian weigert wapens in het klooster. Hij stelt zich radicaal pacifistisch op naar het Evangeliewoord “Wie naar het zwaard grijpt, zal door het zwaard vergaan.” (Mattheus 26:52) dat kenmerkend is voor zijn geloof. (voor humanisten: zijn compromisloze idealisme.) Toch zijn enkele monniken zeer verontwaardigd dat hun prior zonder overleg de aangeboden bescherming van het klooster heeft afgewezen. Het is opeens iedereen duidelijk geworden: hun leven staat op het spel. Plotseling is de zelfopoffering in beeld gekomen. De prior geeft daarna zijn monniken de gelegenheid te kiezen: blijven of vertrekken. Ieder van hen is vrij om te gaan. Maar hij herinnert zijn monniken ook aan hun monniksgelofte: “Hier blijven lijkt onverstandig. Maar het is net zo onverstandig als monnik worden.”

In zijn dagboek, dat na zijn dood zijn testament werd, schreef prior Christian de Chergé:

We kunnen alleen mensen zijn als we ons de liefde voorstellen zoals die zich openbaart in Christus. Hij die vrijwillig een onrechtvaardig lot onderging. Als ons iets overkomt, wat ik niet hoop, dan wil ik solidair zijn met alle Algerijnse mannen en vrouwen die hun leven al hebben gegeven. We houden dit vol met hulp van Hem die ons ook heeft geroepen. Mijn verwondering blijft groot. Ik weet zeker dat God van de Algerijnen houdt. Hij wil hen dat bewijzen door hun ons leven te geven. Je kunt je afvragen: houden wij werkelijk van hen? Houden we wel genoeg van hen? Een beslissend moment voor ons allen.

Een van de indrukwekkendste scenes uit de film is nu al bekend als “Het Laatste Avondmaal”. We zien de monniken, kort voor hun ontvoering in de refter luisteren naar Het Zwanenmeer van Tsjaikowsky. De camera tast hun gezichten een voor een af. De monniken zwijgen en berusten. De uitdrukking op hun gezichten spreekt boekdelen. Persoonlijk vind ik de keuze voor de kamerbrede muziek van Tsjaikowsky uit de toon vallen in het sobere trappistenklooster. De scene is licht gekunsteld en balanceert op het randje tussen kunst en kitsch. In ieder geval blijft de Beauvois als Franse regisseur trouw aan de typisch Franse combinatie van pathétique en grandeur.

Des Hommes et des Dieux won in 2010 terecht de Zilveren Palm in Cannes. Michael Lonsdale (broeder Luc) en Lambert Wilson (prior Christian) blinken met hun ingetogen spel uit. Xavier Beauvais heeft een introspectieve film gemaakt, waarbij de nadruk ligt op de innerlijke worsteling van de monniken met de grote levensvraag als puntje bij paaltje komt: “Ben ik bereid om te sterven voor mijn geloof?” Het knappe is dat hij humanisten daarbij niets in de weg legt om deze vraag óók te stellen: “Ben ik bereid om te sterven voor mijn ideaal?” Dat geloof en dat ideaal vinden elkaar in hetzelfde doel: de anderen. En in dit geval de geterroriseerde moslimbevolking van de Atlas.

De droom van TibhirineDe droom van Tibhirine
In de nacht van 26 op 27 maart 1996 werden in het Algerijnse Tibhirine zeven trappisten van het klooster Onze-Lieve-Vrouw van de Atlas door een gewapend commando van hun bed gelicht en ontvoerd. Na twee maanden van onzekerheid, vertwijfeling en bang afwachten werden ze op 21 mei van datzelfde jaar terechtgesteld. Hun gewelddadige dood schokte de hele wereld. Ruim tien jaar na die tragische gebeurtenis klinkt de boodschap van de vermoorde trappisten actueler dan ooit. De bezieling van hun leven is een hart onder de riem voor al wie begaan is met het vreedzaam samenleven van verschillende culturen. Het geestelijk testament van Christian de Chergé, de toenmalige prior van het klooster, bestempelen sommigen dan ook terecht als een van de meest inspirerende teksten van deze tijd. In deze bundel maken we nader kennis met het indringende getuigenis van de ‘broeders van Tibhirine‘. Hoe gaf hun droom van een vreedzame multiculturele samenleving vorm aan hun leven van alledag?
Bron: bruna.nl

Des bons et Des méchants

gezien op DVD: Outside the Law (2010) van Rachid Bouchareb

Outside the LawDe Algerijnse vrijheidsstrijd tegen Frankrijk is in de filmgeschiedenis onlosmakelijk verbonden met het meesterwerk van Gillo Pontecorvo uit 1966. Op het Filmfestival van Venetiëwon de Italiaans-Algerijnse productie La battaglia di Algeri de Gouden Leeuw en ruim vier decennia later wordt ze tot de klassiekers gerekend. De Algerijnse regisseur Rachid Bouchareb volgde met zijn ambitieuze en dure (19,5 miljoen euro) productie Outside the Law (Hors-la-Loi) een andere koers dan La battaglia di Algeri. Het verhaal van de Algerijnse strijd om onafhankelijkheid wordt niet met journalistieke afstandelijkheid verteld, maar van binnenuit.

De onafhankelijkheidsoorlog van Algerije is en blijft natuurlijk een uitgesproken politiek onderwerp waarmee je als Algerijnse filmmaker in Frankrijk al gauw
een open zenuw raakt.

Hors-la-Loi volgt het leven van drie broers Saïd (Jamel Debbouze) Abdelkader (Roschdy Zem) en Messaoud (Sami Bouajila) tussen 1925 en 1961. Ieder reageert op zijn eigen manier op de Franse onderdrukking. Terwijl Abdelkader en Messaoud zich aansluiten bij het Front de Libération Nationale (FLN) en zich ontwikkelen tot twee hardliners in de gewapende onafhankelijkheidsstrijd, ontworstelt Saïd zich aan de armoede, ook als hij zich daarvoor tegen de Fransen moet aanschurken. Bouchareb heeft van Hors-la-loi eerder een keiharde gangsterfilm gemaakt dan een politieke film. Maar de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog is en blijft natuurlijk een uitgesproken politiek onderwerp, waarmee je als Algerijnse filmmaker in Frankrijk al gauw een open zenuw raakt.

Hors la Loi
de drie broers uit Outside the Law
Abdelkader (Roschdy Zem), Saïd (Jamel Debbouze) en Messaoud (Sami Bouajila)

Onmiddellijk bij het verschijnen van Hors-la-loi in mei 2010 was er Franse kritiek op de film. Met name de scenes over het bloedbad van Sétif op 8 mei 1945 zouden de historische werkelijkheid niet goed weerspiegelen. De Franse politicus Lionnel Luca, partijgenoot van Sarkozy, had felle kritiek op de scenes waarin vreedzame demonstrerende moslims op straat als konijnen door de colons worden afgeschoten. Hors-la-loi toont daarmee het beeld van genocide. Zo kon de Turkse premier Erdogan zijn Franse collega Sarkozy fijntjes aan het bloedbad van Sétif herinneren, toen recentelijk in Frankrijk een wet werd aangenomen die het ontkennen van de Armeense genocide strafbaar stelt.

Sétif 1945Maar in werkelijkheid hadden er in en rond Sétif gruwelen plaatsgevonden waarvan niet alleen moslims maar ook pieds-noirs (de Franse kolonisten) het slachtoffer waren geworden. Hors-la-loi laat daar niets van zien. Ook al stond het aantal vermoorde pieds-noirs niet in verhouding met het aantal vermoorde moslims, het plaatje is niet compleet als we alleen maar Algerijnen zien die door Fransen worden afgeknald. De barbaarse methoden waarmee Franse kolonisten werden afgeslacht en verminkt, brachten in het moederland direct na het einde van de Tweede Wereldoorlog zo’n schok teweeg, dat er onbeheerste represailles volgden. Tussen de vijftien en twintigduizend moslims werden doodgeschoten. Vreedzame moslims die door Franse colons genadeloos worden afgeschoten, is selectieve waarneming. Maar waar iedereen het over eens is, het bloedbad van Sétif werd het startschot voor de Algerijnse onafhankelijkheidsstrijd.

Bouchareb begint zijn verhaal overigens in 1925. Saïd, Abdelkader en Messaoud zijn nog heel klein wanneer hun vader en moeder het bevel krijgen om het land en de boerderij waar ze al generaties lang wonen, onmiddellijk te verlaten. Hun geboortegrond is door de Franse kolonisator onteigend. De moeder neemt nog snel wat aarde mee en wikkelt dat in een doek. Dit sentiment is typerend voor Bouchareb‘s aanpak. In het prille begin word je als kijker bijna met de rug tegen de muur gezet. Je kunt dan eigenlijk weinig anders meer als sympathie opbrengen voor het verjaagde gezinnetje en de Franse agressor hartgrondig gaan haten. In het begin van de film worden we frontaal geconfronteerd met zulk ten hemel schreiend onrecht dat je de verschrikkelijke wraak die daarna gaat komen bijna wel toejuichen moet. Bouchareb heeft zich laten verleiden tot een Hollywoodschema waarin de Fransen de méchants zijn en de Algerijnen de bons. Hors-la-loi is geen subtiele film.

Outside the Law trailer

In de eerste scenes die zich in 1925 en 1945 in Algerije afspelen, moest ik denken aan Bernardo Bertolucci‘s sociaalrealisme uit Novecento. De beelden zijn overbekend: de uitbuiting, de schrijnende armoede, de volksopstand en de martelaren van de revolutie. Maar als het verhaal zich in 1953 naar Frankrijk verplaatst, komen we in een soort film noir uit de jaren vijftig. Het tijdsbeeld met de onvermijdelijke hoeden en de belichting dragen daar alles aan bij. In het expliciete geweld is Hors-la-loi duidelijk schatplichtig aan The Godfather. Sommige scenes lijken wel geciteerd uit Coppola‘s meesterwerk. Ook wordt er nog een zijsprong gemaakt naar een ander toneel van het naoorlogse koloniale drama voor Frankrijk: Indochina. Messaoud, de grootste en sterkste broer van het drietal is in militaire dienst gegaan. Tijdens zijn gevangenschap in Frans Indochina wordt hij samen met het Algerijnse regiment waarin hij dienst genomen heeft, opgejut om zich te bevrijden van Frankrijk en te gaan vechten voor onafhankelijkheid van Algerije. Terug bij zijn broers in Frankrijk is Messaoud helemaal rijp voor de FLN.

Op 5 juli a.s. is het precies een halve eeuw geleden dat Algerije onafhankelijk werd. Aan het einde van Hors-la-Loi zien we historische beelden van een euforische menigte die met Algerijnse vlaggen uitbundig de onafhankelijk vieren. De zestigplussers onder ons zullen zich deze journaalbeelden zeker nog kunnen herinneren. Voor degenen die het niet bewust hebben meegemaakt, lijkt het de Arabische lente wel. De muziek bij deze beelden is episch en gedragen en niet feestelijk. Tenslotte heeft de onafhankelijkheidsstrijd aan ontelbare mensen het leven gekost en Bouchareb lijkt met deze muziek de doden te willen gedenken. Hierdoor hinkt Hors-la-Loi op twee gedachten: het is een keiharde gangsterfilm, maar tegelijkertijd ook een monument voor de gevallenen. La battaglia di Algeri maakt zich niet aan tweeslachtigheid schuldig, maar dat is en blijft dan ook een meesterwerk. Niettemin is Hors-la-Loi een prima onderhoudende film met genoeg kwaliteiten, niet in de laatste plaats het prima spel van Jamel Debbouze, Roschdy Zem en Sami Bouajila.

bespreking op filmorama.nl | Hors La Loi [ tadrart.com ]

Vrijheid, blijheid ?

gisterenavond gezien op Nederland 2: vrijheid
vanavond om 22.50 deel 2: gelijkheid

Gisterenavond met veel plezier gekeken naar het eerste deel van een documentaire-drieluik over Vrijheid, gelijkheid, broederschap. Met goedgekozen filmfragmenten werd getoond hoe we met z’n allen in Nederland sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog tegen onze vrijheid aankijken.

Vrijheid betekende in de naoorlogse jaren vooral: bevrijd van de Duitse bezetter. De gesloten wagen die voor de deur kwam rijden bleek niet meer van de Gestapo maar van de wasserij, op straat werd je niet zomaar meer aangehouden om je persoonsbewijs te tonen. Maar in de jaren vijftig was er nog steeds ontzag voor autoriteit. Kinderen stormden weg bij het zien van een politieagent. Een uniform kon een kamperend jong stel in de vrije natuur de schrik op het lijf jagen. Vrijheid was heel duidelijk begrensd door regels.

30 jaar vrij
30 jaar vrij 1945-1975
Op 5 mei 1975 kreeg ik op school deze poster. Jarenlang heeft deze nog in mijn slaapkamer gehangen.

In de jaren zestig begon de naoorlogse generatie zich af te zetten tegen de oudere generatie. Er was voor hen nog veel vrijheid te veroveren, vooral op het gebied van seksualiteit en autoriteit. De generatie van ’68 kwam in opstand tegen het gezag en ontketende een maatschappelijke revolutie. In de jaren zeventig was ‘inspraak’ een van de toverwoorden waarmee de oude gezagsstructuren werden opengebroken. Heilige huisjes moesten aan de kant voor de heilige individuele vrijheid. Aan deze libertijnse geest zat wel een keerzijde. Wanneer de individuele vrijheid te ver doorschiet, wordt het “ikke, ikke, ikke en de rest kan stikke.” zoals Frits Bolkestein die in deze aflevering aan het woord kwam, zijn kritiek uitte op het onbegrensd liberalisme. Er zijn wetten en regels nodig om de boel bij elkaar te houden.

HippiesDoordat het liberalisme gesteund werd door een enorme commercialisering, verloor de generatie van 1968 de strijd tegen de consumptiemaatschappij en het kapitalisme. Marketeers wisten heel sluw de jongeren aan hun producten te binden met het propageren van opwindende lifestyles. In de documentaire werd dit fraai geïllustreerd door een reclamespotje van Puch. We zien langharige jongeren hun vrijheid vieren met alles erop en eraan. Daarna crossen ze weg op hun Puch. Born to be wild! Wie wil dat niet? Kassa! Wie is er sterk genoeg om de strijd met de consumptiemaatschappij niet te verliezen? Je idealisme moet dan zo groot zijn dat je bereid bent tot het offer van armoede en sociaal isolement.

Wie is er sterk genoeg om de strijd met de consumptiemaatschappij niet te verliezen? Je idealisme moet dan zo groot zijn dat je bereid bent tot het offer van armoede en sociaal isolement.

In het begin van de jaren tachtig kwam de kentering. De protestgeneratie begon te beseffen dat ze de strijd tegen de welvaartsmaatschappij niet kon winnen. Of eigenlijk was het helemaal niet zo erg om een eigen stereo-installatie op je kamer te hebben en elke week nieuwe singles en muziekcassettes te kopen. Veel jongeren die zich verzet hadden tegen het kapitalisme, begonnen met het volwassen worden hun weerstand tegen het systeem te verliezen. Zo erg was het nu ook weer niet om maatschappelijke topposities te bereiken. De generatie die na de babyboomers kwam, liet zich vol overgave door de markt manipuleren. Na de stereo-installatie van de jaren zeventig kregen de jongeren in de jaren tachtig een videorecorder, een cd-speler en een televisie op hun slaapkamer en in de jaren negentig kwam daar de computer bij. Lang leve de welvaart!

Om gemakkelijk aan geld te komen, kwam er halverwege de jaren tachtig een nieuwe verleiding bij: de effectenbeurs. Rijk en arm, jong en oud kon ineens gaan beleggen in aandelen en opties. De eerste yuppen verschenen in het straatbeeld terwijl de hanenkammen steeds zeldzamer werden. Greed is good! Op dit punt sluit het eerste deel van het documentaire-drieluik uistekend aan op Het Snelle Geld dat een week geleden bij de VPRO van start is gegaan. Jort Kelder blikt in deze serie terug op 25 jaar kapitalisme in de polder. Vanavond wordt op Nederland 1 het tweede deel uit deze serie uitgezonden. Wanneer je aan het eind direct overschakelt naar Nederland 2 kun je gelijk verder met het tweede deel van Vrijheid, gelijkheid en broederschap.

promotiefilmpje bij Vrijheid

Het tweede deel van de eerste aflevering over vrijheid ging vooral over economie. De afgelopen vijfentwintig jaar is het marktdenken zo dominant geworden, dat onze vrijheid steeds meer een economische betekenis heeft gekregen. Je bent pas vrij als je kunt kopen wat je wilt. Door het consumentisme wordt de mens niet alleen herleid tot een consument maar ook tot een wezen dat onder voortdurende prestatiedruk moet leven. Jean-Paul Sartre heeft de post-christelijke mens opgezadeld met een loodzwaar vrijheidsbesef. We zijn volgens Sartre niet alleen absoluut vrij maar ook absoluut verantwoordelijk. In economische zin betekent het dat het menselijke bestaan gereduceerd wordt tot een individuele onderneming waarvan wijzelf de (enige) manager zijn. De verantwoordelijkheid voor ons maatschappelijke succes of falen ligt dus bij onszelf en bij niemand anders.

Trudy DehueTrudy Dehue, bekend van de depressie-epidemie kwam ook nog aan het woord. De existentialistische opvatting van vrijheid drukt zo zwaar op ons, dat we wel depressief moeten worden wanneer we geen succes in ons leven hebben. Zelfs als we normaal presteren, blijkt dat niet genoeg. Normaal is middelmatig en middelmatige mensen zijn ook loosers. Er is een permanente druk om te “pieken” en elke middelmatige of slechte prestatie is onze eigen schuld. In de post-christelijke tijd dachten we het achter ons gelaten te hebben, maar nu komt ‘dankzij’ de absolute vrijheidsopvatting van Sartre het loodzware schuldbesef tóch weer om de hoek kijken. Alleen is het nu niet meer de Kerk die op onze zielenpijn inspeelt, maar de pharmaceutische industrie.

Liberté, égalité, fraternité: het beroemde motto dat de lijfspreuk van Frankrijk vormt. De leus werd geïntroduceerd tijdens de Franse Revolutie (eind 18e eeuw) en sinds die tijd worden debatten gevoerd over de betekenis en de bruikbaarheid van de drie termen. Op 18, 19 en 20 april zendt de VARA een documentaire-drieluik uit, waarin de vraag wordt gesteld of het aloude ideaal van vrijheid, gelijkheid en broederschap in de 21e eeuw nog relevant voor ons is. Komt ons denken over de drie begrippen nog overeen met wat we er inmiddels aan wetenschappelijke kennis over hebben? Politicoloog en presentator Pieter Hilhorst loodst de kijker in drie films van vijftig minuten langs een opmerkelijk scala aan verrassende en nieuwe wetenschappelijke inzichten, die ons denken over de samenleving veranderen. Veel van onze ideeën over de mens en de economie blijken namelijk achterhaald.
 
Bron: omroep.vara.nl

Vanavond „Het Snelle Geld„ op Nederland 1 en „Gelijkheid„ om 22.50 uur op Nederland 2. Morgenavond om 23.15 uur op Nederland 2 het derde en laatste deel „Broederschap„